Archiefdocument
Origineel
de steun heb: Maar in dien mijn
vrouw nog spoedig aan het
werk gaat, zal ik ook eerder
mijn staanplaats bezetten.
Zo doende verzoek ik
u beleefd nog van u
uitstel te mogen hebben
Teeken ik Hoogachtu
J. Heiligers.
Rapenburg 76 I
A'dam. De tekst vormt het slot van een brief waarin de afzender, J. Heiligers, om uitstel vraagt. De kern van het verzoek is gekoppeld aan de werksituatie van zijn vrouw; zodra zij weer aan het werk gaat, kan de schrijver zijn eigen "staanplaats" weer innemen.
Opvallende taalkundige en paleografische kenmerken:
* Staanplaats: Dit kan duiden op een marktplaats, een standplaats voor een vervoermiddel (zoals een handkar) of een specifieke werkplek.
* Teeken ik Hoogachtu: Een verkorte, formele afsluiting, gebruikelijk in die tijd (voluit: "Teken ik met hoogachting").
* Interpunctie: Er wordt gebruik gemaakt van dubbele punten en komma's om de zinsstructuur aan te geven, wat wijst op een zekere mate van geletterdheid.
* Adres: Rapenburg 76 I is een adres in de Amsterdamse binnenstad. De brief lijkt een verzoek aan een autoriteit of instantie (zoals de gemeente of een marktmeester) om uitstel van een bepaalde verplichting of betaling. De schrijver geeft aan dat hij momenteel "steun" heeft of nodig heeft, wat suggereert dat hij zich in een financieel lastige positie bevindt. De herstart van de werkzaamheden van zijn vrouw is de voorwaarde voor de schrijver om zijn eigen broodwinning (op de staanplaats) weer op te pakken. Dit geeft een inkijkje in de sociaaleconomische realiteit van een Amsterdams gezin dat afhankelijk is van ambulante handel of een vergelijkbaar beroep. J. Heiligers