Archief 745
Inventaris 745-327
Pagina 8
Dossier 92
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijke notitie of rapportfragment (pagina 6).

Origineel

Ambtelijke notitie of rapportfragment (pagina 6). Uit de opbrengsten der bedrijven zullen uiteraard alle kosten moeten worden betaald en de nodige aflossingen worden gedaan van aangegane verplichtingen.

De huurder zal tevens moeten reserveeren, met het oog op latere vernieuwingen c.q. uitbreidingen.

De ontwerpers van het plan zullen thans nader de positie van de tuinders, hun onderlinge verhoudingen en hun verhouding t.o.v. de in het leven te roepen lichamen moeten onder de oogen zien.

In de eerste plaats zal echter moeten worden nagegaan, tot hoever voor de gemeente Amsterdam medewerking in de uitvoering der plannen zal kunnen worden verkregen.

Na verkregen machtiging, Wethouder zaak onderhands bespreken met P.W. afdeelingen t.O. en Gr.B. daarna Financiën.

Eerst in later stadium kan overwogen of instelling Cie [Commissie] noodig of althans wenschelijk is.


In bovenstaande zijn een en ander krap berekend, ook wat totaal bebouwde oppervlakte betreft. Immers ten slotte moet plan aansluiten bij bestaande situatie.

Bij de uitwerking van de plannen De tekst betreft een beleidsmatig of financieel overleg over een specifiek ruimtelijk plan in Amsterdam, waarbij de volgende punten centraal staan:

  1. Financiële Exploitatie: Er wordt benadrukt dat de inkomsten uit de "bedrijven" (waarschijnlijk de toekomstige functies in het plan) alle kosten en schulden moeten dekken. Ook moet de huurder een reserve opbouwen voor de toekomst.
  2. Sociaal-Bestuurlijk: Er moet gekeken worden naar de positie van de huidige "tuinders" en hoe zij zich verhouden tot nieuw op te richten bestuurslichamen. Dit wijst op een transformatie van een agrarisch gebied naar een andere bestemming.
  3. Bestuurlijke Procedures: De steun van de gemeente Amsterdam is cruciaal. Er wordt een route uitgestippeld: eerst machtiging verkrijgen, dan moet de Wethouder overleggen met de afdelingen van Publieke Werken (P.W.), specifiek Technische Ontwerpen (t.O.) en het Grondbedrijf (Gr.B.), gevolgd door de afdeling Financiën.
  4. Ontwerpkaders: De auteur merkt op dat de berekeningen en het ruimtegebruik "krap" zijn ingestoken en dat het nieuwe plan dwingend moet aansluiten bij de reeds bestaande omgeving. Dit document lijkt deel uit te maken van de besluitvorming rondom de naoorlogse stadsuitbreiding van Amsterdam. De vermelding van "tuinders" is hierbij zeer specifiek; grote delen van de huidige Westelijke Tuinsteden (zoals Slotermeer en Geuzenveld) of de Amstelscheg waren voorheen gebieden met tuinbouwbedrijven.

Het proces waarbij een Wethouder overlegt met Publieke Werken en het Grondbedrijf is kenmerkend voor de Amsterdamse werkwijze in die periode (onder invloed van het Algemeen Uitbreidingsplan van 1934, dat na de oorlog werd uitgevoerd). De notitie weerspiegelt de spanning tussen de noodzaak tot vernieuwing/uitbreiding en de financiële en ruimtelijke beperkingen van de bestaande situatie. Gemeente Amsterdam Publieke Werken

Samenvatting

De tekst betreft een beleidsmatig of financieel overleg over een specifiek ruimtelijk plan in Amsterdam, waarbij de volgende punten centraal staan:

  1. Financiële Exploitatie: Er wordt benadrukt dat de inkomsten uit de "bedrijven" (waarschijnlijk de toekomstige functies in het plan) alle kosten en schulden moeten dekken. Ook moet de huurder een reserve opbouwen voor de toekomst.
  2. Sociaal-Bestuurlijk: Er moet gekeken worden naar de positie van de huidige "tuinders" en hoe zij zich verhouden tot nieuw op te richten bestuurslichamen. Dit wijst op een transformatie van een agrarisch gebied naar een andere bestemming.
  3. Bestuurlijke Procedures: De steun van de gemeente Amsterdam is cruciaal. Er wordt een route uitgestippeld: eerst machtiging verkrijgen, dan moet de Wethouder overleggen met de afdelingen van Publieke Werken (P.W.), specifiek Technische Ontwerpen (t.O.) en het Grondbedrijf (Gr.B.), gevolgd door de afdeling Financiën.
  4. Ontwerpkaders: De auteur merkt op dat de berekeningen en het ruimtegebruik "krap" zijn ingestoken en dat het nieuwe plan dwingend moet aansluiten bij de reeds bestaande omgeving.

Historische Context

Dit document lijkt deel uit te maken van de besluitvorming rondom de naoorlogse stadsuitbreiding van Amsterdam. De vermelding van "tuinders" is hierbij zeer specifiek; grote delen van de huidige Westelijke Tuinsteden (zoals Slotermeer en Geuzenveld) of de Amstelscheg waren voorheen gebieden met tuinbouwbedrijven.

Het proces waarbij een Wethouder overlegt met Publieke Werken en het Grondbedrijf is kenmerkend voor de Amsterdamse werkwijze in die periode (onder invloed van het Algemeen Uitbreidingsplan van 1934, dat na de oorlog werd uitgevoerd). De notitie weerspiegelt de spanning tussen de noodzaak tot vernieuwing/uitbreiding en de financiële en ruimtelijke beperkingen van de bestaande situatie.

Producten

Huishoudelijk: Pan Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Publieke Werken

Kooplieden in dit dossier 100

Aantal *Nombre* 100.—
Aantal *Nombre* 89.7
Aantal Nombre
Aantal Nombre
Aantal Nombre
A. Kooy Pzn.
Alle bedrijven samen¹).. *Ensemble* — 1,2
S. Montezinos *Ensemble.*
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* — 2,0
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* 868,5
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* 4,35
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* 100
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* ..... 25,1
Alle bedrijven te zamen. *Ensemble* 1,17
Alle bedr. te zamen + 109,9
Vriens. 38,9
Amsterdammerpolder, Groote IJ-, Overbraker Binnen- en Buiten-, Spieringhorner Binnen- en Buitenpolder 32 (306.49 ha)
Ander mestvee 80.879
Ander rundvee......... 100
Alle 100 kooplieden →