Archief 745
Inventaris 745-367
Pagina 11
Dossier 37
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte rapportage (doorslag of origineel op briefpapier).

Origineel

Getypte rapportage (doorslag of origineel op briefpapier). [Pagina 6]

  • 6 -

zijn, in verband waarmede het gewenscht is te weten, welke gewassen er
zullen worden geteeld, hoe groot de agrarische bedrijven van verschil-
lenden aard zijn gedacht, op welke plaatsen er veilingen in de nieuwe
polders zullen ontstaan, enz.

Het spreekt wel haast vanzelf, dat in den polder ook andere dan
zuiver op het agrarisch bedrijf georiënteerde industrieën zullen ont-
staan. De wijze, waarop en de mate, waarin daarvoor voorzieningen zullen
worden getroffen, zullen Amsterdam althans ten deele niet onverschil-
lig kunnen laten.

Ten slotte is een zeer belangrijke vraag òf, wanneer, hoelang en
hoeveel Amsterdamsche werklieden bij de uitvoering te werk gesteld
zullen kunnen worden.

Met deze korte en ongetwijfeld onvolledige opsomming van punten,
waaromtrent bij de samenstelling van het plan der polders met het
hoofdstedelijk belang rekening ware te houden, moge worden volstaan
ten bewijze, dat die belangen het beste kunnen worden bestudeerd door
een doelmatig samengestelde Commissie, welke haar bevindingen in een
of meer rapporten zal kunnen neerleggen. In deze Commissie zullen de
Diensten en Bedrijven, welke de genoemde belangen hebben te behartigen
met een of meer personen al naar gelang van den aard en de veelzijdig-
heid van hun werkgebied vertegenwoordigd moeten zijn.

Gedacht wordt aan een in hoofdzaak ambtelijke Commissie onder
Voorzitterschap van den Wethouder voor de Publieke Werken, waarin Pu-
blieke Werken, Handelsinrichtingen, de Havendienst, de Waterleidingen,
het Marktwezen en het Gemeentelijk Bureau voor Werkverruiming vertegen-
woordigd zullen moeten zijn. Eventueel ware de ambtelijke Commissie aan
te vullen met (een) vertegenwoordiger(s) van de Kamer van Koophandel
te Amsterdam, ten einde het inzicht van het particuliere bedrijfsleven
gelegenheid te geven zich te uiten.

[Pagina 7]

  • 7 -

De Commissie zou zich, ten einde zoo spoedig mogelijk rapport te
kunnen uitbrengen, dienen te splitsen in subcommissies voor elk der
onderwerpen of groepen van samenhangende onderwerpen, waardoor het
mogelijk zal zijn bepaalde wenschen reeds ter kennis te brengen alvo-
rens het geheele gebied zal zijn onderzocht.

Rest ten slotte nog te bespreken op welke wijze een permanent
contact tusschen Amsterdam en het plan-bureau der Zuiderzeewerken kan
worden verkregen. Zooals de Wethouder voor de Publieke Werken in zijn
antwoord aan Mr. Jansma in de raadsvergadering van 19 December j.l.
heeft uiteengezet, heeft de Minister destijds naar aanleiding van het
verzoek een vertegenwoordiger van Amsterdam in den Zuiderzeeraad te
benoemen, toegezegd te zullen overwegen of bij de voorbereiding van de
Zuidelijke polders aan dit verzoek zou kunnen worden voldaan. Het zou
dus aangewezen zijn thans hierop terug te komen en den Secretaris-Ge-
neraal aan de vroegere toezegging te herinneren. Dit zou dan tevens
een goede aanleiding kunnen zijn om, aannemende, dat Burgemeester en
Wethouders gevolg zullen geven aan den in de motie-Jansma c.s. uitge-
sproken wensch tot het instellen van een Gemeentelijke Commissie, den
Secretaris-Generaal van het voornemen daartoe in kennis te stellen en
de organisatie-quaestie ter sprake te brengen.

Naast en behalve het opnemen van een Amsterdamsch vertegenwoor-
diger in den Zuiderzeeraad ware ook het voeren van direct overleg
tusschen Amsterdam en het plan-bureau te bepleiten. Op verschillende
punten van technischen aard vindt dit overleg thans reeds plaats.
Door in dit overleg met wederzijdsch goedvinden geleidelijk ook de
overige genoemde en door de Commissie te onderzoeken onderwerpen te
betrekken, kan het gewenschte contact op de eenvoudigste wijze tot
stand komen, waarbij dan telkens die deskundigen, die van het aan de * Taal en Stijl: Het document is opgesteld in een formele, ambtelijke stijl met gebruik van de destijds gangbare spelling (bijv. "gewenscht", "den", "quaestie").
* Kernpunten:
1. Economische Belangen: Amsterdam wil invloed op de landbouw- en industriële planning in de polders, omdat dit direct effect heeft op de Amsterdamse markt en handel.
2. Werkgelegenheid: De inzet van Amsterdamse arbeiders bij de uitvoering van de Zuiderzeewerken is een prioriteit.
3. Bestuurlijke Inrichting: Er wordt voorgesteld een gemeentelijke commissie in te stellen met vertegenwoordigers van relevante diensten (zoals Havendienst en Publieke Werken).
4. Lobby: De gemeente streeft naar een zetel in de nationale Zuiderzeeraad en direct overleg met het landelijke planbureau.
* Toon: Strategisch en proactief. De stad Amsterdam positioneert zich als een essentiële partner in de nationale ontwikkeling van de nieuwe polders. Dit document stamt uit de periode dat de plannen voor de drooglegging van de IJsselmeerpolders (de Zuiderzeewerken) in volle gang waren. De "motie-Jansma" verwijst naar Tjerk Jansma, een liberaal gemeenteraadslid in Amsterdam. De stad Amsterdam maakte zich grote zorgen dat de nieuwe landbouwgronden en de infrastructuur in de polders de economische positie van de hoofdstad zouden ondermijnen als er niet nauw werd samengewerkt. Het document markeert de overgang van informele technische samenwerking naar een meer formele politieke en ambtelijke structuur om de Amsterdamse belangen veilig te stellen in wat later de provincie Flevoland zou worden.

Samenvatting

  • Taal en Stijl: Het document is opgesteld in een formele, ambtelijke stijl met gebruik van de destijds gangbare spelling (bijv. "gewenscht", "den", "quaestie").
  • Kernpunten:
    1. Economische Belangen: Amsterdam wil invloed op de landbouw- en industriële planning in de polders, omdat dit direct effect heeft op de Amsterdamse markt en handel.
    2. Werkgelegenheid: De inzet van Amsterdamse arbeiders bij de uitvoering van de Zuiderzeewerken is een prioriteit.
    3. Bestuurlijke Inrichting: Er wordt voorgesteld een gemeentelijke commissie in te stellen met vertegenwoordigers van relevante diensten (zoals Havendienst en Publieke Werken).
    4. Lobby: De gemeente streeft naar een zetel in de nationale Zuiderzeeraad en direct overleg met het landelijke planbureau.
  • Toon: Strategisch en proactief. De stad Amsterdam positioneert zich als een essentiële partner in de nationale ontwikkeling van de nieuwe polders.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode dat de plannen voor de drooglegging van de IJsselmeerpolders (de Zuiderzeewerken) in volle gang waren. De "motie-Jansma" verwijst naar Tjerk Jansma, een liberaal gemeenteraadslid in Amsterdam. De stad Amsterdam maakte zich grote zorgen dat de nieuwe landbouwgronden en de infrastructuur in de polders de economische positie van de hoofdstad zouden ondermijnen als er niet nauw werd samengewerkt. Het document markeert de overgang van informele technische samenwerking naar een meer formele politieke en ambtelijke structuur om de Amsterdamse belangen veilig te stellen in wat later de provincie Flevoland zou worden.

Kooplieden in dit dossier 34

Amstelmeer met Amstelmeerkanaal en Waard- en Groetkanaal
Andere hakvruchten 375000 "
Andere handels- gewassen$^2$) 9375 "
Dorpskernen en industrieterreinen
Erven van gebouwen en lustplaatsen 2,2
Boonen 87500 "
Boonen 87500 "
Groenvoeder- Gewassen - $^3)$
Kanalen, vaarten en tochten
J. Zand ( 1,3)
A. Geboorte ( 1,3)
J. Zand (16,6)
A. Geboorte (16,6)
Lichte zavel
Lichte zavel (20,8)
A. Geboorte (20,8)
N.O.polder 47600
Onbelastbare eigendommen 3,3
B. Overige 3169
B. Overige 96250 "
B. Overige 43750 "
Overige handels- gewassen 1751$^4)$
Overige knol-, Wortel- en bolgewassen 50700
Rietland, kwelders, moeras 0,1
Wieringermeerdijk en Amstelmeerdijk
Z.O.polder 93700
Alle 34 kooplieden →