Officiële brief/kennisgeving.
Origineel
Officiële brief/kennisgeving. 10 december 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen-dienst in Amsterdam). Den Heer I. van Praag, Ruyschstraat 106, Amsterdam-Oost. [Handgeschreven rechtsboven]: U. d. leaer
[Handgeschreven middenboven]: verzonden 10/12
104/2/2 M.
[Getypt rechtsboven]: 10 December 1941.
[Adresblok]:
den Heer I.van Praag,
Ruyschstraat 106,
Amsterdam-Oost.
Wijk 11.
[Brieftekst]:
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 5 November jl. verleen ik U hierby tot wederopzegging toestemming zich op Uw plaats op de markt(en) Joubertstraat te laten bystaan - niet vervangen - door A.Content, geboren 7 October 1920.
[Afsluiting]:
De Directeur, * Onderwerp: De brief betreft een officiële vergunning aan de heer I. van Praag om zich op zijn marktplaats in de Joubertstraat te laten bijstaan door een assistent genaamd A. Content.
* Voorwaarden: De toestemming is "tot wederopzegging" (voorlopig) en er wordt expliciet vermeld dat de assistent Van Praag mag "bijstaan" maar "niet vervangen". Dit wijst op een strikte regulering van wie er fysiek achter een marktkraam mocht staan.
* Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands uit de betreffende periode (bijv. "byby" in plaats van "bij", "jl." voor "jongstleden"). * Historische periode: De brief dateert van december 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Jodenvervolging: De namen Van Praag en Content zijn veelvoorkomende Joodse achternamen. In deze periode werden Joodse burgers door de bezetter steeds verder geïsoleerd. De markt in de Joubertstraat (Transvaalbuurt) was in 1941 aangewezen als een van de weinige plekken waar Joodse marktplui nog mochten staan, vaak uitsluitend om aan andere Joden te verkopen.
* Administratieve bureaucratie: Dit document is een voorbeeld van de voortdurende bureaucratische gang van zaken tijdens de bezetting. Terwijl de deportaties werden voorbereid, ging het verlenen van vergunningen voor marktplaatsen op papier gewoon door. Uit bronnen zoals het Joods Monument blijkt dat zowel Isaac van Praag (bewoner van Ruyschstraat 106) als Abraham Content de Holocaust niet hebben overleefd. Dit geeft dit schijnbaar triviale ambtelijke schrijven een tragische historische lading.