Archief 745
Inventaris 745-402
Pagina 588
Dossier 29
Jaar 1943
Stadsarchief

Handgeschreven bericht/notitie op briefkaartformaat.

9 augustus 1943 (genoteerd als 9/8 - 43). Van: Th. P. Vijn, woonachtig aan de Jacob van Lennepstraat 243, Amsterdam.

Origineel

Handgeschreven bericht/notitie op briefkaartformaat. 9 augustus 1943 (genoteerd als 9/8 - 43). Th. P. Vijn, woonachtig aan de Jacob van Lennepstraat 243, Amsterdam. A’dam 9/8 -43
M u.i. L. op.

Onderget. was de vorige
week door ziekte verhinderd
zijn plaats op de Markt
ten Waterlooplein in te nemen

Hoogachtend
Th. P. Vijn
J v Lennepstraat 243
A’dam * Taal en handschrift: Het document is geschreven in het Nederlands met een courant, enigszins zwierig handschrift uit het midden van de 20e eeuw. Het taalgebruik is formeel ("Onderget.", "Hoogachtend").
* Inhoud: De afzender, Th. P. Vijn, informeert een instantie (mogelijk de Marktwezen-afdeling van de gemeente) dat hij zijn marktplaats op het Waterlooplein de voorgaande week niet kon bezetten vanwege ziekte. Dit was van belang voor het behoud van de vergunning of ter voorkoming van boetes.
* Administratieve sporen: De afkorting "n.i. L. op." rechtsboven zou kunnen staan voor "niet in lijst opgenomen", wat erop wijst dat dit briefje is gebruikt voor het bijwerken van presentielijsten van marktkooplui. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De datum (augustus 1943) en de locatie (de markt op het Waterlooplein) zijn historisch beladen. Het Waterlooplein bevond zich in het hart van de Joodse buurt van Amsterdam. Sinds september 1941 was deze markt door de bezetter aangewezen als een 'Joodse markt', waar uitsluitend Joden mochten handelen en kopen.

In augustus 1943 waren de grootschalige deportaties van de Joodse bevolking uit Amsterdam echter al grotendeels voltooid (de laatste grote razzia vond plaats op 29 september 1943). Het feit dat iemand op dit moment nog een officiële reden voor afwezigheid indient, kan betekenen dat de afzender een niet-Joodse koopman was die op een specifiek gedeelte van de markt stond, of iemand met een (tijdelijke) uitzonderingspositie. Het document is een voorbeeld van hoe de alledaagse bureaucratie rondom het marktwezen gewoon doorging, zelfs in tijden van extreme maatschappelijke ontwrichting.

Samenvatting

  • Taal en handschrift: Het document is geschreven in het Nederlands met een courant, enigszins zwierig handschrift uit het midden van de 20e eeuw. Het taalgebruik is formeel ("Onderget.", "Hoogachtend").
  • Inhoud: De afzender, Th. P. Vijn, informeert een instantie (mogelijk de Marktwezen-afdeling van de gemeente) dat hij zijn marktplaats op het Waterlooplein de voorgaande week niet kon bezetten vanwege ziekte. Dit was van belang voor het behoud van de vergunning of ter voorkoming van boetes.
  • Administratieve sporen: De afkorting "n.i. L. op." rechtsboven zou kunnen staan voor "niet in lijst opgenomen", wat erop wijst dat dit briefje is gebruikt voor het bijwerken van presentielijsten van marktkooplui.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De datum (augustus 1943) en de locatie (de markt op het Waterlooplein) zijn historisch beladen. Het Waterlooplein bevond zich in het hart van de Joodse buurt van Amsterdam. Sinds september 1941 was deze markt door de bezetter aangewezen als een 'Joodse markt', waar uitsluitend Joden mochten handelen en kopen.

In augustus 1943 waren de grootschalige deportaties van de Joodse bevolking uit Amsterdam echter al grotendeels voltooid (de laatste grote razzia vond plaats op 29 september 1943). Het feit dat iemand op dit moment nog een officiële reden voor afwezigheid indient, kan betekenen dat de afzender een niet-Joodse koopman was die op een specifiek gedeelte van de markt stond, of iemand met een (tijdelijke) uitzonderingspositie. Het document is een voorbeeld van hoe de alledaagse bureaucratie rondom het marktwezen gewoon doorging, zelfs in tijden van extreme maatschappelijke ontwrichting.