Doorslag van een getypte brief (archiefkopie).
Origineel
Doorslag van een getypte brief (archiefkopie). 7 augustus 1942. De Directeur (waarnemend) van een niet nader genoemde instantie (waarschijnlijk gelieerd aan de Visscherijcentrale). Den Heer H.F. Reitema, 2e Rozendwarsstraat 9, Amsterdam-Centrum. HB.
Verzonden 7/8
den Heer H.F. Reitema,
2e Rozendwarsstraat 9,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 9.
46A/487/2 M.
7 Augustus 1942.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 24 Juli j.l. deel ik U mede, dat na onderzoek door de door de Visscherijcentrale ingestelde Commissie is gebleken, dat U niet voor een verhoogde toewijzing van levende aal en zoetwatervisch in aanmerking kunt komen.
Aan Uw verzoek kan derhalve geen gevolg worden gegeven.
De Directeur,
wnd. De brief is een zakelijke afwijzing van een verzoek om extra rantsoenen of toewijzingen van vis. De toon is kort en formeel, zoals gebruikelijk in ambtelijke correspondentie uit die tijd.
Enkele opvallende details:
* Spelling: Gebruik van de oude spelling (vóór de hervorming van 1947), zoals "Visscherijcentrale" en "zoetwatervisch".
* Afkortingen: "d.d." (de dato - gedateerd), "j.l." (jongstleden) en "wnd." (waarnemend).
* Archivering: De code "HB." en "Wijk 9." duiden op een administratieve indeling, waarschijnlijk binnen de distributie-organisatie van Amsterdam. De handgeschreven tekst "Verzonden 7/8" bevestigt dat dit de kopie is die in het dossier van de verzender bleef. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1942 was de schaarste aan voedsel groot en stond bijna alles "op de bon" of onder strikt toezicht van overheidsinstellingen.
De Visscherijcentrale was een overheidsorgaan dat de controle hanteerde over de vangst, prijsvorming en distributie van vis. Omdat de visserij op de Noordzee door de oorlogsvoering nagenoeg stil lag, was de binnenvisserij (aal/paling en zoetwatervis) van groot belang voor de voedselvoorziening.
De ontvanger, de heer Reitema, was waarschijnlijk een vishandelaar of restauranthouder in de Amsterdamse Jordaan (2e Rozendwarsstraat). Hij had om een grotere toewijzing gevraagd, vermoedelijk om zijn zaak draaiende te houden, maar dit werd door de commissie geweigerd. Dergelijke weigeringen waren in deze periode schering en inslag vanwege de beperkte voorraden en de prioriteit voor export naar Duitsland of centrale gaarkeukens. H.F. Reitema