Archief 745
Inventaris 745-367
Pagina 65
Dossier 2A
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypt verslag van een vergadering (notulen).

Origineel

Getypt verslag van een vergadering (notulen). -4-

het water aan de Directie van de Zuiderzeewerken dient te worden voorgelegd.

Terugkomend op den landbouw in de nieuwe polders, verzoekt spreker den Secretaris een brief op te stellen aan den Voorzitter der Plenocommissie, waarin wordt kenbaar gemaakt, dat zoowel de Industrieele Subcommissie als de Agrarische Subcommissie het van belang achten den heer Smeding in de vergadering der Plenocommissie te hooren, alvorens met voorstellen te kunnen komen.

De heer INCKEL vraagt, of de voor de verwarming benoodigde energie door Amsterdam geleverd zal worden.
De heer LULOFS antwoordt, dat de electriciteitsvoorziening van den Z.W.polder door het P.E.N. zal geschieden.

De VOORZITTER zegt, dat de kwestie of er ten gevolge van de inpoldering van den Z.W.polder hier landbouwindustrieën zullen worden opgericht ook in de Industrieele Subcommissie is besproken. In deze Commissie verwacht men niet, dat zich in Amsterdam landbouwindustrieën van eenige beteekenis zouden gaan vestigen. Aardappelmeelfabrieken worden niet verwacht, omdat de in den Z.W.polder te verbouwen aardappelen te goed zullen zyn om tot aardappelmeel te worden verwerkt. De vestiging van een suikerfabriek wordt wel mogelyk geacht, doch zoo'n fabriek is voor Amsterdam niet aanlokkelyk, omdat deze slechts enkele maanden van het jaar werkt en de mogelykheid niet uitgesloten is, dat de arbeidskrachten, welke in deze maanden in de fabriek werk zouden vinden, het overige gedeelte van het jaar in Amsterdam zouden blyven hangen, waardoor het percentage werkloozen zou worden vermeerderd.

De heer LULOFS merkt op, dat in den tyd, gedurende welken de suikerfabriek in bedryf is, het in Amsterdam aanwezige percentage werkloozen het grootst zal zyn, zoodat het nog maar de vraag is, of een hier te stichten suikerfabriek arbeidskrachten van buiten tot zich zal trekken. Bovendien heeft een zoodanige fabriek nog allerlei behoeften, waarvan de Amsterdamsche industrie zou kunnen profiteeren.

De VOORZITTER zegt, dat de suikerfabrieken veel gebruik maken van landelyke arbeidskrachten. Daarom acht spreker voor Amsterdam de oprichting van een suikerfabriek hier ter stede niet aanlokkelyk. Ook de oprichting van stroocarton- of stroocellulose- of conservenfabrieken wordt in Amsterdam niet verwacht.

De heer INCKEL meent, dat er wel kans bestaat op de vestiging van de stroocartonfabrieken indien in den polder overwegend graan zal worden verbouwd.

De VOORZITTER wyst erop, dat een stroocartonfabriek veel vuil water afgeeft. De reiniging van het water zou voor Amsterdam veel moeylykheden met zich brengen.

De heer HOOY merkt op, dat de stroocartonfabriek te Coevorden ertoe is overgegaan het afvalwater biologisch te reinigen. Ditzelfde zou ook hier kunnen geschieden.

De VOORZITTER zegt ten opzichte van het punt: Verhandeling en vervoer der producten, dat dit voor Amsterdam van veel belang kan zyn. Spreker verwacht niet, dat de zuivelindustrie in den Z.W.polder een groote vlucht zal nemen.

De heer HOOY merkt op, dat de vraag of de Z.W.polder zuivelproducten zal opbrengen niet alleen afhangt van de gesteldheid van den bodem, maar ook van het soort vee dat men zal gaan houden. Spreker wyst er nog op, dat bv. het vetgehalte van de koeien, welke in Drente gehouden worden, hooger is dan dat van de koeien van den kleigrond. Voor het verhandelen van de landbouwproducten zou, mits hier groote bedryven komen, de beurs in Amsterdam in aanmerking kunnen komen. Voor de tuinbouwproducten ligt de markt te Amsterdam wellicht te ver verwyderd.

De VOORZITTER wyst erop, dat er in den Z.W.polder goede land- en waterwegen zullen komen, zoodat ook de tuinbouwproducten gemakkelyk naar Amsterdam kunnen worden vervoerd.

De heer SIXMA zegt, dat naast den landbouw en den tuinbouw, de fruitteelt in den nieuwen polder een kans dient te krygen, om tot ontwikkeling te komen. In de Haarlemmermeer bv. zyn voor de fruitteelt reeds proeftuinen ingericht. Van de resultaten hiervan zou men in den nieuwen polder een dankbaar gebruik kunnen maken. Daarom herhaalt spreker zyn reeds eerder gedane verzoek om ook den heer V.d.Plasse over dit probleem te raadplegen. Dit document weerspiegelt de planologische en economische discussies rondom de Zuiderzeewerken. De kern van het debat op deze pagina is de vraag of Amsterdam moet inzetten op het aantrekken van verwerkende industrieën (aardappelmeel, suiker, strokarton) die voortkomen uit de nieuwe poldergebieden.

Opvallende punten:
* Sociale overwegingen: De voorzitter uit zorgen over seizoensarbeid in de suikerindustrie. Hij vreest dat tijdelijke arbeiders na het seizoen in Amsterdam blijven ("blijven hangen"), wat de werkloosheidscijfers van de stad negatief zou beïnvloeden.
* Milieuaspecten: Er is al vroeg aandacht voor industriële vervuiling. De voorzitter vreest voor het "vuile water" van strokartonfabrieken, terwijl de heer Hooy wijst op technologische oplossingen (biologische reiniging) zoals toegepast in Coevorden.
* Landbouwkundig inzicht: Er wordt gediscussieerd over de kwaliteit van de grond; de kleigrond in de polder zou te goed zijn voor industrieaardappelen (die een lager zetmeelgehalte mogen hebben) en men vergelijkt de melkopbrengst met die van de zandgronden in Drenthe.
* Infrastructuur: Het belang van transport over water en land tussen de polder en de Amsterdamse markt/beurs wordt onderstreept. De "Z.W. polder" in de tekst verwijst naar de Zuidwestpolder, die later bekend zou worden als de Markerwaard. Hoewel de Markerwaard uiteindelijk nooit volledig is ingepolderd (op de Houtribdijk na), werd er in de periode dat dit verslag werd opgesteld volop gerekend op de komst van dit enorme nieuwe landbouwgebied. De genoemde "P.E.N." is het Provinciaal Electriciteitsbedrijf van Noord-Holland. De discussie toont de spanning tussen de behoefte aan economische stimulans en de angst voor sociale problematiek (werkloosheid) in de stedelijke gebieden tijdens het interbellum of de vroege wederopbouw.

Samenvatting

Dit document weerspiegelt de planologische en economische discussies rondom de Zuiderzeewerken. De kern van het debat op deze pagina is de vraag of Amsterdam moet inzetten op het aantrekken van verwerkende industrieën (aardappelmeel, suiker, strokarton) die voortkomen uit de nieuwe poldergebieden.

Opvallende punten:
* Sociale overwegingen: De voorzitter uit zorgen over seizoensarbeid in de suikerindustrie. Hij vreest dat tijdelijke arbeiders na het seizoen in Amsterdam blijven ("blijven hangen"), wat de werkloosheidscijfers van de stad negatief zou beïnvloeden.
* Milieuaspecten: Er is al vroeg aandacht voor industriële vervuiling. De voorzitter vreest voor het "vuile water" van strokartonfabrieken, terwijl de heer Hooy wijst op technologische oplossingen (biologische reiniging) zoals toegepast in Coevorden.
* Landbouwkundig inzicht: Er wordt gediscussieerd over de kwaliteit van de grond; de kleigrond in de polder zou te goed zijn voor industrieaardappelen (die een lager zetmeelgehalte mogen hebben) en men vergelijkt de melkopbrengst met die van de zandgronden in Drenthe.
* Infrastructuur: Het belang van transport over water en land tussen de polder en de Amsterdamse markt/beurs wordt onderstreept.

Historische Context

De "Z.W. polder" in de tekst verwijst naar de Zuidwestpolder, die later bekend zou worden als de Markerwaard. Hoewel de Markerwaard uiteindelijk nooit volledig is ingepolderd (op de Houtribdijk na), werd er in de periode dat dit verslag werd opgesteld volop gerekend op de komst van dit enorme nieuwe landbouwgebied. De genoemde "P.E.N." is het Provinciaal Electriciteitsbedrijf van Noord-Holland. De discussie toont de spanning tussen de behoefte aan economische stimulans en de angst voor sociale problematiek (werkloosheid) in de stedelijke gebieden tijdens het interbellum of de vroege wederopbouw.

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Aardappelen): Zand A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Pan Kruidenier (Droog): Meel Kruidenier (Droog): Suiker Olie & Techniek: Olie Olie & Techniek: Vet Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Lever Vleeswaren: Vlees Zuivel & Eieren: Eieren Zuivel & Eieren: Melk Zuivel & Eieren: Zuivel

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Kooplieden in dit dossier 34

Amstelmeer met Amstelmeerkanaal en Waard- en Groetkanaal
Andere hakvruchten 375000 "
Andere handels- gewassen$^2$) 9375 "
Dorpskernen en industrieterreinen
Erven van gebouwen en lustplaatsen 2,2
Boonen 87500 "
Boonen 87500 "
Groenvoeder- Gewassen - $^3)$
Kanalen, vaarten en tochten
J. Zand ( 1,3)
A. Geboorte ( 1,3)
J. Zand (16,6)
A. Geboorte (16,6)
Lichte zavel
Lichte zavel (20,8)
A. Geboorte (20,8)
N.O.polder 47600
Onbelastbare eigendommen 3,3
B. Overige 3169
B. Overige 96250 "
B. Overige 43750 "
Overige handels- gewassen 1751$^4)$
Overige knol-, Wortel- en bolgewassen 50700
Rietland, kwelders, moeras 0,1
Wieringermeerdijk en Amstelmeerdijk
Z.O.polder 93700
Alle 34 kooplieden →