Handgeschreven verzoekschrift op een kaart.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift op een kaart. 8 januari 1943. G. Strook, Bethaniënstraat 33 I, Amsterdam. A.dam 8-1-'43.
Geachte Heer. m. resp.
Daar ik sinds 5 Nov. 1942, in 't
bezit ben van 'n voorkeurskaart.
en 't eerste half jaar 1943.
betaald heeft voor 'n plaats
op de Nieuw-markt. En nog niet
in 't bezit van 'n legitimatie
bewijs, verzoekt ondergetekende
beleefd toezending daarvan.
Bethaniënstr. Achtend G. Strook.
(e) A.dam 33 I * Inhoud: De brief betreft een formeel verzoek van G. Strook aan een waarschijnlijk gemeentelijke instantie (zoals het Marktwezen) voor de toezending van een officieel legitimatiebewijs.
* Kernpunten: De schrijver geeft aan dat hij/zij al sinds november 1942 over een 'voorkeurskaart' beschikt en reeds het staangeld heeft betaald voor een marktplaats op de Nieuwmarkt voor de eerste helft van het jaar 1943. Ondanks deze betaling en status ontbreekt het bijbehorende legitimatiebewijs nog.
* Stijl en handschrift: Het schrijven is opgesteld in een beleefde, enigszins formele stijl ("verzoekt ondergetekende beleefd"). Er is sprake van een kleine grammaticale onjuistheid ("ik ... betaald heeft"), wat kenmerkend kan zijn voor iemand die een ambtelijke toon probeert aan te slaan. Het handschrift is een vlot maar duidelijk leesbaar 20e-eeuws cursief. De afkorting "m. resp." bovenaan staat vermoedelijk voor "met respect". * Tweede Wereldoorlog: De datum (januari 1943) plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was het economische leven, inclusief de markthandel, onderworpen aan strikte regelgeving, vergunningsstelsels en distributiemaatregelen.
* Locatie: De Nieuwmarkt in Amsterdam was (en is) een centraal marktterrein. Tijdens de bezetting bevond deze markt zich in een precaire positie, grenzend aan de Jodenbuurt die in deze periode stapsgewijs werd ontruimd door de bezetter. De Bethaniënstraat, waar de afzender woonde, ligt in de directe nabijheid van de Nieuwmarkt.
* Maatschappelijk belang: Dit document illustreert de dagelijkse bureaucratie waarmee kleine zelfstandigen en marktkooplieden te maken hadden om hun werk legaal te mogen blijven uitoefenen in oorlogstijd. Het toont de noodzaak aan van officiële documentatie (voorkeurskaarten, legitimatiebewijzen) om toegang te behouden tot schaarse handelsplaatsen. G. Strook Marktwezen