Brief / Ambtelijk schrijven
Origineel
Brief / Ambtelijk schrijven 7 november 1939 J. Reng (mogelijk een marktmeester of toezichthouder) Waterlooplein 7 Nov: 1939
Den Heer
Inspecteur
___________
Aangaande het verzoek v/d Hr J. Blik pl:n: 17,
om gedurende de wintermaanden geen
gebruik van zijn plaats te maken, zou ik
U in overweging willen geven het verzoek
niet toe te staan, daar het m:i: niet opgaat
om Dhr: Blik vrij te stellen van het innemen
van zijn plaats, terwijl andere kooplieden
welke b:v: hengelsportart: te koop hebben (dus
hun verkoop toch ook zeer slecht is) gebruik van
hun plaats moeten maken. Wanneer dat soort
verzoeken toegestaan wordt, zouden enkele
kooplieden gedurende de winter de markt
ophouden, terwijl anderen o:a: Blik daar
zomers de vruchten van zouden plukken.
Dat Dhr: Blik vorige winter die toestemming
verleend is, is onwaar.
J. Reng In dit schrijven adviseert J. Reng de inspecteur om een verzoek van de heer H.J. Blik (houder van staanplaats 17 op het Waterlooplein) af te wijzen. Blik wilde gedurende de wintermaanden wegblijven van de markt, waarschijnlijk vanwege de kou en de teruglopende klandizie.
De argumentatie van Reng is gebaseerd op het principe van rechtsgelijkheid en de continuïteit van de markt:
1. Gelijkheid: Andere kooplieden met seizoensgebonden producten (zoals hengelsportartikelen) moeten ook in de slechte wintermaanden aanwezig zijn. Het zou onfair zijn als Blik een uitzonderingspositie krijgt.
2. Marktbelang: Als meer kooplieden dit zouden doen, zou de markt in de winter doodbloeden ("ophouden"), terwijl mensen zoals Blik in de zomer wel de vruchten plukken van de drukte.
3. Feitelijke onjuistheid: Reng weerspreekt de bewering van Blik dat hij het voorgaande jaar wel toestemming zou hebben gekregen.
De toon is formeel, zakelijk en beslist. Het handschrift is een vlot, Geoefend 20e-eeuws cursief. De brief dateert van november 1939. De Tweede Wereldoorlog was in september van dat jaar uitgebroken in Europa, maar Nederland was op dat moment nog neutraal. De economische omstandigheden waren echter onzeker.
Het Waterlooplein was (en is) een van de meest iconische markten van Amsterdam, historisch gelegen in het hart van de Joodse buurt. De marktreglementen waren streng: om een vaste staanplaats te behouden, was men doorgaans verplicht deze ook daadwerkelijk te bezetten, ongeacht de weersomstandigheden. De inspecteur van de Marktdienst hield hier toezicht op om te voorkomen dat de markt gaten vertoonde en daarmee aan aantrekkingskracht verloor.