Handgeschreven verzoekschrift.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift. 15 juni 1942. J. G. Tuijn. Nº 46ª/354/1 M. 1942 ¹⁶/₇
Durgerdam 15 Juni 1942
[Diagonaal geschreven, waarschijnlijk:] afwijzen
46ª/354/2
uit Purp.
Mijnheer, Revenaar
[paraaf]
Ondergetekende ver-
zoekt U vriendelijk om een
toewijzing gerookte aal
daar hij altijd zelf zijn visch
gerookt heeft, en ook nog een
rookery op zijn erf heeft
staan. En de voorgaande
jaren heeft hij er ook altijd
gerookte visch bij verkocht.
Hoogachtend
J. G. Tuijn [paraaf]
Durgerdam B 9 * Kernboodschap: J. G. Tuijn uit Durgerdam verzoekt de instanties om een officiële toewijzing (distributie-quotum) van gerookte aal voor zijn nering.
* Argumentatie: De schrijver onderbouwt zijn verzoek door te wijzen op zijn jarenlange ervaring als visroker ("altijd zelf zijn visch gerookt") en het bezit van een eigen rokerij op zijn terrein ("rookery op zijn erf"). Hij voert tevens zijn historisch verkooprecht aan als bewijs van zijn status als gevestigd handelaar.
* Administratieve verwerking: De brief is voorzien van diverse dossiernummers. De aantekening "uit Purp." verwijst zeer waarschijnlijk naar de regionale administratie in Purmerend. Het diagonaal geschreven woord, dat gelezen kan worden als "afwijzen", duidt er waarschijnlijk op dat het verzoek door de behandelend ambtenaar negatief is beoordeeld. * Tweede Wereldoorlog en Schaarste: In juni 1942 was Nederland reeds twee jaar bezet door nazi-Duitsland. De distributie van goederen, waaronder vis en vlees, was strikt gereguleerd. Ondernemers waren volledig afhankelijk van officiële "toewijzingen" om legaal handel te kunnen drijven.
* Lokale Visserij: Durgerdam was een vissersgemeenschap aan de rand van Amsterdam (toen aan het IJsselmeer). Kleine ambachtelijke vissers en rokers hadden het moeilijk door de beperkingen die de bezetter oplegde aan de scheepvaart en de handel.
* Bureaucratie: Het document illustreert de uitgebreide papieren rompslomp waarmee burgers en kleine ondernemers in oorlogstijd te maken hadden om zelfs hun meest basale ambacht te mogen blijven uitoefenen. De archaïsche spelling (zoals "visch" en "rookery") is typerend voor de vooroorlogse schrijfwijze die in de jaren '40 nog gangbaar was. G. Tuijn