Voorbedrukt ambtelijk formulier voor de administratie van marktgelden, hier gebruikt voor interne rapportage en correspondentie.
Origineel
Voorbedrukt ambtelijk formulier voor de administratie van marktgelden, hier gebruikt voor interne rapportage en correspondentie. (Gedrukte tekst is cursief weergegeven, handgeschreven tekst is in romein genoteerd.)
MARKTWEZEN.
DIENST 192... MARKTAFDEELING.
STAAT VAN ONTVANGEN MARKTGELD
over de maand ........................ 192...
[Over de tabel heen geschreven:]
Goldstein vermoedt, dat er een andere koopman met dezelfde soort visch op zijn verkoopplaats heeft gestaan, die het feit gepleegd zal hebben... Er staan regelmatig menschen met kistjes sprot in de nabijheid van de markt, die veel te duur verkoopen.
Kunt U nog een nader onderzoek instellen ter zake?
[Handtekening/Paraaf] 25/1 '23
[In de linkermarge, verticaal geschreven:]
is nog geen bewijs voor deze overtreding [Paraaf]
Overgelegde quitantiën van den Gemeente-Ontvanger:
[Over dit gedeelte heen geschreven:]
Goldstein is onder bijzondere contrôle door mij gesteld, teneinde ik het vermoeden heb, dat [hij] wel degelijk genoemde handeling heeft gepleegd.
De controle hiervoor is door mij opgedragen, ingaande 21 Jan. t/p 3
Scherp te controleeren.
Opgemerkt dient te worden, dat (blijkbaar) Amsterdam kistjes sprot en gerookte sprot ten verkoop wordt aangeboden buiten de ordening om.
Totaal [Paraaf: Moeshuise?] 26/1 -23
AMSTERDAM, den .................... 192...
Gezien door den Ambtenaar belast met de Contrôle,
AMSTERDAM, den .................... 192...
De Chef-marktopzichter,
[Rechtsonder, bij de handtekeningsectie:]
Insp. Schiphof
Ter inlichting bij de Politie gevraagd of er zaak contra Goldstein aanhangig is.
22/4 '23 [Paraaf] Dit document is een treffend voorbeeld van de informele wijze waarop officiële formulieren in de jaren '20 werden gebruikt voor interne communicatie. Hoewel het document bedoeld was voor de boekhouding van marktgeld, fungeert het hier als een dossierstuk over een vermoedelijke fraude- of overtredingszaak.
De zaak draait om Goldstein, een viskoopman die wordt verdacht van een overtreding. Hij probeert de schuld af te schuiven op een onbekende derde die op zijn plek zou hebben gestaan. De marktmeesters en inspecteurs lijken echter sceptisch: zij vermoeden dat Goldstein de overtreding zelf heeft begaan en plaatsen hem onder "bijzondere contrôle". De melding over de verkoop van "kistjes sprot" buiten de officiële marktregels ("buiten de ordening om") wijst op een breder probleem van illegale straathandel in Amsterdam in die tijd. Het dossier blijft enkele maanden open, getuige de navraag bij de politie in april 1923. In de vroege 20e eeuw was de handel op de Amsterdamse markten gebonden aan strikte verordeningen. De Dienst Marktwezen hield toezicht op de toewijzing van plekken en de betaling van staangeld. Sprot was een populair en goedkoop volksvoedsel, vaak verkocht in houten kistjes. Illegale verkoop buiten de marktzones was een bron van irritatie voor de overheid, omdat dit niet alleen tot oneerlijke concurrentie leidde, maar ook tot het mislopen van inkomsten voor de gemeente. Het document illustreert de actieve opsporingsrol die de marktopzichters in die tijd vervulden.