Ambtelijk bijblad/nota.
Origineel
Ambtelijk bijblad/nota. Gedateerd 26-6-42; administratief verwerkt ('doorgezonden') op 18-6. [Gedrukt kader linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 46a/375/1 1942
DOORGEZONDEN: 18/6
[Handgeschreven rechtsboven]
659
spoed
mr. [onleesbaar]
[Handgeschreven hoofdtekst]
m. i. moet de Wethouder adviseren
het verzoek van F. M. J. v. Westerloo af te wijzen.
Indien het verzoek wordt ingewilligd,
zou voor de enkele plaatsen, die op het Zonne-
plein zouden worden ingenomen, een ambtenaar
beschikbaar moeten worden gesteld.
Indien er inderdaad heel veel werd
aangevoerd, zou er reden zijn
om aan het verlangen van de
heer v. Westerloo tegemoet
te komen. Dit is echter niet het geval; veel terrein
op Tuindorp-Oostzaan is er niet.
[Rechtsonder]
26-6-42
de Haij
[Linksonder gedrukt]
Alg. Zaken-Model No. 14
14333-1000-7-'41-1727 Dit document bevat een negatief ambtelijk advies aan een wethouder betreffende een verzoek van een burger, de heer Van Westerloo. De essentie van het advies is dat het verlenen van toestemming voor het gebruik van "enkele plaatsen" op het Zonneplein niet proportioneel is aan de administratieve last: er zou speciaal een ambtenaar voor vrijgemaakt moeten worden.
De ambtenaar (vermoedelijk J.C. de Haij van de Amsterdamse gemeentesecretarie) voert aan dat er geen sprake is van grote economische activiteit of een substantiële aanvoer van goederen die een dergelijke inzet van publieke middelen en ruimte zou rechtvaardigen. Daarnaast wijst hij op de algemene schaarste aan terrein in de wijk Tuindorp-Oostzaan. De toon is zakelijk en gericht op efficiëntie. Het document is geschreven in juni 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de bureaucratie in grote steden als Amsterdam strak gereguleerd en was er sprake van toenemende schaarste aan zowel mankracht als fysieke ruimte.
Het Zonneplein is het monumentale hart van Tuindorp Oostzaan, een wijk in Amsterdam-Noord die in de jaren '20 werd gebouwd. Verzoeken voor het gebruik van het plein konden betrekking hebben op marktkramen, tijdelijke opslag of kleinschalige nering. De term 'spoed' op het document suggereert dat de afhandeling van dit specifieke ruimtelijke of economische vraagstuk prioriteit genoot binnen de ambtelijke molen. J.C. de Haij M. No