Archief 745
Inventaris 745-367
Pagina 185
Dossier 93
Jaar 1941
Stadsarchief

Brief/Ambtelijke nota (doorslag).

Van: De Burgemeester van Amsterdam (geparafeerd 'MH').

Origineel

Brief/Ambtelijke nota (doorslag). De Burgemeester van Amsterdam (geparafeerd 'MH'). Zoo zal de nota betreffende de scheepvaartbelangen nog moe-
ten worden aangevuld met het resultaat van thans onderhandenge-
nomen uitvoerige berekeningen omtrent de op het Y en Noordzeeka-
naal te verwachten stroomsnelheden. Voorts is ook nog een studie
onderhanden betreffende den omvang van het uit de nieuwe polders
te verwachten verkeer van aan en af te voeren goederen (grond-
stoffen en producten). Deze studie kon eerst worden aangevangen
nadat de Commissie in een uitvoerige bespreking met een vertegen-
woordiger van de Wieringermeerdirectie de noodige inlichtingen
heeft verkregen omtrent de agrarische problemen, genoemd in het
werkprogramma onder punt 3.

Laatstgenoemd onderwerp werd, evenals dat der industrieele
belangen (punt 4), in de Commissie reeds voorloopig behandeld;
zy kwam daarbij tot de overtuiging, dat verdere voortzetting van haar
arbeid op deze punten eerst vruchtdragend zal kunnen zyn, wanneer de
plannen voor opzet en indeeling der polders vasteren vorm zullen
hebben aangenomen.

De punten 2, 7 en 8 heeft de Commissie voorloopig laten rusten.
Omtrent punt 2 is haar bekend, dat de wegverbindingen tusschen het
oude en nieuwe land, voor zoover voor Amsterdam van belang, worden
bestudeerd door Uw Dienst in overleg met den Provincialen Waterstaat
van Noordholland en den Dienst der Publieke Werken alhier, terwyl
het vooralsnog niet goed doenlyk lykt, omtrent de mogelykheden van
een vlieghaven in het Ymeer (punt 7) zekerheid te krygen.

[Kanttekening in marge bij punt 7:]
v. h. plan?
wenschelijkheid
mogelijkheid

Ten slotte meende de Commissie het in punt 8 genoemde vraagstuk
van de eventueele tewerkstelling van Amsterdamsche werklieden te
moeten uitstellen tot omtrent werkwyze en tempo van uitvoering der
inpolderingswerken concrete gegevens ten dienste zullen staan.

Ik heb gemeend goed te doen, U door vorenstaande uiteenzetting
een duidelyk beeld van de taak der Commissie en de wyze, waarop zy
haar werk zal verrichten te geven. Dezerzyds wordt ernaar gestreefd,
door een grondige bestudeering van de belangen, die voor Amsterdam
verbonden zyn aan de inpolderingswerken en door daarbij met de Ryks-
diensten, die deze werken tot stand brengen, geregeld overleg te ple-
gen, in opbouwenden zin aan dezen grootschen arbeid mede te werken.
MH.

De Burgemeester,

Dienst P.W.
Amsterdam. * Taalgebruik: Het document is opgesteld in de toenmalige ambtelijke spelling (bijv. "zoo", "indeeeling", "mogelykheden"). De toon is formeel en constructief-kritisch ten opzichte van de Rijksoverheid.
* Inhoudelijke kern: De gemeente Amsterdam volgt de plannen voor de Zuiderzeewerken op de voet. Men maakt zich zorgen over de nautische gevolgen (stroomsnelheden op het IJ) en de economische gevolgen (goederenstromen en werkgelegenheid).
* Sleutelpunten:
* Nautiek: Berekeningen naar stroomsnelheden in het IJ en Noordzeekanaal zijn cruciaal voor de havenveiligheid.
* Luchtvaart: Interessant is de vermelding van een mogelijke "vlieghaven in het Ymeer". Dit getuigt van vroege planvorming voor alternatieven of uitbreidingen voor Schiphol.
* Sociaal-economisch: De tewerkstelling van Amsterdamse werklozen (werklieden) bij de inpolderingswerken was een belangrijk politiek punt tijdens de crisisjaren.
* Marginalia: De handgeschreven noten lijken vragen of agendapunten van een ambtenaar van de Dienst Publieke Werken, specifiek over de status en wenselijkheid van de vlieghaven. Dit document past in de bredere geschiedenis van de Zuiderzeewerken. Na de voltooiing van de Afsluitdijk (1932) en de Wieringermeerpolder (1930) verschoof de focus naar de grotere polders (de latere Noordoostpolder en Flevopolders). Amsterdam, als aangrenzende grote stad, wilde voorkomen dat de nationale plannen de eigen havenbelangen of infrastructuur zouden schaden.

De brief illustreert de spanning tussen lokale belangen (gemeente Amsterdam) en nationale projecten (Rijkswaterstaat/Zuiderzeewerken). Tevens geeft het een inkijkje in de vroege ruimtelijke ordening in Nederland, waarbij zelfs locaties voor vliegvelden op het water al werden overwogen. De paraaf 'MH' zou kunnen verwijzen naar een secretaris of een specifieke burgemeester uit die periode (zoals Willem de Vlugt, hoewel de paraaf niet direct met zijn initialen overeenstemt; het kan ook een afdelingshoofd zijn die namens de burgemeester tekende).

Samenvatting

  • Taalgebruik: Het document is opgesteld in de toenmalige ambtelijke spelling (bijv. "zoo", "indeeeling", "mogelykheden"). De toon is formeel en constructief-kritisch ten opzichte van de Rijksoverheid.
  • Inhoudelijke kern: De gemeente Amsterdam volgt de plannen voor de Zuiderzeewerken op de voet. Men maakt zich zorgen over de nautische gevolgen (stroomsnelheden op het IJ) en de economische gevolgen (goederenstromen en werkgelegenheid).
  • Sleutelpunten:
    • Nautiek: Berekeningen naar stroomsnelheden in het IJ en Noordzeekanaal zijn cruciaal voor de havenveiligheid.
    • Luchtvaart: Interessant is de vermelding van een mogelijke "vlieghaven in het Ymeer". Dit getuigt van vroege planvorming voor alternatieven of uitbreidingen voor Schiphol.
    • Sociaal-economisch: De tewerkstelling van Amsterdamse werklozen (werklieden) bij de inpolderingswerken was een belangrijk politiek punt tijdens de crisisjaren.
  • Marginalia: De handgeschreven noten lijken vragen of agendapunten van een ambtenaar van de Dienst Publieke Werken, specifiek over de status en wenselijkheid van de vlieghaven.

Historische Context

Dit document past in de bredere geschiedenis van de Zuiderzeewerken. Na de voltooiing van de Afsluitdijk (1932) en de Wieringermeerpolder (1930) verschoof de focus naar de grotere polders (de latere Noordoostpolder en Flevopolders). Amsterdam, als aangrenzende grote stad, wilde voorkomen dat de nationale plannen de eigen havenbelangen of infrastructuur zouden schaden.

De brief illustreert de spanning tussen lokale belangen (gemeente Amsterdam) en nationale projecten (Rijkswaterstaat/Zuiderzeewerken). Tevens geeft het een inkijkje in de vroege ruimtelijke ordening in Nederland, waarbij zelfs locaties voor vliegvelden op het water al werden overwogen. De paraaf 'MH' zou kunnen verwijzen naar een secretaris of een specifieke burgemeester uit die periode (zoals Willem de Vlugt, hoewel de paraaf niet direct met zijn initialen overeenstemt; het kan ook een afdelingshoofd zijn die namens de burgemeester tekende).

Kooplieden in dit dossier 34

Amstelmeer met Amstelmeerkanaal en Waard- en Groetkanaal
Andere hakvruchten 375000 "
Andere handels- gewassen$^2$) 9375 "
Dorpskernen en industrieterreinen
Erven van gebouwen en lustplaatsen 2,2
Boonen 87500 "
Boonen 87500 "
Groenvoeder- Gewassen - $^3)$
Kanalen, vaarten en tochten
J. Zand ( 1,3)
A. Geboorte ( 1,3)
J. Zand (16,6)
A. Geboorte (16,6)
Lichte zavel
Lichte zavel (20,8)
A. Geboorte (20,8)
N.O.polder 47600
Onbelastbare eigendommen 3,3
B. Overige 3169
B. Overige 96250 "
B. Overige 43750 "
Overige handels- gewassen 1751$^4)$
Overige knol-, Wortel- en bolgewassen 50700
Rietland, kwelders, moeras 0,1
Wieringermeerdijk en Amstelmeerdijk
Z.O.polder 93700
Alle 34 kooplieden →