Bewijs van ontvangst van een markt-voorkeurskaart.
Origineel
Bewijs van ontvangst van een markt-voorkeurskaart. 19 mei 1941. [Linksboven:]
MARKTWEZEN
AMSTERDAM
[Rechtsboven:]
No. 1296
[Midden boven:]
BERICHT AFHALEN VOORKEURSKAART
[Body:]
Heden werd door G. Kleijn.
Afgehaald:
Voorkeurskaart No. 773 tot het bezetten van een plaats op de
[stempel:] ALBERT CUYPSTRAAT.
Alg. Dagmarkt
~~Weekmarkt~~
[Onderaan:]
AMSTERDAM, [stempel:] 19 MEI 1941 19 ....... .
Voor den Inspecteur van het Marktwezen,
[handtekening:] J. v. Robbel-
AAN DEN MARKTAMBTENAAR.
M.W. 45 2000-3-'39-188
[Verticaal rechts, handgeschreven notitie:]
Th. v. Vree!
P.v.p. voorkeurshouder mag
vorderen. Op een ruimte in
"varkenshoek" bovendien zien
ingediend of volst. met
maken van markt-inrichting
w/w [handtekening] Dit document is een officieel bewijs van afgifte van een voorkeurskaart door de dienst Marktwezen van de gemeente Amsterdam. De kaart met nummer 773 geeft de houder, G. Kleijn, het recht op een vaste staanplaats op de dagmarkt in de Albert Cuypstraat.
De handgeschreven aantekening in de kantlijn is gericht aan een zekere "Th. v. Vree", vermoedelijk een marktmeester of ambtenaar ter plaatse. De notitie bevat specifieke instructies over de rechten van de voorkeurshouder in de zogenaamde "varkenshoek" (een historische benaming voor een deel van de Albert Cuypmarkt) en de inrichting van de marktplaats. Het document is ondertekend namens de Inspecteur van het Marktwezen door J. van Robbelen (een bekende functionaris van deze dienst in die tijd). Het document dateert van mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de bureaucratie rondom de Amsterdamse markten zeer strikt. Voorkeurskaarten waren essentieel voor marktkooplieden om hun broodwinning te beschermen in een tijd van toenemende schaarste en regulering.
De Albert Cuypmarkt was (en is) de belangrijkste dagmarkt van Amsterdam. Het jaar 1941 is historisch saillant omdat de Duitse bezetter in dit jaar de maatregelen tegen Joodse marktkooplieden intensiveerde, waarbij zij stelselmatig van de reguliere markten werden verdreven naar aparte 'Joodse markten'. Hoewel dit document een reguliere administratieve handeling betreft, toont het de nauwgezette controle op de marktplaatsen in oorlogstijd. De term "varkenshoek" verwijst naar het gedeelte van de markt nabij de Ferdinand Bolstraat, waar van oudsher specifieke handel plaatsvond. G. Kleijn J. van Robbelen Gemeente Amsterdam Marktwezen