Archief 745
Inventaris 745-277
Pagina 97
Dossier 21
Jaar 1939
Stadsarchief

Officiële brief / ambtelijk advies.

3 april 1939. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een economische afdeling).

Origineel

Officiële brief / ambtelijk advies. 3 april 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een economische afdeling). [Linksboven:]
26/18/2 M.
1

[Midden boven, handgeschreven:]
extra

[Rechtsboven:]
VP/G.

3 April 1939.

[Links:]
Verzoek van H.Martens om
visch te mogen bakken op
markt Dapperplein.

[Rechts:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 22 Maart jl. om advies ontvangen stuk No.110/5 L.M.1939 heb ik de eer U het navolgende te berichten. Met Uw brief d.d. 30 September 1937 (No.604 L.M.1937) deelde U my mede, dat het aantal vergunningen voor het bakken van visch op markten niet behoort te worden uitgebreid. Op grond daarvan zyn sedertdien een aantal desbetreffende verzoeken van de hand gewezen en het lykt my wenschelyk, om dit ook in het onderhavige geval te doen. Ik heb mitsdien de eer U te adviseeren den adressant te doen berichten, dat zyn verzoek niet voor inwilliging in aanmerking kan komen.

De Directeur, In dit schrijven adviseert een directeur (waarschijnlijk van de relevante gemeentelijke dienst) de Wethouder voor de Levensmiddelen om een verzoek van ene heer H. Martens af te wijzen. Martens wilde een vergunning verkrijgen om vis te bakken op de markt aan het Dapperplein in Amsterdam.

De argumentatie voor de afwijzing is strikt beleidsmatig: in september 1937 is besloten dat het aantal visbakvergunningen op markten niet meer uitgebreid mag worden. Om consistentie in het beleid te bewaren ("Op grond daarvan zyn sedertdien een aantal desbetreffende verzoeken van de hand gewezen"), wordt geadviseerd ook dit verzoek negatief te beschikken. De taal is formeel-ambtelijk, kenmerkend voor de vooroorlogse periode (gebruik van de 'ch' in visch en wenschelyk, en de 'y' in plaats van 'ij'). Het document dateert van april 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Dappermarkt was (en is) een van de drukste markten van Amsterdam-Oost. In de jaren '30 was de economische situatie precair en de overheid reguleerde de marktkooplieden streng om verzadiging van de markt en overlast te voorkomen.

De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in die tijd een cruciale post, verantwoordelijk voor de voedselvoorziening en de marktordening in de stad. Het feit dat er een strikte stop op nieuwe visbakvergunningen was, duidt mogelijk op zorgen over hygiëne, brandveiligheid of concurrentiebescherming voor de reeds gevestigde vishandelaren. De handgeschreven notitie "extra" bovenin suggereert dat het document met enige spoed of buiten de reguliere poststroom om is behandeld.

Samenvatting

In dit schrijven adviseert een directeur (waarschijnlijk van de relevante gemeentelijke dienst) de Wethouder voor de Levensmiddelen om een verzoek van ene heer H. Martens af te wijzen. Martens wilde een vergunning verkrijgen om vis te bakken op de markt aan het Dapperplein in Amsterdam.

De argumentatie voor de afwijzing is strikt beleidsmatig: in september 1937 is besloten dat het aantal visbakvergunningen op markten niet meer uitgebreid mag worden. Om consistentie in het beleid te bewaren ("Op grond daarvan zyn sedertdien een aantal desbetreffende verzoeken van de hand gewezen"), wordt geadviseerd ook dit verzoek negatief te beschikken. De taal is formeel-ambtelijk, kenmerkend voor de vooroorlogse periode (gebruik van de 'ch' in visch en wenschelyk, en de 'y' in plaats van 'ij').

Historische Context

Het document dateert van april 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Dappermarkt was (en is) een van de drukste markten van Amsterdam-Oost. In de jaren '30 was de economische situatie precair en de overheid reguleerde de marktkooplieden streng om verzadiging van de markt en overlast te voorkomen.

De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in die tijd een cruciale post, verantwoordelijk voor de voedselvoorziening en de marktordening in de stad. Het feit dat er een strikte stop op nieuwe visbakvergunningen was, duidt mogelijk op zorgen over hygiëne, brandveiligheid of concurrentiebescherming voor de reeds gevestigde vishandelaren. De handgeschreven notitie "extra" bovenin suggereert dat het document met enige spoed of buiten de reguliere poststroom om is behandeld.