Handgeschreven brief met administratieve kanttekeningen.
Origineel
Handgeschreven brief met administratieve kanttekeningen. 7 oktober 1942 (hoofdtekst), met latere annotaties op 16 en 28 oktober 1942. Onleesbaar (mogelijk J. v.d. Steen of vergelijkbaar). De heer M.A. de Waer. [Hoofdtekst]
Hr M.A. de Waer.
Fa Jan Muijs heeft
Vrijdag middag 2 October j.l.
aangevoerd 125 kistjes
gerookte Pos. à 10 pond.
Deze Pos is Zaterdag morgen
verkocht. De verdeeling
kon niet doorgaan, daar
de menschen de Pos niet
wilden hebben. Toen heeft
Jongbloed de afgeslagen
anders konden wij er niet
vanaf komen. -
Er was dien ochtend ook
te veel aanvoer van Pos.
Hoogachtend
[Signatuur, mogelijk J. de Steen]
7 – 10 – 42.
[Diagonale kantlijnnotitie, links]
16-10-42.
de opvatting van de fa
is onjuist. Indien de
prijs boven de maximum prijs
wordt afgenomen, moet
er onmiddellijk, indien
de bewijsstukken daartoe
dienende verzameld,
anders kunnen wij niet
optreden.
[Notitie rechtsonder in rood potlood/inkt]
mededeeling
aan N.V.C.
28-10-42
--- * De kwestie: De firma Jan Muijs leverde een aanzienlijke partij gerookte pos (125 kistjes van 10 pond). De consumenten ("de menschen") weigerden de vis echter te kopen, waarschijnlijk door een overschot op de markt die ochtend. Om van de bederfelijke waar af te komen, heeft een zekere Jongbloed de partij "afgeslagen" (beneden de prijs verkocht of via de veiling gedumpt).
* Prijsbeheersing: De diagonale aantekening van 16 oktober is een correctie van een inspecteur of ambtenaar. Deze stelt dat de firma een onjuiste opvatting heeft over de prijsregels. Er wordt streng gewezen op de "maximum prijs". Als er boven de vastgestelde prijs wordt gehandeld, moet er direct bewijslast verzameld worden voor juridische stappen.
* Terminologie: "Pos" (of posse) is een kleine zoetwatervis die in die tijd veelvuldig werd gerookt en gegeten, vaak als goedkoop alternatief voor schaarsere vissoorten.
--- Dit document stamt uit het derde jaar van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Tijdens de bezetting was de voedselvoorziening strikt gereguleerd door de overheid om zwarte handel te voorkomen en rantsoenering mogelijk te maken.
De N.V.C. (waarschijnlijk de Nederlandsche Voedselvoorziening in Oorlogstijd of een gerelateerd Centraal Bureau) hield toezicht op de distributie en prijsvorming. De brief illustreert de bureaucratische realiteit van de vishandel: zelfs wanneer er een overschot was en producten dreigden te bederven, bleven de regels omtrent de maximumprijs en officiële distributiekanalen leidend. De angst voor overtreding van de prijsbeheersing (economische delicten) is duidelijk zichtbaar in de ambtelijke kanttekening.