Ambtelijke correspondentie / intern memorandum.
Origineel
Ambtelijke correspondentie / intern memorandum. Verwijst naar brieven van 29 juni en 10 juli 1933. Geadresseerd aan "W.V.S." (mogelijk een afkorting voor een commissie of functionaris, zoals Wethouder van Sociale zaken of een Specifieke Voedselvoorzieningsinstantie). [Linksboven in potlood:]
onderwerp:
toewijzing garnalen
v. vischhandel.
[Midden boven in rood:]
46/7/17/5
[Rechtsboven:]
W. V. S.
Onder terugzending van de met Uw
brief d.d. 10 Juli j.l. no. 18/33 I/17 om bericht
ontvangen stuk, heb ik de eer U te berichten,
dat volgens van de Verdeelcommissie ont-
vangen inlichtingen adressant reeds vóór
zijn ziekte den handel in visch had opgegeven.
Zooals ik U reeds in mijn brief van 29 Juni j.l.
mededeelde, wenscht adressant, nu deze weer
visch kan verkoopen, in de verdeelingsregeling
te worden opgenomen, komt als het ware
op een „cadeautje” af. Wel is komen vast te
staan, dat Proost tot voor een 4-tal jaar visch-
handelaar was; de leeftijd echter blijft voor
de Commissie een overwegend bezwaar, om
hem thans opnieuw als vischhandelaar toe te laten.
Ik moge evenwel de beslissing hieromtrent aan U
overlaten.
[Onderaan:]
J.D. De tekst is een ambtelijk advies over een verzoek van een zekere "Proost" om opnieuw te worden opgenomen in een verdeelingsregeling voor de vis- of garnalenhandel. Uit de brief spreekt een sceptische houding van de opsteller jegens de aanvrager.
Belangrijke punten in de analyse:
* De aanvraag: Adressant (Proost) wil weer vis verkopen en gebruikmaken van de geldende distributieregels.
* Het verleden: Er wordt vastgesteld dat hij vroeger visboer was, maar de handel al vóór zijn ziekte had gestaakt.
* Het oordeel: De commissie vermoedt opportunisme (hij komt op een "cadeautje" af). Daarnaast wordt zijn leeftijd als een formeel bezwaar ("overwegend bezwaar") aangevoerd om hem niet opnieuw toe te laten.
* Besluitvorming: De schrijver legt de definitieve beslissing bij de ontvanger (W.V.S.), hoewel het advies negatief lijkt. Dit document stamt uit de jaren '30 (1933), de periode van de Grote Depressie. In deze tijd werden in Nederland veel markten strak gereguleerd door de overheid via crisisorganisaties en verdeelcommissies om prijzen te beheersen en handelaren een bestaansminimum te garanderen.
De "verdeelingsregeling" waarover gesproken wordt, duidt op een quotum- of vergunningstelsel. In een tijd van schaarste en economische crisis was een dergelijke vergunning zeer waardevol (vandaar de term "cadeautje"). Het document illustreert de bureaucratische controle op de beroepsgroepen en de wijze waarop persoonlijke omstandigheden (ziekte, leeftijd) werden gewogen bij het toekennen van handelsrechten. De spelling (visch, mededeelde) is conform de toen geldende spelling-De Vries en Te Winkel.