Archief 745
Inventaris 745-391
Pagina 238
Dossier 107
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypt proces-verbaal (pagina 2 van een meerdelig verslag).

5 juni 1942 (betreft feiten van 3 en 5 juni 1942).

Origineel

Getypt proces-verbaal (pagina 2 van een meerdelig verslag). 5 juni 1942 (betreft feiten van 3 en 5 juni 1942). -2-

bon evenwel nog niet plaats gehad, aangezien het volgnummer van
den bon eerst morgen of overmorgen aan de beurt is."

  Hierna heb ik, verbalisant, aan Stornebrink en Van Kampen

een foto vertoond van een bij den Dienst van het Marktwezen bekend
persoon genaamd J.C. van Bek, wonende Tuinstraat 44 hs te Amsterdam-
Centrum. Stornebrink verklaarde, dat deze persoon dezelfde was,
die bij hem de 33 besproken kisten had ingeleverd en Van Kampen
verklaarde dezen persoon te herkennen als dezelfde aan wien hij
emballagebon No.488 had uitgereikt.

  Op Vrijdag 5 Juni 1942, omstreeks 8.45 uur v.m. heb ik,

verbalisant, in het kantoor van de kistencentrale van Van Dijk aan-
gehouden een persoon, die mij later desgevraagd opgaf te zijn ge-
naamd:
JAN CORNELIS VAN BEK,
geboren te Amsterdam, 26 Februari 1923, knecht, wonende Tuin-
straat 44 hs te Amsterdam-Centrum, waarna ik hem heb overgebracht
naar het Kaartenkantoor van de Centrale Markt, alwaar hij door mij
voorloopig is gehoord.
Van Bek verklaarde mij desgevraagd als volgt: "Op Woensdag
3 Juni 1942 omstreeks 11.30 uur v.m. heb ik bij de kistencentrale
van Barend van Dijk 33 ledige kisten, afkomstig van de groenten-
veiling te Delft, ingeleverd en hiervoor een emballagebon ter
waarden van ƒ 32,01 ontvangen. Ik had deze kisten even tevoren
weggenomen van een stapel ledige kisten, welke op pier D van de
Centrale Markt stond, aan de achterzijde van het pakhuis van den
grossier De Mooy. Ik wist, dat deze kisten aan bedoelden grossier
toebehoorden. Ik had van dezen grossier, noch van iemand anders,
toestemming gekregen om de 33 kisten weg te nemen of daar op
andere wijze over te beschikken. Hedenmorgen heb ik mij weer naar
het kantoor van Barend van Dijk begeven, met de bedoeling de em-
ballagebon ter uitbetaling aan te bieden, waartoe U mij evenwel
geen gelegenheid hebt gegeven. Ik heb de kisten weggenomen met de
bedoeling om het statiegeld, hetwelk ik hiervoor zou ontvangen,
voor mijzelf te behouden. De emballagebon heb ik thans nog in mijn
besit en stel ik U hierbij ter hand". (Ik, verbalisant, neem van
Van Bek in ontvangst een emballagebon genummerd 488, ten name van
Van Bek, gedateerd 3 Juni 1942 en ter waarde van ƒ 32,01).
Deze emballagebon heb ik, verbalisant, inbeslaggehouden en
bij dit proces-verbaal gevoegd.

  Ten slotte heb ik, verbalisant, mij op 5 Juni 1942 met Van

Bek naar pakhuis D 19 van de Centrale Markt begeven en aldaar
gehoord een persoon, die mij desgevraagd opgaf te zijn genaamd:
Cornelis de Mooy, grossier in groente, gevestigd in pakhuis D 19
van de Centrale Markt en wonende Moleneinde 33 te Rijnsburg (Z.H.)
die mij, nadat ik hem Van Bek had vertoond en van het vorenstaande
in kennis had gesteld, aangifte deed en verklaarde: "Ik heb van
het Marktwezen pakhuis D 19 van de Centrale Markt in huur voor de
uitoefening van mijn bedrijf. Aan de achterzijde van mijn pakhuis
stond op Woensdag 3 Juni 1942 een partij ledige kisten afkomstig
van de veiling te Delft. Voor elk van deze kisten heb ik aan de
betrokken veiling een gulden statiegeld betaald, hetwelk ik na
inlevering van de kisten weer terug ontvang. Van mijn broer
Willem de Mooy, die bij mij als personeel in dienst is, had ik
reeds vernomen, dat op Woensdag 3 Juni 1942 33 kisten van deze
partij waren weggenomen. Zooals ik thans van U verneem zou dit
gedaan zijn door den persoon, die U mij zoo juist hebt vertoond.
Ik had aan dezen persoon geen toestemming gegeven om 33 kisten
weg te nemen of op andere wijze over te beschikken. Indien hiertoe
termen aanwezig verzoek ik U tegen dezen persoon een strafrechter-

/daar
gek. * Inhoud: Het verslag beschrijft de aanhouding van de 19-jarige Jan Cornelis van Bek op verdenking van diefstal. Hij bekent dat hij op 3 juni 1942 33 lege veilingkisten heeft ontvreemd bij het pakhuis van grossier De Mooy op de Centrale Markt. Hij leverde deze direct in bij een kistencentrale om een statiegeldbon (emballagebon) te verkrijgen. Toen hij twee dagen later de bon wilde verzilveren, werd hij door de politie (de verbalisant) opgewacht en aangehouden.
* Juridische aspecten: Het document bevat een officiële bekentenis ("Ik had deze kisten even tevoren weggenomen... met de bedoeling om het statiegeld... voor mijzelf te behouden") en een officiële aangifte van de benadeelde grossier. Het eindigt met een verzoek tot strafrechtelijke vervolging.
* Taalgebruik: Het document is opgesteld in een zakelijke, ambtelijke stijl die kenmerkend is voor de Nederlandse politie in de jaren 40. Termen als "verbalisant", "omstreeks", "desgevraagd" en "inbeslaggehouden" zijn standaard jargon. * Historische periode: Juni 1942 valt midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd was er sprake van toenemende schaarste en distributie van goederen. Hoewel dit document een regulier strafbaar feit (diefstal) betreft, was statiegeld op emballage in deze tijd een waardevol goed. De waarde van ƒ 32,01 (ruim 32 gulden) was in 1942 een aanzienlijk bedrag voor een jonge knecht (ter vergelijking: een gemiddeld weekloon lag vaak rond dit bedrag).
* Locatie: De Centrale Markt in Amsterdam (het huidige Food Center Amsterdam) was het logistieke hart van de voedselvoorziening. Misdrijven rondom emballage en goederenstromen kwamen hier veelvuldig voor.
* Archivistisch belang: Dergelijke processen-verbaal bieden inzicht in de criminaliteit van alledag tijdens de bezettingsjaren, de werkwijze van de gemeentepolitie en de sociaaleconomische omstandigheden van die tijd.

Samenvatting

  • Inhoud: Het verslag beschrijft de aanhouding van de 19-jarige Jan Cornelis van Bek op verdenking van diefstal. Hij bekent dat hij op 3 juni 1942 33 lege veilingkisten heeft ontvreemd bij het pakhuis van grossier De Mooy op de Centrale Markt. Hij leverde deze direct in bij een kistencentrale om een statiegeldbon (emballagebon) te verkrijgen. Toen hij twee dagen later de bon wilde verzilveren, werd hij door de politie (de verbalisant) opgewacht en aangehouden.
  • Juridische aspecten: Het document bevat een officiële bekentenis ("Ik had deze kisten even tevoren weggenomen... met de bedoeling om het statiegeld... voor mijzelf te behouden") en een officiële aangifte van de benadeelde grossier. Het eindigt met een verzoek tot strafrechtelijke vervolging.
  • Taalgebruik: Het document is opgesteld in een zakelijke, ambtelijke stijl die kenmerkend is voor de Nederlandse politie in de jaren 40. Termen als "verbalisant", "omstreeks", "desgevraagd" en "inbeslaggehouden" zijn standaard jargon.

Historische Context

  • Historische periode: Juni 1942 valt midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd was er sprake van toenemende schaarste en distributie van goederen. Hoewel dit document een regulier strafbaar feit (diefstal) betreft, was statiegeld op emballage in deze tijd een waardevol goed. De waarde van ƒ 32,01 (ruim 32 gulden) was in 1942 een aanzienlijk bedrag voor een jonge knecht (ter vergelijking: een gemiddeld weekloon lag vaak rond dit bedrag).
  • Locatie: De Centrale Markt in Amsterdam (het huidige Food Center Amsterdam) was het logistieke hart van de voedselvoorziening. Misdrijven rondom emballage en goederenstromen kwamen hier veelvuldig voor.
  • Archivistisch belang: Dergelijke processen-verbaal bieden inzicht in de criminaliteit van alledag tijdens de bezettingsjaren, de werkwijze van de gemeentepolitie en de sociaaleconomische omstandigheden van die tijd.

Locaties

Amsterdam Centrale Markt.

Gerelateerde Documenten 1