Archief 745
Inventaris 745-384
Pagina 165
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Concept-adviesbrief/nota.

15 juli 1942 (handgeschreven onderaan). Van: Gemeentelijk Adviseur en Directeur van het Marktwezen.

Origineel

Concept-adviesbrief/nota. 15 juli 1942 (handgeschreven onderaan). Gemeentelijk Adviseur en Directeur van het Marktwezen. [Bovenaan handgeschreven:]
in concept typen en aan de Hr. v. Leeuwen ter lezing

[Getypte tekst met handgeschreven wijzigingen:]

Concept. W.b.M.

Punten voor gemeenschappelijk advies Gemeentelijk Adviseur en Directeur Marktwezen aan de Heer wethouder voor de Levensmiddelen.

Toewijzingen in overleg met de Nederlandsche Visscherijcentrale gesteld op 40 ½ kg. (voor kleinere straathandelaren, die niet het geheele jaar in vischhandel werkzaam waren), 80 ½ kg. voor normale vischwinkels en grootere straathandelaren en 120 ½ kg. voor de allergrootste vischzaken en de groote rookers. Aangezien sedert weken zeer weinig visch wordt aangevoerd (onder andere als gevolg van nachtvisscherij) komen de kleinhandelaren slechts eens in de 7 tot 10 dagen aan de beurt voor verdeelvisch.

De Visch- en fruitzaken hebben sedert jaren naast fruit ook gerookte visch verkocht. Van de 96 van dergelijke zaken hebben er 36 een dubbele toewijzing gerookte aal (48 ½ kg.) en 60 een enkele toewijzing.

Oorspronkelijk kregen de versche vischhandelaren in ’t geheel geen toewijzingen van gerookte aal; zij konden van hun toewijzing levende aal een gedeelte laten rooken. Om hun eenigermate tegemoet te komen is aan de kleinere straathandelaren in overleg met de Nederlandsche Visscherijcentrale, sedert een enkele toewijzing gerookte aal (24 ½ kg.) toegekend.

De onderhavige verdeelingsregeling is getroffen op verlangen van de Prijsbeheersching en de Nederlandsche Visscherijcentrale, omdat in vorige jaren, toen kleinhandelaren rechtstreeks van grossiers konden betrekken, vrijwel geen visch tegen de daarvoor gestelde prijzen voor de bevolking beschikbaar was. Speciaal de aal was toen uitsluitend in handen van de enkele handelaren, die bereid waren om boven de maximum prijzen van de grossiers te betrekken en deze aal verkochten aan het publiek, dat in staat was om exorbitante prijzen te betalen. Algemeen belang is dan ook door onderhavige regeling gediend, hoewel mogelijk enkele kleinhandelaren erdoor worden gedupeerd, zeker in de laatste weken nu er zoo weinig visch wordt aangevoerd.

De Directeur,
de Gte Adviseur,

[Handgeschreven aantekeningen in de linker marge:]

  1. De bewering dat de Volendammer kleinhandelaren die, zooals U bekend is, sedert 1 Juni jl. uit de A'damsche verdeling zijn gelicht en thans direct op hun afslag in V’dam hun deel in ontvangst nemen, belangrijk meer visch zouden krijgen, dan de A’dammers, wordt niet door de feiten gedekt. Slechts een gedeelte hiervan zal een toelichting behoeven (?)

  2. Alleen bonafide venters, die jaarlijks geregeld in visch hebben gewerkt.

  3. Volendammers niet veel teruggeloopen. ± (met 40 ½ kg toewijzing) aan de normale vischwinkels.

[Onderaan links:]
ter beoordeeling
M. V. Reenen
15/7 '42

[Onderaan rechts handgeschreven toevoeging:]
en de N.V.C. niet in staat blijkt om de kwantums visch naar A'dam te zenden, die aanvankelijk waren toegezegd. * Context van schaarste: Het document illustreert de stringente distributiepolitiek tijdens de Duitse bezetting. Er is sprake van een tekort aan vis door de beperkingen op de "nachtvisscherij" (waarschijnlijk vanwege de Sperrzeit op het water of oorlogsgevaar).
* Sociale rechtvaardigheid vs. Zwarte markt: De tekst legt de nadruk op het beschermen van de gewone burger tegen woekerprijzen. Zonder deze regeling zou vis (vooral aal/paling) alleen naar de rijken gaan die bereid waren boven de maximumprijs te betalen.
* Conflict tussen regio's: Een belangrijk punt in de handgeschreven kanttekeningen is de rivaliteit tussen de Amsterdamse en Volendamse vishandelaren. De schrijver probeert de suggestie te weerleggen dat Volendam bevoordeeld wordt boven Amsterdam.
* Bureaucratische controle: De rol van de Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) en de Prijsbeheersching is cruciaal. Dit waren organen die tijdens de bezetting de markt tot in detail controleerden. Dit document dateert van juli 1942, een periode waarin de voedselvoorziening in Nederland steeds problematischer werd. De visserij op de Noordzee was nagenoeg stilgevallen, waardoor men afhankelijk was van de binnenvisserij (IJsselmeer). De distributie werd strak gereguleerd via een bonnensysteem en toewijzingen aan handelaren. De genoemde "Prijsbeheersching" was de rijksdienst die toezag op de handhaving van de vastgestelde prijzen om inflatie en zwarte handel tegen te gaan. De discussie over de verdeling tussen "venters" (straatverkopers) en "winkeliers" laat zien hoe de overheid probeerde de bestaande handelsstructuur in stand te houden onder extreme druk.

Samenvatting

  • Context van schaarste: Het document illustreert de stringente distributiepolitiek tijdens de Duitse bezetting. Er is sprake van een tekort aan vis door de beperkingen op de "nachtvisscherij" (waarschijnlijk vanwege de Sperrzeit op het water of oorlogsgevaar).
  • Sociale rechtvaardigheid vs. Zwarte markt: De tekst legt de nadruk op het beschermen van de gewone burger tegen woekerprijzen. Zonder deze regeling zou vis (vooral aal/paling) alleen naar de rijken gaan die bereid waren boven de maximumprijs te betalen.
  • Conflict tussen regio's: Een belangrijk punt in de handgeschreven kanttekeningen is de rivaliteit tussen de Amsterdamse en Volendamse vishandelaren. De schrijver probeert de suggestie te weerleggen dat Volendam bevoordeeld wordt boven Amsterdam.
  • Bureaucratische controle: De rol van de Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) en de Prijsbeheersching is cruciaal. Dit waren organen die tijdens de bezetting de markt tot in detail controleerden.

Historische Context

Dit document dateert van juli 1942, een periode waarin de voedselvoorziening in Nederland steeds problematischer werd. De visserij op de Noordzee was nagenoeg stilgevallen, waardoor men afhankelijk was van de binnenvisserij (IJsselmeer). De distributie werd strak gereguleerd via een bonnensysteem en toewijzingen aan handelaren. De genoemde "Prijsbeheersching" was de rijksdienst die toezag op de handhaving van de vastgestelde prijzen om inflatie en zwarte handel tegen te gaan. De discussie over de verdeling tussen "venters" (straatverkopers) en "winkeliers" laat zien hoe de overheid probeerde de bestaande handelsstructuur in stand te houden onder extreme druk.

Kooplieden in dit dossier 4

Brasem (blei), meun, sneep en winde boven 1/2 kg Barbeel en kroeskarper Waterlooplein 0,41
dhr. Dinkgreve (voorzitter) Waterlooplein 0,30
Voorn en kolblei 250 gram en zwaarder en serpeling Waterlooplein 0,30
B. Gramsteman Waterlooplein 0,26