Archief 745
Inventaris 745-395
Pagina 210
Dossier 7
Jaar 1942
Stadsarchief

Officiële circulaire (verordening met betrekking tot landbouwproducten).

20 november 1942. Dossier: 472, 529, 62

Origineel

Officiële circulaire (verordening met betrekking tot landbouwproducten). 20 november 1942. -4-
Circ.No.529/'42 dd.20 Nov.1942.

APPELEN.
Alle zure appelen van de "B" kwaliteit, met inbegrip van de zure bewaarappelen, voorzoover zij vallen onder de groepen II, III, IV en V., moeten aan de industrie worden afgeleverd.
Deze appelen dienen voor de verdeeling over de fabrieken, evenals de kroetappelen, gemeld te worden bij de bekende fabrikantleider.
Appelen "stip" van de sorteeringen IA en A. uit de groepen I, II, III, IV en V. moeten als valappelen worden geveild tegen den voor deze appelen vastgestelden prijs. (zie circulaire 346/'42 dd. 7 Aug.). Het overige "stip" alsmede de stekappelen met ten hoogste 20 % rct per vrucht dienen afzonderlijk bij de fabrikantleiders te worden gemeld.

KOOLRAPEN.
In de provincies Friesland, Groningen en in de Bommelerwaard mogen de koolrapen alleen worden geveild voorzoover deze uitsluitend bestemd zijn voor directe consumptie in de provincies Friesland, Groningen en in de Bommelerwaard, zoodat deze koolrapen momenteel niet in aanmerking komen voor export.

KROTEN.
De telers mogen ten hoogste 5 % per week van hun geteelde kroten aanvoeren. De veilingen dienen hierop toe te zien.

KWALITEITSVOORSCHRIFTEN.
De kwaliteitsvoorschriften voor 1942 U toegezonden bij circulaire No. 62 dd. 20 Februari 1942, dienen te worden gehandhaafd behoudens indien in deze circulaire afwijkende voorschriften ten aanzien van de maat, sorteering of anderszins zijn gegeven.

BLOEMKOOL.
Gepelde bloemkool mag niet worden aangevoerd. De stekbloemkool mag aan de veilingen, die over verpakkingsmateriaal beschikken, gedopt worden aangevoerd, terwijl aan de veilingen die los afleveren, deze bloemkool in blad, maar gekapt dient te worden aangevoerd. Deze bloemkool moet voor versche binnenlandsche consumptie worden geveild tegen een prijs van ten hoogste f.2.50 per 100 stuks.

PEEN ZONDER LOF.
Alle peen, anders dan jonge bospeen, dient als gebroken peen te worden aangevoerd. Gebroken peen moet volgroeid zijn, terwijl er geen gebarsten, vertakte of houterige exemplaren in mogen voorkomen.
Voor sorteering I komt alleen in aanmerking "Amsterdamsche bak" en "Nantes", welke steeds schoongewasschen ter veiling moeten worden aangevoerd.
Kleine peen van andere soorten, mits gezond, niet gebarsten of vertakt, moet ongewasschen maar ontdaan van zand en grond als stekpeen worden geveild tegen een prijs van f.2.50 per 100 kg.
Afgekeurde peen, mits vrij van grond en vuil, moet worden geveild tegen een prijs van maximaal f. 1.50 per 100 kg.
Roode peen in de klasse II, III en IV mag ongesorteerd worden aangevoerd in de prijsklasse van de grofste in elke partij voorkomende peen.

GELE PEEN ZONDER LOF.
Zie circulaire No.472/'42 dd. 16 October 1942, terwijl groene koppen mogen voorkomen tot ca. 6 cm. Het gewicht van gele peen voor menschelijke consumptie dient ten hoogste 1 kg. per stuk te bedragen. Zwaardere gele peen moet voor veevoeder worden bestemd.

KNOLSELDERIJ.
De knolselderij boven 6 cm.Ø mag niet meer met lof, maar dient zonder lof per kg. te worden geveild. Het lof, dat gezond, voldoende groen, droog en zuiver moet zijn, moet afzonderlijk per kg. worden geveild. Knolselderij van 4-6 cm. dient voorzoover met lof wordt aangevoerd per stuk en indien zonder lof wordt aangevoerd per kg. te worden verkocht. Knolselderij beneden 4 cm. dient gebost te worden aangevoerd en als bosselderij geveild. * Administratieve Stijl: Het document hanteert een gebiedende en uiterst gedetailleerde toon. Er is sprake van een strakke centrale sturing op de landbouwmarkt.
* Terminologie: Er wordt gebruikgemaakt van specifieke vaktermen zoals "stip" (een vlekziekte bij appels), "stekappelen" (beschadigde appels), "kroten" (bieten), "lof" (het bladgroen van wortels of knollen) en "geveild tegen den vastgestelden prijs".
* Economische Controle: De nadruk ligt op de bestemming van de producten (industrie vs. directe consumptie vs. veevoeder) en prijsbeheersing (maximumprijzen in guldens). Dit duidt op een poging om de voedselvoorziening te controleren en de zwarte handel tegen te gaan.
* Regionale Beperkingen: Er zijn specifieke handelsbeperkingen voor Friesland, Groningen en de Bommelerwaard, wat wijst op logistieke fragmentatie of het veiligstellen van lokale voedselvoorraden. Dit document stamt uit november 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening stond onder zware druk en werd gereguleerd door het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd.

Dergelijke circulaires waren essentieel voor de distributiebonnen-systematiek; de overheid moest exact weten hoeveel voedsel van welke kwaliteit beschikbaar was om de bevolking (en de bezetter) te voeden. Het feit dat bepaalde producten direct naar de "industrie" moeten, suggereert verwerking tot houdbare producten (zoals pulp of gedroogde groenten) voor leger- of noodvoorraden. De exportrestricties onderstrepen het tekort aan voedingsmiddelen in die periode. Rijksbureau

Samenvatting

  • Administratieve Stijl: Het document hanteert een gebiedende en uiterst gedetailleerde toon. Er is sprake van een strakke centrale sturing op de landbouwmarkt.
  • Terminologie: Er wordt gebruikgemaakt van specifieke vaktermen zoals "stip" (een vlekziekte bij appels), "stekappelen" (beschadigde appels), "kroten" (bieten), "lof" (het bladgroen van wortels of knollen) en "geveild tegen den vastgestelden prijs".
  • Economische Controle: De nadruk ligt op de bestemming van de producten (industrie vs. directe consumptie vs. veevoeder) en prijsbeheersing (maximumprijzen in guldens). Dit duidt op een poging om de voedselvoorziening te controleren en de zwarte handel tegen te gaan.
  • Regionale Beperkingen: Er zijn specifieke handelsbeperkingen voor Friesland, Groningen en de Bommelerwaard, wat wijst op logistieke fragmentatie of het veiligstellen van lokale voedselvoorraden.

Historische Context

Dit document stamt uit november 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening stond onder zware druk en werd gereguleerd door het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd.

Dergelijke circulaires waren essentieel voor de distributiebonnen-systematiek; de overheid moest exact weten hoeveel voedsel van welke kwaliteit beschikbaar was om de bevolking (en de bezetter) te voeden. Het feit dat bepaalde producten direct naar de "industrie" moeten, suggereert verwerking tot houdbare producten (zoals pulp of gedroogde groenten) voor leger- of noodvoorraden. De exportrestricties onderstrepen het tekort aan voedingsmiddelen in die periode.

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Aardappelen): Zand A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Bieten A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Kool A.G.F. (Groenten): Kroten A.G.F. (Groenten): Peen A.G.F. (Groenten): Sla A.G.F. (Groenten): Wortel Kruidenier (Droog): Bloem Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Lever Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Rijksbureau