Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie.
Origineel
Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie. 20 augustus 1943. Vermoedelijk de Dienst der Marktwezen van de Gemeente Amsterdam (gezien de aantekening "afd. Marktw."). [Paars stempel linksboven]: No. 25/25/3 M. 1943 23/8
[Handgeschreven inkt rechtsboven]: afd Marktw. 89
Aan Mw. C. Renes.
Weteringstraat 30
Amsterdam. C.
L.M. 48/6
[Handgeschreven potlood door het midden]: niet bij mij [gevolgd door onleesbare paraaf]
20 Augustus 1943.
Klacht.
In antwoord op Uw schrijven van 21 Juli j.l. deel ik U het volgende mede.
De opzegging van een vaste marktplaats geschiedt schriftelijk. De betrokken marktmeester heeft daartoe gedrukte formulieren gereed, die onmiddellijk kunnen worden ingevuld.
Er is echter gebleken, dat U geen schriftelijk verzoek tot afstand doen van Uw plaats hebt ingediend.
Wegens het genieten van ondersteuning van het Gemeentelijk Bureau voor Sociale Zaken, werd U met ingang van 14 Januari 1940 vrijgesteld van het betalen van marktgeld. U waart op dat tijdstip echter nog f.2.70 schuldig wegens marktgeld van 1 tot 13 Januari 1940. Hiervan werd U schriftelijk mededeeling gedaan. Eerst op 25 November 1940 verloor U het recht op Uw plaats, omdat U Uw plaats, door de ondersteuning, langer dan zes maanden niet had bezet. Ook hiervan werd U op de hoogte gesteld.
Op al deze mededeelingen hebt U nimmer iets laten hooren. Dit document is een formele afwijzing van een klacht ingediend door Mevrouw C. Renes. De kern van het geschil betreft het verlies van haar vaste marktplaats in Amsterdam. De administratie stelt dat Renes niet heeft voldaan aan de formele vereisten voor opzegging (het invullen van een formulier bij de marktmeester) en dat zij haar rechten heeft verspeeld door de marktplaats langer dan zes maanden niet te bezetten.
Opvallend is de vermelding van financiële details: een openstaande schuld van 2,70 gulden uit januari 1940 en het feit dat zij een uitkering ("ondersteuning") ontving van het Bureau voor Sociale Zaken, wat haar vrijstelde van marktgeld maar blijkbaar ook leidde tot het niet bezetten van de kraam. De ambtelijke toon is kortaf en wijst op een strikte naleving van de regels. De brief is gedateerd op 20 augustus 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de brief een louter administratieve kwestie lijkt te behandelen (marktwezen), weerspiegelt het de bureaucratische continuïteit van het gemeentelijk apparaat tijdens de bezettingsjaren.
In deze periode was schaarste alomtegenwoordig en was een marktplaats een essentieel middel van bestaan. De vermelding dat de mevrouw ondersteuning genoot, duidt op armoede. De datum 25 november 1940 (wanneer zij haar recht op de plaats verloor) valt samen met de vroege fase van de bezetting, waarin veel Joodse marktkooplieden werden geweerd, hoewel er uit deze specifieke tekst geen directe aanwijzingen zijn dat Mw. Renes Joods was. De handgeschreven opmerking "niet bij mij" suggereert dat het document intern is doorgestuurd tussen verschillende gemeentelijke afdelingen. C. Renes Gemeente Amsterdam Marktwezen