Doorslag van een officiële brief (typefout-correctie zichtbaar).
Origineel
Doorslag van een officiële brief (typefout-correctie zichtbaar). 9 oktober 1940 (verzonden op 10 oktober 1940 blijkens handgeschreven notitie). De Directeur (vermoedelijk van de Dienst Marktwezen, Amsterdam). Den Heer S. den Heyer, Van Egmondstraat 56, Den Haag. [Handgeschreven rechtsboven:] m. de Laer
[Handgeschreven middenboven:] verzonden 10/10
den Heer S.den Heyer,
Van Egmondstraat 56,
D e n H a a g.
28/67/2 M 9 October 1940.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 6 September jl. be-
richt ik U, dat U thans niet langer uitstel van Uw verplichting
om regelmatig Uw plaatsen op de markten Lindengracht en Wester-
straat te bezetten, kan worden verleend. Ook andere kooplieden,
die in haring handelen, komen nu weer regelmatig op de markt.
Indien U voortaan niet tenminste twee maal in de week een
plaats op de markt Lindengracht en drie maal in de vier weken
een plaats op de markt Westerstraat bezet, zullen de U ver-
leende vaste plaatsen worden ingetrokken, overeenkomstig de
desbetreffende bepalingen van het Reglement op de Markten.
De Directeur, Deze brief is een formele aanzegging van de Directeur van het Marktwezen aan haringkoopman S. den Heyer. De kern van de boodschap is dat een eerder verleend uitstel voor het bezetten van zijn vaste marktplaatsen wordt beëindigd.
De directeur stelt dat andere haringhandelaren inmiddels ook weer regelmatig op de markt verschijnen, waardoor er voor de heer Den Heyer geen reden meer is om weg te blijven. Er wordt een strikt ultimatum gesteld: hij dient minimaal twee keer per week op de Lindengracht en drie keer per vier weken op de Westerstraat aanwezig te zijn. Indien hij hier niet aan voldoet, zullen zijn vaste standplaatsvergunningen worden ingetrokken conform het geldende marktreglement. Het document dateert van oktober 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De markten op de Lindengracht en de Westerstraat bevinden zich in de Amsterdamse Jordaan en waren (en zijn) vitale punten voor de voedselvoorziening van de stad.
De vroege bezettingsperiode werd gekenmerkt door pogingen van de autoriteiten om het 'normale leven' en de economie zo snel mogelijk weer op gang te krijgen na de ontregeling van de meidagen. Het feit dat de haringkoopman uit Den Haag kwam, suggereert dat hij een aanzienlijke reis moest afleggen voor zijn handel in Amsterdam. Het eerdere uitstel kan te maken hebben gehad met transportproblemen of schaarste direct na de inval, maar in oktober 1940 werd de discipline voor markthandelaren weer aangescherpt om de continuïteit van de markten te waarborgen. S. den Heyer Marktwezen