Archief 745
Inventaris 745-403
Pagina 497
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie

11 november 1943 Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van de Markten) Aan: De Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam

Origineel

Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie 11 november 1943 De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van de Markten) De Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam Verzonden 11/11 Insp [?]

G/SV

33/10/4 M.

11 November 1943.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
==============

In bijlage dezes heb ik de eer U afschriften
te doen toekomen van op 4 en 25 October jl. door een
ambtenaar van mijn dienst opgemaakte rapporten, waaruit
blijkt, dat J.C.Overkamp, geboren 25 Maart 1891, wonende
Rozenstraat 50 I, alhier, op de Noordermarkt textiel-
goederen heeft uitgestald zonder in het bezit te zijn
van de daarvoor benoodigde textielvergunning. Bovendien
heeft hij zich tegenover ambtenaren van de "Distex" zeer
onbehoorlijk gedragen waardoor hij de goede orde op boven-
genoemde markt ernstig in gevaar bracht. Op grond van
het bovenstaande heb ik Overkamp voornoemd het recht ont-
nomen om gedurende 14 dagen, namelijk van Donderdag 11
tot en met Woensdag 24 November 1943, een plaats op een
der markten hier ter stede in te nemen.

Ik ben echter van meening, dat Overkamp voor
langeren tijd van de markten moet worden geweerd en geef
U mitsdien in overweging wel te willen bevorderen, dat
Overkamp voornoemd in aansluiting op mijn straf ingevolge
artikel 39 van het Reglement van de Markten door den
Burgemeester wordt gestraft met ontneming vanhet recht
om voor onbepaalden tijd een plaats op een der markten te
dezer stede in te nemen.

De Directeur, Dit document is een formele ambtelijke brief waarin wordt gerapporteerd over een overtreding door een marktkoopman, J.C. Overkamp, op de Amsterdamse Noordermarkt. De kernpunten zijn:
1. Economische overtreding: Het verkopen van textiel zonder de verplichte vergunning. In oorlogstijd was de handel in schaarse goederen zoals textiel streng gereguleerd via een distributiesysteem.
2. Wangedrag: De betrokkene heeft zich misdragen tegenover ambtenaren van de "Distex" (de organisatie verantwoordelijk voor de distributie van textiel).
3. Sanctie: De directeur van de marktdienst heeft reeds een tijdelijk marktverbod van 14 dagen opgelegd, maar adviseert de wethouder om de burgemeester te laten overgaan tot een verbanning voor onbepaalde tijd op basis van het Marktreglement. Het document dateert uit november 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Tijdens deze periode heerste er grote schaarste en waren bijna alle goederen, waaronder textiel, 'op de bon'. De controle hierop was rigoureus.

De "Distex" (Rijksbureau voor de Distributie van Textielproducten) was de instantie die de toewijzing van textiel beheerde. Overtredingen van de distributievoorschriften werden in deze jaren zwaar gestraft, omdat de bezetter en de collaborerende overheid de zwarte handel wilden indammen en de volledige controle over de goederenstroom wilden behouden. Het feit dat de directeur aandringt op een straf door de burgemeester (destijds de pro-Duitse Edward Voûte) voor onbepaalde tijd, illustreert de harde aanpak van onregelmatigheden op de markt in deze periode. De genoemde Rozenstraat en Noordermarkt bevestigen dat dit een Amsterdams dossier betreft.

Samenvatting

Dit document is een formele ambtelijke brief waarin wordt gerapporteerd over een overtreding door een marktkoopman, J.C. Overkamp, op de Amsterdamse Noordermarkt. De kernpunten zijn:
1. Economische overtreding: Het verkopen van textiel zonder de verplichte vergunning. In oorlogstijd was de handel in schaarse goederen zoals textiel streng gereguleerd via een distributiesysteem.
2. Wangedrag: De betrokkene heeft zich misdragen tegenover ambtenaren van de "Distex" (de organisatie verantwoordelijk voor de distributie van textiel).
3. Sanctie: De directeur van de marktdienst heeft reeds een tijdelijk marktverbod van 14 dagen opgelegd, maar adviseert de wethouder om de burgemeester te laten overgaan tot een verbanning voor onbepaalde tijd op basis van het Marktreglement.

Historische Context

Het document dateert uit november 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Tijdens deze periode heerste er grote schaarste en waren bijna alle goederen, waaronder textiel, 'op de bon'. De controle hierop was rigoureus.

De "Distex" (Rijksbureau voor de Distributie van Textielproducten) was de instantie die de toewijzing van textiel beheerde. Overtredingen van de distributievoorschriften werden in deze jaren zwaar gestraft, omdat de bezetter en de collaborerende overheid de zwarte handel wilden indammen en de volledige controle over de goederenstroom wilden behouden. Het feit dat de directeur aandringt op een straf door de burgemeester (destijds de pro-Duitse Edward Voûte) voor onbepaalde tijd, illustreert de harde aanpak van onregelmatigheden op de markt in deze periode. De genoemde Rozenstraat en Noordermarkt bevestigen dat dit een Amsterdams dossier betreft.

Gerelateerde Documenten 3