Archief 745
Inventaris 745-384
Pagina 473
Dossier 103
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypte zakelijke brief met handgeschreven kanttekeningen en stempels.

24 juli 1942. Van: F. Mieghout, Rodenburglaan 16, Amstelveen. Aan: Den Weled. Heer A.H. de Haer, Centrale Markthallen, Amsterdam.

Origineel

Getypte zakelijke brief met handgeschreven kanttekeningen en stempels. 24 juli 1942. F. Mieghout, Rodenburglaan 16, Amstelveen. Den Weled. Heer A.H. de Haer, Centrale Markthallen, Amsterdam. F.Mieghout,
Rodenburglaan 16,
Amstelveen.-

Amstelveen, 24 Juli 1942.

[Stempel:] № 46 A / 476 / M. 1942 [Handgeschreven:] 25/7

[Handgeschreven aantekening rechtsboven:] n.i. Lef.

Den Weled. Heer A.H.de Haer,
Centrale Markthallen,
Amsterdam.-

Weled. Heer,

    Met referte aan ons telefonisch gesprek van hedenmorgen, zend ik U hierbij een verklaring van den Heer J.G.W. ter Voort, waaruit blijkt, dat de Heer F. Rooseman gedurende 1939 van bedoelden heer ter Voort wekelijksch 400 pond aal heeft afgenomen om te laten rooken.
    Waar, zooals ik U reeds eerder mededeelde, de Heer Rooseman juist in de jaren 1939 en 1940 herhaaldelijk ziek is geweest, wat ongetwijfeld van grooten invloed op zijn omzet is geweest, zult U begrijpen, dat de Heer Rooseman wat den verkoop van aal betreft toch niet tot de kleinere afnemers behoort te worden gerangschikt.
    U zoudt mij derhalve ten zeerste verplichten indien U dit geval nog eerst met de Heeren der Commissie zult willen bespreken en hoop, dat bijgesloten verklaring aanleiding zal zijn, dat aan den Heer Rooseman alsnog een toewijzing voor gerookte aal zal worden verstrekt.
    Ik zie Uw geëerd antwoord gaarne tegemoet en teeken,

hoogachtend,

1 bijlage.

[Handgeschreven rechtsonder:] 46A. * Doel van de brief: De schrijver, F. Mieghout, pleit voor een hogere toewijzing van gerookte aal voor een zekere heer F. Rooseman. Hij probeert aan te tonen dat de lage omzetcijfers van Rooseman in de referentiejaren (1939-1940) te wijten waren aan ziekte en niet aan de werkelijke schaal van zijn onderneming.
* Argumentatie: Als bewijs wordt een verklaring van een leverancier (J.G.W. ter Voort) bijgevoegd waaruit blijkt dat Rooseman in 1939 wekelijks 400 pond aal inkocht. Dit is een aanzienlijke hoeveelheid, bedoeld om te bewijzen dat hij geen "kleine afnemer" is.
* Toon: De brief is formeel en beleefd ("Weled. Heer", "geëerd antwoord"), wat gebruikelijk was voor zakelijke correspondentie in die tijd, zeker wanneer men een gunst of herziening van een besluit vroeg bij een officiële instantie. * Historische periode: De brief is gedateerd op 24 juli 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Distributiestelsel: Tijdens de oorlogsjaren was er sprake van schaarste en een strikt distributiesysteem. Ondernemers waren afhankelijk van "toewijzingen" (quota) van de overheid of controlerende instanties zoals de Centrale Markthallen om handel te mogen drijven of goederen te ontvangen.
* Referentiejaren: Toewijzingen werden vaak gebaseerd op de omzet uit de laatste vooroorlogse jaren (meestal 1939). De brief illustreert hoe individuele handelaren in de problemen kwamen als hun bedrijfsvoering in die referentiejaren door omstandigheden (zoals ziekte) niet representatief was.
* Locatie: De Centrale Markthallen in Amsterdam fungeerden als het kloppende hart van de voedseldistributie in de regio. Beslissingen die daar door "de Commissie" werden genomen, waren cruciaal voor het voortbestaan van kleine zelfstandigen.

Samenvatting

  • Doel van de brief: De schrijver, F. Mieghout, pleit voor een hogere toewijzing van gerookte aal voor een zekere heer F. Rooseman. Hij probeert aan te tonen dat de lage omzetcijfers van Rooseman in de referentiejaren (1939-1940) te wijten waren aan ziekte en niet aan de werkelijke schaal van zijn onderneming.
  • Argumentatie: Als bewijs wordt een verklaring van een leverancier (J.G.W. ter Voort) bijgevoegd waaruit blijkt dat Rooseman in 1939 wekelijks 400 pond aal inkocht. Dit is een aanzienlijke hoeveelheid, bedoeld om te bewijzen dat hij geen "kleine afnemer" is.
  • Toon: De brief is formeel en beleefd ("Weled. Heer", "geëerd antwoord"), wat gebruikelijk was voor zakelijke correspondentie in die tijd, zeker wanneer men een gunst of herziening van een besluit vroeg bij een officiële instantie.

Historische Context

  • Historische periode: De brief is gedateerd op 24 juli 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
  • Distributiestelsel: Tijdens de oorlogsjaren was er sprake van schaarste en een strikt distributiesysteem. Ondernemers waren afhankelijk van "toewijzingen" (quota) van de overheid of controlerende instanties zoals de Centrale Markthallen om handel te mogen drijven of goederen te ontvangen.
  • Referentiejaren: Toewijzingen werden vaak gebaseerd op de omzet uit de laatste vooroorlogse jaren (meestal 1939). De brief illustreert hoe individuele handelaren in de problemen kwamen als hun bedrijfsvoering in die referentiejaren door omstandigheden (zoals ziekte) niet representatief was.
  • Locatie: De Centrale Markthallen in Amsterdam fungeerden als het kloppende hart van de voedseldistributie in de regio. Beslissingen die daar door "de Commissie" werden genomen, waren cruciaal voor het voortbestaan van kleine zelfstandigen.

Locaties

De Centrale Markthallen in Amsterdam fungeerden als het kloppende hart van de voedseldistributie in de regio. Beslissingen die daar door "de Commissie" werden genomen waren cruciaal voor het voortbestaan van kleine zelfstandigen.

Kooplieden in dit dossier 4

Brasem (blei), meun, sneep en winde boven 1/2 kg Barbeel en kroeskarper Waterlooplein 0,41
dhr. Dinkgreve (voorzitter) Waterlooplein 0,30
Voorn en kolblei 250 gram en zwaarder en serpeling Waterlooplein 0,30
B. Gramsteman Waterlooplein 0,26