Ambbtelijke brief / adviesnota (doorslag of origineel getypt).
Origineel
Ambbtelijke brief / adviesnota (doorslag of origineel getypt). 8 juni 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Marktdienst of een relevante gemeentelijke afdeling). VP/HG. extra [handgeschreven]
27/46/2 M.
1
8 Juni 1939.
Verzoek van B.Olson om visch
te mogen bakken op markt
Ten Katestraat.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d.
9 Mei jl, om advies ontvangen stuk No.163 L.M.1938 heb ik de
eer U te berichten, dat bij beschikking van Burgemeester en
Wethouders d.d. 18 Augustus 1937 (No.500 L.M.1937) aan
R.Louwinger vergunning is verleend tot het bakken van visch
op de markten aan de Ten Katestraat en de Noordermarkt.
Louwinger, die niet meer als marktkoopman werkzaam is, heeft
verklaard, dat hij van de bedoelde vergunning geen gebruik
meer zal maken. Ik heb mitsdien de eer U beleefd in overwe-
ging te geven deze vergunning te doen intrekken.
Adressant verzoekt om voortaan in de plaats van
Louwinger op de markt Ten Katestraat visch te mogen bakken.
Het bakken op voornoemde markt heeft echter reeds herhaalde-
lijk tot klachten, zoowel van omwonenden als van marktkoop-
lieden, aanleiding gegeven. Nu Louwinger voor zijn vergun-
ning heeft bedankt, moet mijns inziens in elk geval worden
voorkomen, dat thans een ander op de markt weder zijn beroep
gaat opvatten. In overeenstemming met de beslissing vervat
in Uw brief d.d. 30 September 1937 (no.604 L.M.1937), dat
het aantal vergunningen voor het bakken van visch niet be-
hoort te worden uitgebreid, heb ik de eer U te adviseeren
het onderhavige verzoek van de hand te wijzen.
De Directeur, De kern van dit document is een negatief advies van een gemeentelijk directeur aan de wethouder. De aanvrager, B. Olson, wil de vrijgekomen plek van een vertrekkende visbakker (R. Louwinger) overnemen op de Ten Katemarkt.
De directeur voert twee belangrijke argumenten aan om dit te weigeren:
1. Overlast: Er zijn herhaaldelijk klachten geweest van zowel buurtbewoners als andere kooplieden over de stank of hinder van het visbakken op die locatie.
2. Beleid: Er is een staand beleid (uit 1937) om het aantal visbakvergunningen niet verder uit te breiden. De directeur ziet het vertrek van Louwinger als een kans om het totaal aantal bakplaatsen te verminderen zonder bestaande rechten aan te tasten.
De toon is uiterst formeel en ambtelijk, kenmerkend voor de vooroorlogse bureaucratie ("ik heb de eer U te berichten", "mitsdien"). Het document dateert van juni 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de regulering van markten in Amsterdam strikt. De Ten Katestraat en de Noordermarkt waren (en zijn) drukke volksmarkten.
Visbakken op de markt was in die tijd een punt van frictie; de geur en de rook zorgden in dichtbevolkte wijken als de Kinkerbuurt (Ten Katestraat) en de Jordaan (Noordermarkt) vaak voor protesten van omwonenden. De gemeente probeerde een balans te vinden tussen de economische belangen van de marktkooplui en de leefbaarheid voor de buurt. Uit deze brief blijkt dat de gemeente koos voor een uitsterfbeleid voor deze specifieke vergunningen om de overlast structureel te verminderen.