Getypte brief (doorslag of officieel afschrift).
Origineel
Getypte brief (doorslag of officieel afschrift). 4 mei 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markthallen te Amsterdam). [Handgeschreven, blauw potlood:] Verzonden 4/5 [Handgeschreven, donkere inkt:] M. Thoene
[Getypt:]
VB/HG.
den Heer C.J.Witziers,
Burg.v.Amersfoortlaan 1,
HAARLEMMERMEER.
77/34/2 M. [ruimte] 4 Mei 1942.
Mij is gerapporteerd, dat U zich op 2 Mei jl. op een niet voor U bestemd tijdstip op de Centrale Markt heeft bevonden, terwijl U aan een bevel de Centrale Markt te verlaten, geen gevolg heeft gegeven. In verband met het zich niet houden aan, door een ambtenaar op de Centrale Markt dienstdoende, gegeven aanwijzingen, heb ik U ingevolge het bepaalde in artikel 35 lid 1 van het Reglement op die markt, gestraft met ontneming van het recht van toegang tot die markt voor den tijd van veertien dagen, namelijk van Woensdag 6 tot en met Dinsdag 19 Mei a.s.
De Directeur, * Onderwerp: Kennisgeving van een disciplinaire maatregel (marktverbod).
* Aanleiding: De geadresseerde, de heer Witziers, was op zaterdag 2 mei 1942 op een ongeoorloofd tijdstip aanwezig op de Centrale Markt. Bovendien negeerde hij het bevel van een dienstdoende ambtenaar om het terrein te verlaten.
* Sanctie: Een toegangsontzegging tot de markt voor de duur van veertien dagen (van 6 t/m 19 mei 1942).
* Juridische grondslag: Artikel 35, lid 1 van het Marktreglement.
* Toon: Formeel, zakelijk en dwingend, passend bij een ambtelijke berisping in oorlogstijd. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markthallen (waarschijnlijk die in Amsterdam) waren in deze periode van vitaal belang voor de voedselvoorziening en distributie. Vanwege de schaarste, rantsoenering en de bestrijding van de zwarte handel waren de regels voor toegang tot de markt uiterst streng.
Het feit dat iemand op een "niet bestemd tijdstip" aanwezig was en bevelen negeerde, werd in deze context zwaar opgenomen. De geadresseerde woonde in de Haarlemmermeer (Badhoevedorp), wat suggereert dat hij mogelijk een handelaar of vervoerder was die producten van of naar Amsterdam bracht. Dergelijke administratieve documenten geven inzicht in de strikte regulering van het dagelijks economisch leven en de handhaving van de openbare orde onder het bezettingsregime.