Handgeschreven rapport betreffende een incident op een marktterrein.
Origineel
Handgeschreven rapport betreffende een incident op een marktterrein. 19 februari 1942. Rapport: Amsterdam 19.2.42.
[Stempels: No 77/17/1 | M. 1942 20/2]
Tijdens Contrôle in schafttijd zijn er tientallen
menschen op 't terrein zonder toegangskaart, welke menschen
door ons v/d Markt verwijderd worden. Vanzelfsprekend
vragen wij iedereen zijn toegangskaart te zien. Dus kwam
ook C. L. Engenhulst-Kooper No 1598 aan de beurt.
Deze persoon beweerde geen kaart te hebben. Daarna
vertelde hij dat hij een bewijsje had. Ik vroeg hem dit
te laten zien waarop hij antwoordde dat hij dit verscheurd
had. Daarna terwijl ik mij met nog eenige personen had
beziggehouden had hij ineens wel een kaart. Deze kaart
heb ik hem toen afgenomen. Hij vroeg mij of ik wist dat ik
papieren van geldswaarden van hem had afgenomen.
En omdat ik dacht dat er mogelijk nog andere papieren
bij die kaart zaten haalde ik zijn kaart weer uit mijn zak
en niet zoodra had ik hem in mijn handen of hij griste
mij met geweld de kaart uit mijn handen.
Hierop heb ik hem medegenomen v/d ingang
waar Contr: Helsloot na veel heen en weer gepraat
de kaart voor mij in ontvangst nam. Engenhulst is bij
herhaling reeds bij u moeten komen voor andere
conflicten. Hij heeft dus zijn kaart uitgeleend is bedriege-
lijk onverschillig en onwelwillend.
Rapporteur J. Th. de Vries.
Aan den Heer Bedrijfschef M.W. [Stempel: G 20/2-42]
(In rode inkt): P/1/17/2/11 3 dagen ontzegging toegang [Paraaf] Dit rapport beschrijft een incident tijdens een routinecontrole op een niet nader gespecificeerd marktterrein in Amsterdam (mogelijk de Centrale Markthallen). De rapporteur, J. Th. de Vries, beschrijft hoe een zekere C. L. Engenhulst-Kooper zich probeerde te onttrekken aan de controle door tegenstrijdige verklaringen af te leggen over zijn toegangsbewijs.
Nadat Engenhulst-Kooper eerst beweerde geen kaart te hebben en deze later "verscheurd" zou zijn, toverde hij plotseling toch een kaart tevoorschijn. Wanneer de rapporteur de kaart inneemt, claimt de verdachte dat het om "papieren van geldswaarden" gaat en grist hij de kaart met geweld terug. Uiteindelijk moet een hogere functionaris, Controleur Helsloot, eraan te pas komen om de kaart definitief in te nemen. De rapporteur typeert Engenhulst-Kooper als een recidivist die "bedrieglijk, onverschillig en onwelwillend" is. Hij suggereert tevens dat de kaart mogelijk was uitgeleend.
Het document eindigt met een disciplinaire maatregel, genoteerd in rode inkt: een ontzegging van de toegang tot het terrein voor de duur van drie dagen. Het document dateert uit februari 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de controle op bewegingen, distributie en toegang tot vitale sectoren zoals de voedselvoorziening (markten) uiterst streng. Het bezit van een geldig "Ausweis" of toegangsbewijs was essentieel.
Het incident illustreert de dagelijkse spanningen en kleine daden van verzet of administratieve fraude (zoals het uitlenen van kaarten) die destijds veelvuldig voorkwamen. De opmerking over "papieren van geldswaarden" kan erop duiden dat de toegangskaart gekoppeld was aan distributierechten of handelsvergunningen, wat de agressieve reactie van de betrokkene verklaart. Het document geeft een inkijkje in de strikte bureaucratische handhaving binnen Amsterdamse bedrijfs- of gemeentelijke instanties tijdens de oorlogsjaren. Helsloot (Controleur) J. Th L. Engenhulst