Archief 745
Inventaris 745-349
Pagina 456
Dossier 11
Jaar 1941
Stadsarchief

Ambtelijke correspondentie / Adviesrapportage.

Origineel

Ambtelijke correspondentie / Adviesrapportage. [Linksboven in de marge:]
Verzoek C.H.
Blanken om een
lager rangnummer
op de soll. lijst van
de Markten

[Rechtsboven:]
A'dam, 12/7 1941
W. h. M [In rood: 25/58/577]
[Aantekening in potlood: 14/7 L.M. 188]

[Hoofdtekst:]
Onder terugzending
van het met Uw kantbrief
dd. 20 Juni jl om advies ontvan-
gen stuk No 633 L. M. 1941
heb ik de eer U te berichten, dat
adressant, die op de sollicitanten-
lijst voor de markt Albert Cuyp-
straat was ingeschreven, op
21 Augustus 1940 schriftelijk
heeft medegedeeld, dat hij van
de hem voor die markt
verleende voorkeurskaart geen
gebruik kon maken en dat hij
zijn standplaats aan het Wetering-
plantsoen weder ging innemen.
Op grond hiervan is zijn
naam op 5 September 1940
van voornoemde sollicitanten-
lijst afgevoerd.
Adressant kan thans blijkbaar
op de hem verleende standplaats
zijn brood niet meer verdienen,
waarom hij verzocht, Het document is een ambtelijk schrijven waarin verslag wordt gedaan van de voorgeschiedenis van een marktkoopman, C.H. Blanken. De kern van de zaak is dat Blanken in augustus 1940 afstand heeft gedaan van zijn plek (of voorkeur) voor de Albert Cuypmarkt om op het Weteringplantsoen te blijven staan. Als gevolg daarvan werd hij van de sollicitantenlijst geschrapt.

In juli 1941 komt hij op dit besluit terug. De economische omstandigheden op het Weteringplantsoen zijn blijkbaar verslechterd ("kan thans blijkbaar [...] zijn brood niet meer verdienen"), waardoor hij opnieuw op de lijst voor de Albert Cuypstraat wil worden geplaatst, met behoud van zijn oude (lagere en dus gunstigere) rangnummer. De brief dient als advies aan een hogere instantie naar aanleiding van een "kantbrief" (een begeleidend schrijven in de marge van een dossier). Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (juli 1941). De Amsterdamse markten stonden in deze tijd onder streng toezicht en de economische druk op kleine zelfstandigen was groot door schaarste en distributiemaatregelen.

De "Albert Cuyp" was (en is) een van de belangrijkste markten van de stad. Een "lager rangnummer" op de sollicitantenlijst was essentieel; hoe lager het nummer, hoe eerder men in aanmerking kwam voor een felbegeerde vaste standplaats. Het feit dat de man zijn brood niet meer kon verdienen op het Weteringplantsoen, wijst op de verschuivende dynamiek en mogelijke verarming in bepaalde wijken van Amsterdam tijdens het tweede oorlogsjaar. De afkorting "W. h. M" staat vermoedelijk voor de afdeling 'Wegen, Havens en Markten' van de gemeente Amsterdam.

Samenvatting

Het document is een ambtelijk schrijven waarin verslag wordt gedaan van de voorgeschiedenis van een marktkoopman, C.H. Blanken. De kern van de zaak is dat Blanken in augustus 1940 afstand heeft gedaan van zijn plek (of voorkeur) voor de Albert Cuypmarkt om op het Weteringplantsoen te blijven staan. Als gevolg daarvan werd hij van de sollicitantenlijst geschrapt.

In juli 1941 komt hij op dit besluit terug. De economische omstandigheden op het Weteringplantsoen zijn blijkbaar verslechterd ("kan thans blijkbaar [...] zijn brood niet meer verdienen"), waardoor hij opnieuw op de lijst voor de Albert Cuypstraat wil worden geplaatst, met behoud van zijn oude (lagere en dus gunstigere) rangnummer. De brief dient als advies aan een hogere instantie naar aanleiding van een "kantbrief" (een begeleidend schrijven in de marge van een dossier).

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (juli 1941). De Amsterdamse markten stonden in deze tijd onder streng toezicht en de economische druk op kleine zelfstandigen was groot door schaarste en distributiemaatregelen.

De "Albert Cuyp" was (en is) een van de belangrijkste markten van de stad. Een "lager rangnummer" op de sollicitantenlijst was essentieel; hoe lager het nummer, hoe eerder men in aanmerking kwam voor een felbegeerde vaste standplaats. Het feit dat de man zijn brood niet meer kon verdienen op het Weteringplantsoen, wijst op de verschuivende dynamiek en mogelijke verarming in bepaalde wijken van Amsterdam tijdens het tweede oorlogsjaar. De afkorting "W. h. M" staat vermoedelijk voor de afdeling 'Wegen, Havens en Markten' van de gemeente Amsterdam.

Locaties

Amsterdam (A'dam).