Ambtelijke nota / Adviesblad (onderdeel van een dossier).
Origineel
Ambtelijke nota / Adviesblad (onderdeel van een dossier). Juni - juli 1941 (betreft gebeurtenissen vanaf augustus 1940). [Stempel linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 25/50/3 1941
DOORGEZONDEN: 21/6-'41.
[Handgeschreven aantekeningen bovenin:]
599
M.C. [paraf]
advies 25/6 '41
Th. v. Meerkerken
advies 29-6-'41
[paraf]
[Hoofdtekst:]
C.H. Blanken heeft op 21 Augustus 1940 schriftelijk medegedeeld, dat hij van de hem toegekende voorkeurskaart voor de markt 'Alb. Cuijpstraat' geen gebruik kon maken (zie 25/171/1 '40). Dientengevolge is zijn naam van de soll. lijst geschrapt.
Thans verzoekt hij zijn oude nummer terug te krijgen dus het schrappen van zijn naam op de lijst ongedaan te maken.
Wordt dit verzoek ingewilligd, dan zou dit tegenover de kooplieden die na Augustus '40 op de lijst zijn geplaatst zeer onbillijk zijn. Vele andere kooplieden hebben gedurende de wintermaanden een marktplaats ingenomen en zouden bij inwilliging van het verzoek van Blanken worden achtergesteld.
Ik geef U dan ook in overweging den Wethouder te adviseren het verzoek van Blanken niet in te willigen.
[Kantlijn links:]
(zie rapport Chef Marktwezen) 8-7-'41 [paraf]
[Onderaan voorgedrukt:]
10.000-10-1937-1016 [Drukker:] Afzaken Mod & Co Amsterdam * Inhoud: Het document betreft een afwijzend advies over het verzoek van een marktkoopman, C.H. Blanken. Blanken had in augustus 1940 afstand gedaan van zijn voorkeursrecht (en daarmee zijn vaste plek) op de Albert Cuypmarkt. In de zomer van 1941 wil hij dit recht herstellen.
* Argumentatie: De ambtenaar adviseert negatief op basis van het principe van billijkheid. Andere kooplieden hebben namelijk de zware wintermaanden doorgewerkt en zijn op de wachtlijst gestegen. Het zou onrechtvaardig zijn om Blanken nu weer voor hen te plaatsen (zijn "oude nummer" teruggeven).
* Terminologie: "Soll. lijst" verwijst naar de sollicitantenlijst of de lijst van gegadigden voor een marktplaats. Een "voorkeurskaart" gaf een koopman het recht op een specifieke standplaats. Dit document is opgesteld tijdens de Duitse bezetting van Nederland (juni 1941). De bureaucratie van de gemeente Amsterdam functioneerde in deze periode grotendeels op de gebruikelijke wijze door. De Albert Cuypmarkt was ook toen een vitale bron van voedselvoorziening en inkomsten.
De timing van het verzoek is opvallend: Blanken gaf zijn kaart op in augustus 1940 (vlak na de capitulatie, mogelijk door onzekerheid of persoonlijke omstandigheden) en probeert bijna een jaar later zijn positie te herwinnen. De schaarste tijdens de oorlogsjaren maakte een vaste marktplaats op de "Cuyp" zeer waardevol, wat de strikte houding van de marktmeester en de nadruk op de rechten van degenen die "gedurende de wintermaanden" wel op de markt stonden, verklaart. C.H. Blanken M. No Gemeente Amsterdam Marktwezen