Archief 745
Inventaris 745-402
Pagina 181
Dossier 103
Jaar 1943
Stadsarchief

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

20 januari 1943. Van: Mevr. M. R. Goudketting - Rühling. Aan: De Directeur van de Centrale Marktwezen, Amsterdam.

Origineel

Handgeschreven brief (verzoekschrift). 20 januari 1943. Mevr. M. R. Goudketting - Rühling. De Directeur van de Centrale Marktwezen, Amsterdam. [Bovenaan de pagina, stempels en nummers:]
No. 25/3/1 M. 1943 / 21
517

Amsterdam 20/1 1943.

Mijnheer. met deze deel ik uw
mede als dat ik van Arnhem
naar Amsterdam ben geëvacueerd.
en ik altijd in de Groente en Fruit
handel ben geweest daar ik in Arnhem
altijd mijn handel van de centrale
inkoop heeft betrokken en van de
veilingen en daar de boodschap en
bescheiden heeft mede gekregen om
uw de Directeur van de centrale
markt wezen te verzoeken om mij
daar bij in te schakelen. misschien
dat ik van uwe een plaats op de
markt kan krijgen in de Albertcuypstr.
Mijn Toewijzing van Fruit is A.
en van de groenten. D. een gunstig
Antwoord van uw tegemoet ziende
verblijf ik met de meeste Hoogachtend.

M. R. Goudketting Rühling
Nieuwe Prinsengracht 30 III
Amsterdam.

[Aantekeningen in de marge en onderaan:]
Gemengd huwelijk.
Man ging in Arnhem naar veilingen.
Man en vrouw nemen samen plaats in op de markt.

Dir ter beslissing
29-1-43
[Paraaf]

In besprek
Overleg ter zake met Hr. Lombard
3-2-43 [Paraaf]

Oproepen
25-1-43 [Paraaf]

afwijzen
Aan verzoek kan niet worden voldaan
D 25 Het document is een zakelijk verzoekschrift van een vrouw die vanwege de oorlogsomstandigheden vanuit Arnhem naar Amsterdam is verhuisd (ze gebruikt de term "geëvacueerd"). Ze probeert haar eerdere beroep als groente- en fruithandelaar voort te zetten in Amsterdam, specifiek op de Albert Cuypmarkt.

Opvallend is de ambtelijke afhandeling die op het document zichtbaar is:
* Taalgebruik: De brief is geschreven in een wat onbeholpen, maar beleefde stijl ("uw de Directeur... te verzoeken").
* Bureaucratic annotaties: Er is met verschillende kleuren pen en potlood op de brief geschreven door ambtenaren. De notitie "Gemengd huwelijk" is cruciaal; dit duidt op de raciale classificatie onder de Duitse bezetting (waarschijnlijk een Joodse man getrouwd met een niet-Joodse vrouw, of andersom).
* Besluitvorming: Ondanks haar ervaring en de toewijzingscategorieën (A voor fruit, D voor groenten), is het uiteindelijke verdict rechtsonder in blauw potlood resoluut: "afwijzen" en "Aan verzoek kan niet worden voldaan". Dit document stamt uit januari 1943, een periode waarin de Jodenvervolging in Nederland in volle gang was. De schrijfster, mevrouw Goudketting-Rühling, woonde aan de Nieuwe Prinsengracht, een straat in de toenmalige Jodenbuurt van Amsterdam.

De term "geëvacueerd" uit Arnhem kan wijzen op de gedwongen verhuizing van Joden uit de provincie naar Amsterdam, wat een opmaat was naar deportatie. De aantekening "Gemengd huwelijk" was in die tijd een administratieve categorie die voor de betrokkenen vaak (tijdelijk) een iets minder streng regime betekende dan voor "voljoden", maar zoals uit dit document blijkt, betekende het niet dat zij hun economische rechten behielden. Het marktwezen in Amsterdam stond onder streng toezicht en Joden werden stelselmatig uit het economische leven geweerd. De afwijzing van haar verzoek moet in dat licht worden gezien: als onderdeel van de economische uitsluiting van de Joodse bevolking.

Samenvatting

Het document is een zakelijk verzoekschrift van een vrouw die vanwege de oorlogsomstandigheden vanuit Arnhem naar Amsterdam is verhuisd (ze gebruikt de term "geëvacueerd"). Ze probeert haar eerdere beroep als groente- en fruithandelaar voort te zetten in Amsterdam, specifiek op de Albert Cuypmarkt.

Opvallend is de ambtelijke afhandeling die op het document zichtbaar is:
* Taalgebruik: De brief is geschreven in een wat onbeholpen, maar beleefde stijl ("uw de Directeur... te verzoeken").
* Bureaucratic annotaties: Er is met verschillende kleuren pen en potlood op de brief geschreven door ambtenaren. De notitie "Gemengd huwelijk" is cruciaal; dit duidt op de raciale classificatie onder de Duitse bezetting (waarschijnlijk een Joodse man getrouwd met een niet-Joodse vrouw, of andersom).
* Besluitvorming: Ondanks haar ervaring en de toewijzingscategorieën (A voor fruit, D voor groenten), is het uiteindelijke verdict rechtsonder in blauw potlood resoluut: "afwijzen" en "Aan verzoek kan niet worden voldaan".

Historische Context

Dit document stamt uit januari 1943, een periode waarin de Jodenvervolging in Nederland in volle gang was. De schrijfster, mevrouw Goudketting-Rühling, woonde aan de Nieuwe Prinsengracht, een straat in de toenmalige Jodenbuurt van Amsterdam.

De term "geëvacueerd" uit Arnhem kan wijzen op de gedwongen verhuizing van Joden uit de provincie naar Amsterdam, wat een opmaat was naar deportatie. De aantekening "Gemengd huwelijk" was in die tijd een administratieve categorie die voor de betrokkenen vaak (tijdelijk) een iets minder streng regime betekende dan voor "voljoden", maar zoals uit dit document blijkt, betekende het niet dat zij hun economische rechten behielden. Het marktwezen in Amsterdam stond onder streng toezicht en Joden werden stelselmatig uit het economische leven geweerd. De afwijzing van haar verzoek moet in dat licht worden gezien: als onderdeel van de economische uitsluiting van de Joodse bevolking.