Archief 745
Inventaris 745-367
Pagina 90
Dossier 92
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte rapportage of adviesnota (Pagina 2).

Origineel

Getypte rapportage of adviesnota (Pagina 2). [Pagina -2-]

1e. de dyken langs de randkanalen in beginsel zoodanig te traceeren dat de opeenvolging van rechte lynen wordt vervangen door een opeenvolging van bochten, welke tegen die van de tegenoverliggende oude kust ingaan. Hierdoor zal een reeks van in elkaar overgaande meren van onderling verschillende lengte en breedte ontstaan, met vernauwingen en verwydingen, die een natuurlyke afwisseling in het beeld tot gevolg zullen hebben;

2e. de dyken van een laag boven water gelegen "voorland" te voorzien, waarop rietkragen en op de daarvoor in aanmerking komende plaatsen een hooger opgaande beplanting van wilgen en andere heester- en boomgewassen.

In verband met het sub 2 genoemde vestigt de Commissie er de aandacht op, dat het profiel van de dyken om de gereedzynde polders hard en ongevoelig is. Het wordt van de waterzyde hoofdzakelyk gekenmerkt door den aanblik van een bazaltglooiing. De Commissie vraagt zich af of, met name langs de randkanalen en de kleinere binnenmeren, dit type van oeverbekleeding, door het aanbrengen van een begroeid voorland met zyn golfbrekende werking, door een eenvoudiger en voor het uiterlyk meer aantrekkelyke dykbekleeding kan worden vervangen.

Voorts zou de Commissie gaarne zien, dat de dykskruin zoo breed wordt gekozen, dat daarop ten minste een rywielpad (zoo mogelyk ook een wandelpad) kan worden aangelegd. Eventueel zouden beide of een van beide paden aan de binnenzyde van de dyken kunnen worden aangelegd op b.v. 1,25 m beneden kruinshoogte. De Commissie zou het namelyk zeer betreuren, indien men by deze nieuwe polders, die zulk een omvangryk gebied zullen beslaan, geen gelegenheid zou krygen het nieuwe landschap eenerzyds en het watervlak met de oude kustlyn anderzyds van het mooiste standpunt uit, nl. op den zooveel hooger gelegen dyk, te aanschouwen en te bewonderen. De nieuwe verkeerswegen zullen uiteraard niet op de dyken komen te liggen, daar hun tracee uit hoofde van hun functie als verbinding van oude en nieuwe centra wordt bepaald. Des te sterker spreekt dan echter de behoefte aan gelegenheid om zich over de dyken te kunnen bewegen voor diegenen, die voor hun genoegen op pad zyn.

[Marge:] Toerisme en Ontspanning

Voor het toerisme van Amsterdam en omgeving als centrum uitgaande zal een tocht te land om het nieuwe Ymeer een groote aanwinst kunnen zyn, mits de oevers van dit meer een aantrekkelyk karakter verkrygen. In het algemeen uitbreidingsplan van de hoofdstad is veel zorg besteed aan de binnen haar rechtsgebied gelegen gedeelten van den oever. Zoo wordt de dyk om Waterland met zyn voorland en het binnendyks gelegen gebied als natuurreservaat tegen ontsierende bebouwing beschermd, terwyl langs den Zuidelyken oever een groot park buitendyks langs het nieuwe Rynkanaal werd ontworpen.

Het ligt naar de meening van de Commissie geheel in de lyn van deze ontwikkeling om het direct ten Oosten aan de nieuwe omdyking aansluitende polderland te bebosschen op zoodanige wyze, dat ook hier een zeer aantrekkelyk recreatie-oord ontstaat. Zy wyst er ter versterking van haar zienswyze op, dat het Oostelyk deel van Noordholland benoorden het Y op het stuk van beplanting en ontspanning zoo karig is bedeeld, dat de nieuwe polders in dit opzicht in een dringende behoefte zullen moeten voorzien.

In dit verband is het wellicht nuttig te vermelden, dat b.v. het Twentsche landschap een boschryk karakter heeft niettegenstaande het voor slechts 1/10 deel beboscht is. In het nieuwe polderland, waarvan opzet en indeling immers van den aanvang af volgens de moderne inzichten ook op dit gebied zullen worden ontworpen, zal wellicht met een geringere oppervlakte voor bebossching en beplanting kunnen worden volstaan, mits deze op oordeelkundige wyze verdeeld in het plan wordt opgenomen. Dit punt zal naar de meening van de Commissie zorgvuldig aandacht vragen, omdat hiermede niet alleen landschappelyke belangen zyn gemoeid, doch ook alleen hierdoor het, zonder doelmatige bebossching (windsingels en boschstrooken, wegbeplanting e.d.) wel zeer barre, nieuwe land in feite eerst bewoonbaar zal kunnen worden. In dit verband moge nog worden opgemerkt, dat het oude land met zyn dichte verkaveling een zekere intimiteit vertoont, doordat het overal van menschelyke schaal blyft. By de oudere polders, zooals de Haarlemmermeer, met hun groote rechtlynige indeeling en structuur is men buiten de menschelyke schaal geraakt, waardoor het land karakter mist en de indruk van eentonigheid dien van de grootsche wydheid is gaan overheerschen. Door doelmatig

Dienst P.W.
Amsterdam. * Taal en Spelling: Het document hanteert de overgangsspelling van na de Tweede Wereldoorlog (gebruik van 'y' voor 'ij', woorden als 'zoodanig', 'boschryk' en 'eenerzyds').
* Kernboodschap: De commissie pleit voor een breuk met de puur functionele, rigide waterbouw (zoals bij de Haarlemmermeer). Men stelt voor om de nieuwe dijken van de IJsselmeerpolders organische vormen te geven ("bochten") en te voorzien van natuurlijke elementen zoals rietkragen en voorlanden in plaats van louter basaltblokken.
* Menselijke Schaal: Een interessant aspect is het pleidooi voor de "menschelyke schaal". De auteur bekritiseert de eentonigheid van de grootschalige polders en stelt dat beplanting essentieel is om het nieuwe land "bewoonbaar" en recreatief aantrekkelijk te maken.
* Recreatieve Visie: Er wordt specifiek gevraagd om fiets- en wandelpaden op dijken, wat getuigt van een vroege visie op het belang van recreatief medegebruik van waterkeringen. Dit document maakt deel uit van de planvorming rondom de inpoldering van de Zuiderzeewerken en de uitbreiding van Amsterdam (het Algemeen Uitbreidingsplan, AUP, van Van Eesteren). De tekst reflecteert de verschuiving in het denken over landschapsarchitectuur in de polder: waar de eerste polders (zoals de Wieringermeer) nog erg rationeel en kaal waren, werd bij latere polders (zoals de Flevopolders en de omgeving van het IJmeer) veel meer aandacht besteed aan natuur, recreatie en de visuele kwaliteit van het landschap. De vermelding van het "nieuwe Rynkanaal" (het Amsterdam-Rijnkanaal, geopend in 1952) helpt bij het plaatsen van de tekst in de vroege jaren '50.

Samenvatting

  • Taal en Spelling: Het document hanteert de overgangsspelling van na de Tweede Wereldoorlog (gebruik van 'y' voor 'ij', woorden als 'zoodanig', 'boschryk' en 'eenerzyds').
  • Kernboodschap: De commissie pleit voor een breuk met de puur functionele, rigide waterbouw (zoals bij de Haarlemmermeer). Men stelt voor om de nieuwe dijken van de IJsselmeerpolders organische vormen te geven ("bochten") en te voorzien van natuurlijke elementen zoals rietkragen en voorlanden in plaats van louter basaltblokken.
  • Menselijke Schaal: Een interessant aspect is het pleidooi voor de "menschelyke schaal". De auteur bekritiseert de eentonigheid van de grootschalige polders en stelt dat beplanting essentieel is om het nieuwe land "bewoonbaar" en recreatief aantrekkelijk te maken.
  • Recreatieve Visie: Er wordt specifiek gevraagd om fiets- en wandelpaden op dijken, wat getuigt van een vroege visie op het belang van recreatief medegebruik van waterkeringen.

Historische Context

Dit document maakt deel uit van de planvorming rondom de inpoldering van de Zuiderzeewerken en de uitbreiding van Amsterdam (het Algemeen Uitbreidingsplan, AUP, van Van Eesteren). De tekst reflecteert de verschuiving in het denken over landschapsarchitectuur in de polder: waar de eerste polders (zoals de Wieringermeer) nog erg rationeel en kaal waren, werd bij latere polders (zoals de Flevopolders en de omgeving van het IJmeer) veel meer aandacht besteed aan natuur, recreatie en de visuele kwaliteit van het landschap. De vermelding van het "nieuwe Rynkanaal" (het Amsterdam-Rijnkanaal, geopend in 1952) helpt bij het plaatsen van de tekst in de vroege jaren '50.

Kooplieden in dit dossier 34

Amstelmeer met Amstelmeerkanaal en Waard- en Groetkanaal
Andere hakvruchten 375000 "
Andere handels- gewassen$^2$) 9375 "
Dorpskernen en industrieterreinen
Erven van gebouwen en lustplaatsen 2,2
Boonen 87500 "
Boonen 87500 "
Groenvoeder- Gewassen - $^3)$
Kanalen, vaarten en tochten
J. Zand ( 1,3)
A. Geboorte ( 1,3)
J. Zand (16,6)
A. Geboorte (16,6)
Lichte zavel
Lichte zavel (20,8)
A. Geboorte (20,8)
N.O.polder 47600
Onbelastbare eigendommen 3,3
B. Overige 3169
B. Overige 96250 "
B. Overige 43750 "
Overige handels- gewassen 1751$^4)$
Overige knol-, Wortel- en bolgewassen 50700
Rietland, kwelders, moeras 0,1
Wieringermeerdijk en Amstelmeerdijk
Z.O.polder 93700
Alle 34 kooplieden →