Handgeschreven verzoekschrift.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift. 17 september 1943 (met ambtelijke aantekeningen tot 8 oktober 1943). Ph. de Mulder, Brinkestraat 277 II (Enschede). Waarschijnlijk de marktmeester of het gemeentebestuur. [Stempel linksboven]
No. 27/21/1 M. 1943 22/9
[Rechtsboven]
17 Sept 43
144
antw. [?]
[Hoofdtekst]
Geachte Mijnheer
Ondergetekende, verzoekt U
beleefd, voor een vaste
standplaats op de Markt
ten Katestraat, voor de
verkoop van Textiel
Bij Voorbaat
mijn hartelijken
dank
Achtend
Ph de Mulder
Brinkestraat
277 II
[Aantekening links midden]
Ter welwillende
advies.
(Is Ph. de Mulder in
het bezit van een textiel
vergunning??).
22-9-43
deKauw [?]
[Aantekening linksonder]
Ph Mulder is in
bezit van Textiel-
vergunning. Komt
aan loopen zijn ± 3
malen p week.
bij inschrijven voor
vaste plaats.
29/9. 43 [Paraaf]
[Aantekening rechtsonder]
aan omroeren met stukken [...]
Opgez. res. 8/10. 43. [Paraaf]
Vaste plaats in Katestraat
en losse plaats Westerstraat
uitgereikt
Ontvangen. [Paraaf] 8/10 '43. Het document betreft een formele aanvraag voor een vaste marktstandplaats tijdens de Tweede Wereldoorlog. De heer Philip de Mulder verzoekt om een plek in de Katestraat te Enschede voor de verkoop van textiel.
Uit de ambtelijke kanttekeningen blijkt de procedurele afhandeling:
1. Controle: Er wordt specifiek gevraagd of de aanvrager een "textielvergunning" heeft. In 1943 was textiel een schaars goed en was de handel strikt gereguleerd door de bezetter en de distributiedienst.
2. Verificatie: Op 29 september wordt bevestigd dat hij de juiste papieren heeft en dat hij reeds drie keer per week op de markt aanwezig is (waarschijnlijk op losse basis).
3. Besluit: Op 8 oktober 1943 wordt de aanvraag ingewilligd. Hij krijgt een vaste plek in de Katestraat en een losse plek in de Westerstraat toegewezen. Dit document is een treffend voorbeeld van de economische ordening tijdens de Duitse bezetting in Nederland. De nadruk op de textielvergunning verwijst naar de distributiestamkaarten en de algemene schaarste in de textielsector, die Enschede als textielstad hard trof. De genoemde locaties (Katestraat, Westerstraat en Brinkestraat) plaatsen het verzoek stevig in de topografie van Enschede. Het document toont aan dat de gemeentelijke bureaucratie, ondanks de oorlogsomstandigheden, nauwgezet bleef functioneren wat betreft de toewijzing van openbare marktplaatsen. Philip de (De heer)