Archief 745
Inventaris 745-391
Pagina 78
Jaar 1942
Stadsarchief

Dienstverslag / Rapport van de Centrale Markt Amsterdam.

2 mei 1942.

Origineel

Dienstverslag / Rapport van de Centrale Markt Amsterdam. 2 mei 1942. [Getypt deel]

№ 77/35/1 M. 1942 4/5

R A P P O R T

Op Donderdag 30 April werd mij, ondergetekende, controleur Felthuis, door A.A. Eijpe, op de Centrale Markt medegedeeld, dat omstreeks 8.15 uur v.m van zijn handkar welke hij eenige oogenblikken onbeheerd had laten staan op pier C aan de achterzijde van pakhuis C.L een parij [partij] van 29 ledige kisten was gestolen, terwijl hij even daarna zijn handkar had teruggevonden bij de kisten opslagplaats van Barend van Dijk. Naar aanleidng [aanleiding] hiervan heb ik rapporteur, een onderzoek ingesteld waarbij mij het volgende is gebleken. Bij Barend van Dijk had, even voordat Eijpe zijn handkar met kisten vermiste, een jongeman bij van 29 ledige kisten ingeleverd ~~bij~~ op naam van een zekeren Snoek. Aan deze jongeman was een emballagebon ter waarde van f 27.18 voor deze kisten afgegeven. Uitbetaling van deze bon kon in verband met de groote drukte niet plaats vinden, reden waarom men dezen jongeman had aangezegd, dat hij Zaterdag 2 Mei het geld kon komen halen. Waar ik, rapporteur, het niet uitgesloten achtte, dat de kisten dezelfde waren van Eijpe en dat de bedoelde jongeman eerder om het geld zou komen, heb ik mij op Vrijdag 1 Mei in de omgeving van de bedoelde opslagplaats opgehouden. Omstreeks 8 uur v.m verscheen daar een jongeman welke mij door van Dijk werd aangewezen als dengene die de 29 kisten had ingeleverd. Deze jongeman bood bij van Dijk emballagebon No 904 ter uitbetaling aan. Desgevraagd verklaarde deze jongeman mij, dat hij het bedrag vermeld op den bon (f 27.18) moest ontvangen van kisten welke hij op 30 April des voormiddags omstreeks 8,15 uur bij van Dijk had ingeleverd. Aanvankelijk verklaarde hij dat hij de kisten had ingeleverd voor kooper P.M.A. Snoek, doch even later bekende hij de kisten te hebben gestolen. Bij onderzoek bleek mij, dat hij deze kisten had weggenomen van de handkar van Eijpe. Voorts, dat hij sinds Maandag 27 April 1942 bij kooper Snoek was ontslagen, doch nog in het bezit van zijn toegangskaart als personeel en daardoor nog toegang tot de Centrale Markt had kunnen verkrijgen. Bedoelde Jongeman gaf mij desgevraagd op te zijn genaamd:

GERARD NETT,
geboren te Koudekerke 27 October 1924, knecht, wonende 1e Jan Steenstraat 133 1 alhier.

De besproken emballagebon heb ik, ten behoeve van een strafrechterlijke vervolging, in beslaggenomen. Toegangskaart voor de Centrale Markt van Nett gaat hierbij.

Amsterdam 2 Mei 1942
Controleur,
[Handtekening: B. Felthuis]

Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen.
[Handtekening/Paraaf]

[Handgeschreven aantekeningen in rood/blauw potlood]

Links:
pub. 14 dagen + vervall. bon
4-5-42
[Paraaf]
4 maanden

Rechts:
77/35/2 Nett 4/5/42 [Initialen]
3 W L 17 4/5/42 [Initialen]
m.i.v. 6 Mei Het document is een proces-verbaal van een interne opsporingsambtenaar (controleur) van de Centrale Markt in Amsterdam. De controleur toont hierin een actieve recherche-houding door een "valstrik" op te zetten (posten bij de opslagplaats) nadat hij een verdachte transactie van lege kisten had gesignaleerd.

De verdachte, Gerard Nett, is een 17-jarige jongen die kort daarvoor was ontslagen. Hij maakte misbruik van het feit dat hij zijn toegangsbewijs nog had om de markt te betreden en goederen te ontvreemden. De waarde van de buit (f 27,18 voor 29 kisten) was voor die tijd aanzienlijk; ter vergelijking, een ongeschoolde arbeider verdiende destijds vaak minder dan 20 tot 25 gulden per week.

De handgeschreven aantekeningen onderaan duiden op de afhandeling door de bedrijfsleiding. De notities "14 dagen" en "4 maanden" in combinatie met "vervall. bon" suggereren een disciplinaire straf (ontzegging van de toegang) en het vervallen verklaren van het wederrechtelijk verkregen bedrag, naast de strafrechtelijke vervolging waar de controleur naar verwijst. Dit rapport dateert van mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was een vitaal onderdeel van de voedselvoorziening in de stad. Vanwege de toenemende schaarste en de invoer van het distributiestelsel werden emballage (zoals kisten) en toegang tot de markt streng gecontroleerd.

Diefstal op de markt werd in deze periode zeer serieus genomen, niet alleen door de Nederlandse autoriteiten maar ook door de bezetter, omdat het de gecontroleerde voedselstroom verstoorde. Het feit dat de dader een jongeman uit de Jan Steenstraat is (de Pijp), wijst op de sociaaleconomische nood die in de volksbuurten van Amsterdam heerste, waardoor jonge mannen soms vervielen in kleine criminaliteit om aan geld te komen.

Samenvatting

Het document is een proces-verbaal van een interne opsporingsambtenaar (controleur) van de Centrale Markt in Amsterdam. De controleur toont hierin een actieve recherche-houding door een "valstrik" op te zetten (posten bij de opslagplaats) nadat hij een verdachte transactie van lege kisten had gesignaleerd.

De verdachte, Gerard Nett, is een 17-jarige jongen die kort daarvoor was ontslagen. Hij maakte misbruik van het feit dat hij zijn toegangsbewijs nog had om de markt te betreden en goederen te ontvreemden. De waarde van de buit (f 27,18 voor 29 kisten) was voor die tijd aanzienlijk; ter vergelijking, een ongeschoolde arbeider verdiende destijds vaak minder dan 20 tot 25 gulden per week.

De handgeschreven aantekeningen onderaan duiden op de afhandeling door de bedrijfsleiding. De notities "14 dagen" en "4 maanden" in combinatie met "vervall. bon" suggereren een disciplinaire straf (ontzegging van de toegang) en het vervallen verklaren van het wederrechtelijk verkregen bedrag, naast de strafrechtelijke vervolging waar de controleur naar verwijst.

Historische Context

Dit rapport dateert van mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was een vitaal onderdeel van de voedselvoorziening in de stad. Vanwege de toenemende schaarste en de invoer van het distributiestelsel werden emballage (zoals kisten) en toegang tot de markt streng gecontroleerd.

Diefstal op de markt werd in deze periode zeer serieus genomen, niet alleen door de Nederlandse autoriteiten maar ook door de bezetter, omdat het de gecontroleerde voedselstroom verstoorde. Het feit dat de dader een jongeman uit de Jan Steenstraat is (de Pijp), wijst op de sociaaleconomische nood die in de volksbuurten van Amsterdam heerste, waardoor jonge mannen soms vervielen in kleine criminaliteit om aan geld te komen.

Ambtenaren

Bedrijfschef

Gerelateerde Documenten 1