Handgeschreven brief (klacht).
Origineel
Handgeschreven brief (klacht). 26 december 1943. D. Hosvelt, Beukenweg 8 III, Amsterdam. Den Heer Directeur van het Marktwezen te Amsterdam. Amsterdam, 26 December 1943
Aan den Heer Directeur
van het Marktwezen
te Amsterdam
WelEdele Heer,
In verband met het feit dat mijn echtgenoote, die in het bezit is van een voorrangskaart voor zieken afgegeven op medisch advies, door den Volksdienst op Vrydag 24 Dec. j.l. door den Marktmeester, dienstdoende in de Dappershaal en omgeving, te kennen gegeven werd dat zij met deze kaart niet in aanmerking kwam voor voorrang bij den verkoop van visch, richt ik tot U de vraag of deze opvatting Uw instemming heeft.
Zoo ja, dan beteekent het dat wij practisch van vischvoorziening uitgesloten zijn en dat Uw dienst geen attentie heeft voor de behoefte van zieken en ouden van dagen en deze categoriën in de handen van den zwarthandel in visch drijft en hun voorrangskaart voor Uw dienst aldus een zinloos gebaar is.
Mocht dit niet het geval zijn dan zou ik Uw duidelijk antwoord zeer op prijs stellen en vertrouw ik dat U de betrokken ambtenaar ook van Uw opvatting doet blijken.
Inmiddels hoogachtend,
D. Hosvelt
Beukenweg 8 III
Amsterdam In deze brief beklaagt D. Hosvelt zich bij de directeur van het Amsterdamse Marktwezen over een incident op de markt in de Dappershaal (nabij de Dapperstraat) op kerstavond 1943. Zijn echtgenote, die vanwege medische redenen een officiële voorrangskaart bezat, werd door de dienstdoende marktmeester geweigerd bij de verkoop van vis.
De toon van de brief is formeel en beleefd, maar bevat een scherpe ondertoon van morele verontwaardiging. De schrijver wijst op de sociale gevolgen van dergelijk bureaucratisch optreden: het dwingt kwetsbare groepen (zieken en ouderen) naar de illegale zwarthandel omdat zij in de reguliere distributie niet aan de beurt komen. Hij stelt de directeur voor de keuze: ofwel dit is officieel beleid (wat hij schandalig vindt), ofwel de ambtenaar moet worden gecorrigeerd. De brief dateert uit de winter van 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Dit was een periode van extreme schaarste, waarbij vrijwel alle levensmiddelen op de bon waren. Voorrangskaarten waren van cruciaal belang voor mensen die fysiek niet in staat waren urenlang in de kou in de rij te staan.
De genoemde "Volksdienst" verwijst naar de Nederlandsche Volksdienst (NVD), een door de nazi's opgezette sociaal-maatschappelijke organisatie. Hoewel veel Nederlanders deze organisatie wantrouwden, was men voor het verkrijgen van bepaalde sociale voorzieningen of voorrangsbewijzen vaak op hen aangewezen. De brief illustreert de dagelijkse overlevingsstrijd van de Amsterdamse bevolking en de frustratie over de starre houding van lokale autoriteiten in een tijd van nood. D. Hosvelt Marktwezen