Archief 745
Inventaris 745-277
Pagina 382
Dossier 106
Jaar 1939
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijke rapportage en strafvoorstel.

9 januari 1939 (klacht) en 11 januari 1939 (advies/afhandeling).

Origineel

Handgeschreven ambtelijke rapportage en strafvoorstel. 9 januari 1939 (klacht) en 11 januari 1939 (advies/afhandeling). (In de linkermarge, verticaal geschreven:)
Agatha Dekenstr 44 II

(Hoofdtekst:)
Den Heer Inspecteur Marktwezen.

Zaterdagavond 7 Januari heeft de pkh
Nº 157 J.M. Aufdemkampe een hoeveelheid afval
op zijn plaats neergeworpen. De naast hem staande
pkhouders ruimen hun afval op, doch worden
daardoor aangemoedigd zijn voorbeeld te volgen.
Ik verzoek genoemden Aufdemkampe twee
dagen voorwaardelijk te straffen.

Amsterdam 9/1 '39
[Handtekening]

(Stempel in het midden:)
Nº 27/3/1 M. 1339 14/1

(Onderaan links:)
Ter Kalenkast [waarschijnlijk: Kaartenkast]

(Onderaan rechts, ambtelijk advies in ander handschrift:)
In verband met het bovenstaande geef
ik U in overweging J.M. Aufdemkampe
voorwaardelijk te straffen met ont-
zegging van het recht om een plaats op een
der markten in te nemen en wel voor twee dagen.
11-1-39
[Initialen/Handtekening] Dit document betreft een officiële rapportage aan de Inspecteur van het Marktwezen in Amsterdam. De klager (waarschijnlijk een marktmeester of toezichthouder) rapporteert dat plekhouder (pkh) J.M. Aufdemkampe op zaterdag 7 januari 1939 afval op zijn standplaats (No. 157) heeft achtergelaten.

De kern van de klacht is niet alleen de vervuiling zelf, maar ook de vrees voor precedentwerking: als deze overtreding niet wordt bestraft, zouden andere kooplieden dit slechte voorbeeld kunnen volgen. Er wordt een disciplinaire maatregel voorgesteld. In de kantlijn onderaan is te zien dat dit voorstel op 11 januari 1939 is overgenomen: een voorwaardelijke ontzegging van de markttoegang voor de duur van twee dagen. Het document stamt uit januari 1939, een periode waarin de Amsterdamse markten streng gereguleerd waren door het Gemeentelijk Marktwezen. Hygiënevoorschriften waren strikt om de openbare orde en volksgezondheid te waarborgen. De term "pkh" (plekhouder) duidt op een marktkoopman met een vaste vergunning voor een specifieke locatie. De "Agatha Dekenstraat 44 II" in de marge verwijst vermoedelijk naar het woonadres van de betrokkene. Dergelijke rapportages zijn kenmerkend voor de uitgebreide bureaucratische vastlegging van markttoezicht in die tijd.

Samenvatting

Dit document betreft een officiële rapportage aan de Inspecteur van het Marktwezen in Amsterdam. De klager (waarschijnlijk een marktmeester of toezichthouder) rapporteert dat plekhouder (pkh) J.M. Aufdemkampe op zaterdag 7 januari 1939 afval op zijn standplaats (No. 157) heeft achtergelaten.

De kern van de klacht is niet alleen de vervuiling zelf, maar ook de vrees voor precedentwerking: als deze overtreding niet wordt bestraft, zouden andere kooplieden dit slechte voorbeeld kunnen volgen. Er wordt een disciplinaire maatregel voorgesteld. In de kantlijn onderaan is te zien dat dit voorstel op 11 januari 1939 is overgenomen: een voorwaardelijke ontzegging van de markttoegang voor de duur van twee dagen.

Historische Context

Het document stamt uit januari 1939, een periode waarin de Amsterdamse markten streng gereguleerd waren door het Gemeentelijk Marktwezen. Hygiënevoorschriften waren strikt om de openbare orde en volksgezondheid te waarborgen. De term "pkh" (plekhouder) duidt op een marktkoopman met een vaste vergunning voor een specifieke locatie. De "Agatha Dekenstraat 44 II" in de marge verwijst vermoedelijk naar het woonadres van de betrokkene. Dergelijke rapportages zijn kenmerkend voor de uitgebreide bureaucratische vastlegging van markttoezicht in die tijd.

Locaties

Amsterdam.