Archief 745
Inventaris 745-367
Pagina 320
Dossier 103
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte brief (officiële correspondentie).

8 december 1941. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Publieke Werken of een vergelijkbare gemeentelijke dienst in Amsterdam). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam).

Origineel

Getypte brief (officiële correspondentie). 8 december 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Publieke Werken of een vergelijkbare gemeentelijke dienst in Amsterdam). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). [Handgeschreven, rechtsboven:] U. Müller
[Handgeschreven, middenboven:] Verzonden 8/12

[Getypt:]
VD/HG.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

103/35/2 M. 8 December 1941.

Overplaatsing speeltoestellen van
speelterreinen, waarop Joodsche
hulpmarkten zijn gevestigd.

Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 1 dezer om spoedig advies ontvangen stukken no. 1121 L.M. 1941 heb ik de eer U te berichten, dat niet is te verwachten, dat het speelterrein aan de Gaaspstraat, waarop thans een hulpmarkt uitsluitend voor Joden is gevestigd, na 1 Januari 1942 zal worden vrijgegeven; ik neem aan, dat dit terrein ook voor het jaar 1942 als hulpmarkt zal worden aangewezen.

Ten aanzien van de verantwoording der aan de overplaatsing der speeltoestellen verbonden kosten ad ƒ 420,- stel ik U voor het advies van Uw Ambtgenoot voor de Financiën in te winnen.

De Directeur, Deze brief is een zakelijke, ambtelijke correspondentie over een logistiek probleem veroorzaakt door de anti-Joodse maatregelen tijdens de Duitse bezetting. De kern van de brief is de vaststelling dat het speelterrein aan de Gaaspstraat in Amsterdam-Zuid niet langer beschikbaar is voor recreatie, omdat er een "hulpmarkt uitsluitend voor Joden" is gevestigd.

De directeur adviseert om de speeltoestellen definitief te verplaatsen, aangezien hij verwacht dat deze segregatie ook in 1942 zal voortduren. De kosten voor deze verplaatsing worden geraamd op 420 gulden, waarvoor financieel akkoord van de betreffende wethouder nodig is. Het document toont de kille, bureaucratische efficiëntie waarmee uitsluiting en segregatie in het dagelijks leven werden doorgevoerd: het verwijderen van speeltoestellen voor kinderen omdat hun speelplaats een afgezonderde marktplaats voor een gediscrimineerde groep was geworden. In 1941 intensiveerden de Duitse bezetters en de meewerkende Nederlandse autoriteiten de isolatie van de Joodse bevolking. Een van de maatregelen was het instellen van gescheiden markten. Vanaf najaar 1941 mochten Joden op veel reguliere markten niet meer komen en werden zij gedwongen hun inkopen te doen op speciaal aangewezen locaties, de zogenaamde "Joodsche markt" of "hulpmarkt".

Het speelterrein aan de Gaaspstraat was een van die locaties in de Rivierenbuurt, een wijk waar destijds veel Joodse Amsterdammers woonden. De markt op de Gaaspstraat werd op 3 november 1941 geopend. Dit document, gedateerd december 1941, illustreert hoe de fysieke leefomgeving van zowel Joodse als niet-Joodse kinderen veranderde door de bezettingspolitiek: speelruimte maakte plaats voor segregatie-instrumenten. De Gaaspstraat is tegenwoordig nog steeds een herdenkingsplek; een monument op het huidige speelplein herinnert aan de markten en de daaropvolgende deportaties.

Samenvatting

Deze brief is een zakelijke, ambtelijke correspondentie over een logistiek probleem veroorzaakt door de anti-Joodse maatregelen tijdens de Duitse bezetting. De kern van de brief is de vaststelling dat het speelterrein aan de Gaaspstraat in Amsterdam-Zuid niet langer beschikbaar is voor recreatie, omdat er een "hulpmarkt uitsluitend voor Joden" is gevestigd.

De directeur adviseert om de speeltoestellen definitief te verplaatsen, aangezien hij verwacht dat deze segregatie ook in 1942 zal voortduren. De kosten voor deze verplaatsing worden geraamd op 420 gulden, waarvoor financieel akkoord van de betreffende wethouder nodig is. Het document toont de kille, bureaucratische efficiëntie waarmee uitsluiting en segregatie in het dagelijks leven werden doorgevoerd: het verwijderen van speeltoestellen voor kinderen omdat hun speelplaats een afgezonderde marktplaats voor een gediscrimineerde groep was geworden.

Historische Context

In 1941 intensiveerden de Duitse bezetters en de meewerkende Nederlandse autoriteiten de isolatie van de Joodse bevolking. Een van de maatregelen was het instellen van gescheiden markten. Vanaf najaar 1941 mochten Joden op veel reguliere markten niet meer komen en werden zij gedwongen hun inkopen te doen op speciaal aangewezen locaties, de zogenaamde "Joodsche markt" of "hulpmarkt".

Het speelterrein aan de Gaaspstraat was een van die locaties in de Rivierenbuurt, een wijk waar destijds veel Joodse Amsterdammers woonden. De markt op de Gaaspstraat werd op 3 november 1941 geopend. Dit document, gedateerd december 1941, illustreert hoe de fysieke leefomgeving van zowel Joodse als niet-Joodse kinderen veranderde door de bezettingspolitiek: speelruimte maakte plaats voor segregatie-instrumenten. De Gaaspstraat is tegenwoordig nog steeds een herdenkingsplek; een monument op het huidige speelplein herinnert aan de markten en de daaropvolgende deportaties.

Kooplieden in dit dossier 34

Amstelmeer met Amstelmeerkanaal en Waard- en Groetkanaal
Andere hakvruchten 375000 "
Andere handels- gewassen$^2$) 9375 "
Dorpskernen en industrieterreinen
Erven van gebouwen en lustplaatsen 2,2
Boonen 87500 "
Boonen 87500 "
Groenvoeder- Gewassen - $^3)$
Kanalen, vaarten en tochten
J. Zand ( 1,3)
A. Geboorte ( 1,3)
J. Zand (16,6)
A. Geboorte (16,6)
Lichte zavel
Lichte zavel (20,8)
A. Geboorte (20,8)
N.O.polder 47600
Onbelastbare eigendommen 3,3
B. Overige 3169
B. Overige 96250 "
B. Overige 43750 "
Overige handels- gewassen 1751$^4)$
Overige knol-, Wortel- en bolgewassen 50700
Rietland, kwelders, moeras 0,1
Wieringermeerdijk en Amstelmeerdijk
Z.O.polder 93700
Alle 34 kooplieden →