Brief (handgeschreven ambtelijk advies)
Origineel
Brief (handgeschreven ambtelijk advies) 2 november 1942 [Linksboven in de marge:]
vergunning voor
het koken
van
mosselen
[In rood potlood/inkt:]
46/A25/2
[Rechtsboven:]
A’dam, 2/11 1942
W.h. M
[Aantekening in ander handschrift:] 1 afschr. H. Meurs Insp. Mos. Comt.
[Hoofdtekst:]
Onder terugzending
van het met Uw kantbrief dd.
30 Oct. jl. om advies ontvangen
stuk No. 936 L.M. 1942 heb
ik de eer U te berichten, dat
adressant momenteel niet voor
mosselen in aanmerking komt,
omdat hij tot nu toe heeft
verzuimd voor den verkoop
daarvan een marktplaats aan
te vragen; ingevolge Uwe be-
slissing is de verkoop op
standplaatsen buiten de markten
verboden.
Voor het koken van mosselen
is vergunning noodig van het
Centraal Verkoopkantoor van
Mosselen te Bergen op Zoom;
deze wordt slechts uitgereikt aan
degenen, die ook in vorige jaren
de mosselen gekookt aan het
publiek hebben verkocht; adressant
behoort tot deze groep van per-
sonen en hem zal dan ook, De brief is een ambtelijk schrijven waarin geadviseerd wordt over een vergunningsaanvraag voor de verkoop van gekookte mosselen. De strekking is dat de aanvrager ("adressant") op dit moment geen toestemming krijgt.
De redenen hiervoor zijn strikt bureaucratisch en regelgebonden:
1. Locatiebeleid: De aanvrager heeft geen officiële marktplaats toegewezen gekregen. De geldende regels verbieden de verkoop op standplaatsen die zich buiten de officiële markten bevinden.
2. Specifieke kookvergunning: Naast een marktplaats is er een aparte vergunning nodig van het Centraal Verkoopkantoor van Mosselen in Bergen op Zoom om mosselen te mogen koken.
Hoewel de schrijver opmerkt dat de aanvrager in principe wel tot de doelgroep behoort (ervaren verkopers uit voorgaande jaren), blokkeert het ontbreken van de juiste standplaats de verdere procedure. Het document dateert uit november 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de economie volledig gereguleerd via distributiestelsels en strikte vergunningen om de schaarse voedselvoorziening te beheersen.
Het "Centraal Verkoopkantoor van Mosselen" was een van de vele instanties die toezagen op de handel in specifieke sectoren. Dat de controle zo diep ging dat er zelfs voor het koken van mosselen op straat specifieke toestemming nodig was op basis van historische verkoopcijfers, illustreert de verregaande bureaucratisering van het dagelijks leven en de handel tijdens de oorlogsjaren. De aantekening "Insp. Mos. Comt." duidt waarschijnlijk op een Inspecteur van een Mosselcommissariaat, wat de sterke overheidscontrole op de visserijsector benadrukt.