Getypte rapportagepagina (pagina 2).
Origineel
Getypte rapportagepagina (pagina 2). Ongedateerd, maar op basis van spelling en inhoud vermoedelijk jaren '30 of begin jaren '40 van de 20e eeuw. -2-
Zoolang de toestand van den Noordzeekanaalboezem dit
toelaat, zal het IJmeer loozen via het Noordzeekanaal
te IJmuiden. In verband hiermede zal de spuigelegenheid
te Schellingwoude verruimd moeten worden. Er wordt op-
gerekend, dat tengevolge van de loozing op het IJmeer
geen voor de scheepvaart hinderlijke stroomsnelleheden
op het Noordzeekanaal zullen ontstaan. Zoodra de toe-
stand op den Noordzeekanaalboezem het loozen van het
IJmeer niet meer toelaat en het IJmeer zelf afgespuid
moet worden, zal dit via het middenkanaal op het IJssel-
meer plaatsvinden. Zoodra de toestant van den Noordzee-
kanaalboezem bemaling eischt, zal deze op den IJmeer-
boezem kunnen plaats hebben.
De westelijke bedijking van den Zuidwestelijken
polder zal denhoek van de Nes dicht naderen, zoodat
aldaar gelegenheid voor het maken van een overbrugging
zal ontstaan. Benoorden de haven van Edam zal de be-
dijking aan de kust aansluiten. Hierdoor zou de door-
gaande vaart van Amsterdam naar Hoorn en Enkhuizen
worden afgesneden. Daarom is door den Zuidwestelijken
polder van even bezuiden Edam tot ongeveer tegenover
Oosterleek een 600 tons kanaal ontworpen, dat door
middel van een polderkanaal ook verbinding zal krijgen
met Hoorn. Op deze wijze zal dus een scheepvaartweg
worden verkregen voor de vaart, welke ook in de toekomst
via Enkhuizen zal willen gaan.
Het volgende staatje geeft een overzicht van de
in den Zuidwestelijken polder te verwachten grondsoor-
ten; de tusschen haakjes geplaatste cijfers geven de
percentages van de betreffende grondsoort in den
Noordoostelijken polder.
| Grondsoort | Oppervlakte in ha | Oppervlakte in % | (Vergelijking N.O. polder %) |
|---|---|---|---|
| Klei | 28.000 | 49 | (33,2) |
| Zware zavel | 9.500 | 16,6 | (26,2) |
| Lichte zavel | 5.000 | 8,7 | (20,8) |
| Kleihoudend zand | 14.000 | 24,4 | (16,6) |
| Kleiarm zand | 750 | 1,3 | ( 1,3) |
| Veen | - | - | ( 1,8) |
| Keileem | - | - | ( 0,1) |
| Totaal | 57.250 | 100 | (100) |
| * Infrastructuur: Er wordt gesproken over een noodzakelijke overbrugging bij de Nes en de aanleg van een nieuw kanaal (geschikt voor schepen tot 600 ton) om de scheepvaartroute tussen Amsterdam, Hoorn en Enkhuizen te waarborgen na de aanleg van de polderdijk. | |||
| * Bodemgesteldheid: De tabel toont dat de Zuidwestelijke polder naar verwachting zeer vruchtbaar zou zijn, met een aanzienlijk hoger percentage klei (49%) dan de Noordoostpolder (33,2%). | |||
| * Taalkundige details: De tekst bevat enkele (type)fouten zoals "stroomsnelleheden" (stroomsnelheden), "toestant" (toestand) en "denhoek" (de hoek). De spelling (bijv. "loozen", "bedijking") is conform de schrijfwijze van vóór de spellinghervorming van 1947. Dit document maakt deel uit van de planningsfase van de Zuiderzeewerken, specifiek gericht op de 'Zuidwestelijke Polder'. Deze polder, die later bekend zou staan als de Markerwaard, was bedoeld als de vijfde en laatste grote polder van het project. De tekst illustreert hoe gedetailleerd de ingenieurs rekening hielden met zowel de afwatering van het achterland als de belangen van de commerciële scheepvaart. Hoewel de dijken gedeeltelijk zijn aangelegd (zoals de Houtribdijk tussen Enkhuizen en Lelystad), is de inpoldering van de Markerwaard uiteindelijk nooit voltooid; het gebied bleef het huidige Markermeer. De vergelijking met de Noordoostpolder (drooggevallen in 1942) suggereert dat dit document rond die periode is opgesteld. |