Ambtelijk advies / Interne notitie.
Origineel
Ambtelijk advies / Interne notitie. 14 juli 1943 (met aanvullingen op 16 en 19 juli 1943). Th. Vrij
advies.
14-7-43
de Haan
Adressant Engel heeft nimmer een
vaste plaats ingenomen, is ook niet
ingeschreven als sollicitant.
Mij is medegedeeld dat Engel bij den
stal van Verkoeven behulpzaam was
die sinds Sept '42 een losse plaats
innam voor den verkoop van gebak.
De Engel heeft dus niet langere
tijd het bedrijf als kok of gebak-
verkoper uitgeoefend.
[Stempel: 16 JULI 1943]
[Paraaf: Vrij]
Engel deelde mij mede
samen te hebben gewerkt met
Verkoeven. Verkoeven is naar
buiten vertrokken. E. verzoekt
thans een losse plaats te mogen
innemen. m.i. geen bezwaar.
19-7-43
de Haan
Acc.
[onleesbare paraaf]
[Marge links onderaan:]
Th. Vrij
ter kennisneming.
1/2 30 [of tijdsaanduiding] Het document is een ambtelijke correspondentie over een vergunningsaanvraag voor straathandel tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van de zaak is of de heer Engel recht heeft op een 'losse plaats' (een tijdelijke standplaats op een markt of straat).
In eerste instantie is het advies van De Haan (14 juli) gereserveerd: Engel staat niet officieel ingeschreven en heeft geen verleden als zelfstandig houder van een vaste plaats. Hij was slechts een hulpje bij een zekere Verkoeven.
Echter, na een gesprek met Engel (onderste gedeelte van de brief) herziet de ambtenaar zijn standpunt. Omdat Verkoeven is vertrokken ("naar buiten vertrokken"), wil Engel de plek overnemen. Het uiteindelijke advies van De Haan op 19 juli luidt: "m.i. geen bezwaar" (mijns inziens geen bezwaar), waarna het document voor akkoord ("Acc.") wordt geparafeerd. Dit document stamt uit juli 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de distributie van voedsel en de regulering van markthandel uiterst streng vanwege schaarste en de controle van de bezetter.
Het feit dat er specifiek wordt gesproken over de verkoop van "gebak" is interessant, aangezien ingrediënten zoals suiker, boter en bloem in 1943 schaars en op de bon waren. Standplaatsvergunningen waren cruciaal voor het levensonderhoud van kleine ondernemers. De term "naar buiten vertrokken" met betrekking tot Verkoeven zou kunnen duiden op vertrek naar het platteland, of in de context van de tijd, een mogelijk minder vrijwillig vertrek (zoals tewerkstelling in Duitsland), hoewel dat uit deze tekst niet direct bewijsbaar is.