Getypte circulaire/brief.
Origineel
Getypte circulaire/brief. 22 mei 1942. NEDERLANDSCHE GROENTEN-EN FRUITCENTRALE:
Laan Copes v. Cattenburch 62.
AFD. CONSERVERING. № 105/58/1 M. 1942 26/5
Dict.St.- Typ.JH.- AAN DE VEILINGEN.
No.212/’42.
Toestel 24 Gezien
Rb.V.V.O. 's-Gravenhage, 22 Mei 1942.
Betr: Rabarber voor de industrie.
Voor zoover van den aanvoer van rabarber het binnenlandsche gedeel-
te niet voor de versche consumptie wordt opgenomen, mag door U aan de indus-
trie worden toegewezen(onder binnenlandsche industrie worden niet verstaan
de diepvriezerijen). Voor deze regeling gelden de volgende bepalingen:
- Er mag alleen aan fabrikanten worden verkocht voor verwerking, wanneer
zij in het bezit zijn van een vergunning om rabarber te verwerken. - Het kwantum, dat de individueele fabrikant mag verwerken, is voorloo-
pig ongelimiteerd. In geval bij U voor bepaalde partijen meerdere gega-
digden zijn, dan kunt U onder hen naar billijkheid verdeelen, eventueel
daarbij aankoopen in voorgaande jaren in acht te nemen. - Zoolang voor de binnenlandsche versche consumptie wordt gekocht, mag
niet aan de industrie worden toegewezen.
Over eventueele toewijzingen aan de vriezerijen zullen wij U een
afzonderlijk bericht geven.
NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE:
[handgeschreven parafen]
(A) 18826 - '40 los Dit document is een directief schrijven van de centrale landbouwautoriteit aan de Nederlandse veilingen betreffende de distributie van rabarber. De kernpunten zijn:
- Prioriteitsstelling: De primaire bestemming van de rabarber is de "versche consumptie" door de binnenlandse bevolking. Alleen het overschot mag aan de industrie worden verkocht.
- Regulering: Industriële verwerkers moeten beschikken over een specifieke vergunning. Hoewel er momenteel geen limiet is aan de hoeveelheid ("ongelimiteerd"), wordt de veiling opgedragen om bij schaarste eerlijk te verdelen, waarbij historische aankoopcijfers als richtlijn dienen.
- Uitzondering: Diepvriesbedrijven ("vriezerijen") vallen buiten deze specifieke regeling; voor hen gelden aparte, later te communiceren regels. Het document dateert van mei 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedselvoorziening strikt gereguleerd door de overheid via een systeem van centrale distributie en vergunningen.
De "Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale" (NGF) speelde hierin een cruciale rol. Het was een overheidsorgaan (onderdeel van de Rijksbureaus) dat toezag op de productie, prijsvorming en verdeling van tuinbouwproducten. Het doel was om de voedselstroom te beheersen, tekorten te voorkomen (of te managen) en te garanderen dat de bevolking van basisbehoeften werd voorzien, terwijl tegelijkertijd surplusproductie voor industriële verwerking of export kon worden aangewend. De vermelding van "diepvriezerijen" is interessant, aangezien grootschalige conservering door bevriezing destijds een relatief nieuwe industriële ontwikkeling was.