Archiefdocument
Origineel
28 september 1943. [Stempel/Aantekening linksboven:] No. 29/61/1 M. 1943 1/10
[Aantekening rechtsboven:] m.o. 259
[Aantekening diagonaal over de regels 3-5:] mag op Nieuwmarkt geen plaats meer hebben. wel op andere dagmarkt
28 September 1943.
Geachte Meneer,
Bij deze vraag ik de even uw aandacht voor het volgende. Ik heb zoolang de Nieuwmarkt er is (dat wil zeggen na het sluiten van het Waterloopplein) altijd opgestaan met koffie en koek en ik had reeds lang een vaste standplaats. Maar door omstandigheden ben ik in de gevangenis geweest een jaar en in die tussentijd is er het een en ander niet goed gegaan zoodoende dat mijn vrouw in de steun kwam te vervallen en zoodoende niet de markt kon bezoeken. Nu werd de vergunning door Sos. Zaken op 22-8-43 is ingenomen. En nu kwam ik j.l. Maandag den 27 Sept '43 op uw kantoor en daar vertellen ze mijn dat ik sinds Mei '43 bedankt heb. Nu kan het wezen dat mijn (vrouw) bedankt heb daar don
[Potloodaantekening onderaan:] Komt 2/11 terug. * Inhoud: De schrijver, een marktkoopman in "koffie en koek", verzoekt om herstel van zijn marktvergunning op de Amsterdamse Nieuwmarkt. Hij legt uit dat hij een jaar in de gevangenis heeft gezeten. Tijdens zijn afwezigheid raakte zijn vrouw haar uitkering ("de steun") kwijt en kon zij de kraam niet bemensen. Bij terugkeer blijkt zijn vergunning door Sociale Zaken te zijn ingetrokken, officieel omdat er in mei 1943 "bedankt" (opgezegd) zou zijn. De schrijver vermoedt dat zijn vrouw dit mogelijk heeft gedaan uit onwetendheid of noodzaak.
* Toon: De brief is nederig en verklarend. De schrijver probeert de bureaucratische beslissing aan te vechten door de menselijke kant van zijn situatie te belichten.
* Ambtelijke verwerking: De diagonale tekst bovenaan lijkt een besluit van een ambtenaar: de schrijver krijgt geen plek terug op de Nieuwmarkt, maar mag eventueel wel op een andere dagmarkt staan. De potloodnotitie onderaan suggereert een vervolgafspraak op 2 november. * Historische periode: De brief stamt uit de kern van de Duitse bezetting (1943). De vermelding van het sluiten van het Waterlooplein is historisch saillant; dit was de traditionele Joodse markt die door de bezetter was ontmanteld. Veel niet-Joodse handelaren verhuisden daarop naar de Nieuwmarkt.
* Sociaal-economisch: Het document illustreert de precaire positie van kleine zelfstandigen tijdens de oorlog. De combinatie van gevangenschap (mogelijk wegens zwarte handel of een ander vergrijp in de crisistijd) en het wegvallen van sociale voorzieningen ("de steun") bracht gezinnen direct in de problemen.
* Administratief: Het document is een typisch voorbeeld van de strikte marktregulering in Amsterdam tijdens de bezettingsjaren, waarbij vergunningen nauwgezet werden beheerd en ingetrokken bij afwezigheid. Puls