Handgeschreven conceptbrief of notitie.
Origineel
Handgeschreven conceptbrief of notitie. Verwijst naar een eerdere brief van 3 juli (vermoedelijk 1945, gezien de code 45-A). Zooals in het ~~als~~ den brief
laatstondergeteekende dd. 3 Juli l.l. No 460/H/45-A
op het adres in het N.A.F. reeds is ver-
meld, komen op de verdeellijsten indertijd
kooplieden voor, die niet het geheele jaar
doorloopend in den vischhandel zijn werkzaam
geweest, doch een gedeelte van het jaar andere
werkzaamheden of handel hebben verricht. Er is
echter (naar onze meening) geen aanleiding om deze
kooplieden van de verdeellijsten te schrappen.
Doch wanneer eens zou worden aangenomen, dat
dergelijke personen – niet bona fide handelaren –
van genoemde lijsten zouden worden geweerd
en dat dit een 150 ~~200~~ kooplieden zou betreffen,
dan zou ~~hiervan~~ bij de huidige visch-
aanvoer 150 x 40 1/2 kg. ~~aal~~ = 6000
1/2 kg aal meer per week voor de bona fide
handel beschikbaar komen. Dat is, verdeelt
over een zestigtal van dergelijke handelaren
een 100 1/2 kg. per week, waaraan
maximaal f. 10.- kan worden verdiend.
Het spreekt doch vanzelf, dat met deze hoogere
inkomsten de bona fide handelaar niet
zou worden gered! De tekst betreft een ambtelijke of zakelijke discussie over de rechtvaardigheid van de visdistributie in de periode vlak na de Tweede Wereldoorlog. De kern van het betoog is of handelaren die slechts een deel van het jaar in de vis zitten (neveninkomsten), geschrapt moeten worden van de distributielijsten ten gunste van de 'echte' (bona fide) handelaren.
De schrijver voert een rekenvoorbeeld aan: als men 150 van deze 'parttime' handelaren zou schrappen, komt er 6000 keer een halve kilo aal vrij. Verdeeld over de overgebleven 60 handelaren levert dit 100 eenheden (halve kilo's) extra op. De conclusie is echter ontnuchterend: de extra verdienste hiervan (10 gulden per week) is te gering om de beroepshandelaren werkelijk financieel te redden. De toon aan het eind is licht cynisch. Het document dateert waarschijnlijk uit de zomer van 1945 (gezien de referentie "45-A"). Nederland bevond zich in de wederopbouwperiode waarin schaarste en distributie van voedsel nog aan de orde van de dag waren.
De afkorting N.A.F. verwijst in deze context zeer waarschijnlijk naar de Nederlandsche Aan- en Verkooporganisatie van Vis (of een vergelijkbaar orgaan binnen de voedselvoorziening). De vissector was strikt gereguleerd met toewijzingen via zogenaamde "verdeellijsten". Er was vaak spanning tussen de gevestigde handel en de gelukzoekers of seizoensarbeiders die profiteerden van de schaarse handelswaar. De brief weerspiegelt de bureaucratische afwegingen die werden gemaakt om de sector te saneren of te ondersteunen.