Officiële kennisgeving/brief betreffende een disciplinaire maatregel.
Origineel
Officiële kennisgeving/brief betreffende een disciplinaire maatregel. 7 augustus 1939. De Directeur van de Markten (ondertekend namens deze door de Secretaris), Amsterdam. extra
D/G.
27/80/2 M.
7 Augustus 1939.
den Heer P.H.J. Seljee,
Saxenburgerstraat 14,
Amsterdam-West.
Wyk 21.
My is gerapporteerd, dat U zich, ondanks myn des-
betreffend verbod, op 5 Augustus jl. op Uw plaats in de Ten
Katestraat heeft laten bystaan door een tweede assistente.
Op grond van dit feit heb ik U, krachtens artikel 3
39 lid 1 van het Reglement op de Markten voorwaardelyk ge-
straft met ontneming van het recht om op de markten hier
ter stede een plaats in te nemen voor den tyd van één dag.
Deze straf zal ten uitvoer worden gelegd, indien U zich bin-
nen één jaar na dato dezes andermaal aan een laakbare hande-
ling op een der markten hier ter stede schuldig maakt, on-
verminderd de straf, die alsdan op het nieuwe feit zal wor-
den gesteld.
De Directeur,
b.a. De Secretaris, In deze brief wordt de heer P.H.J. Seljee formeel op de hoogte gesteld van een voorwaardelijke straf. De aanleiding is een overtreding van het Marktenreglement: op 5 augustus 1939 had hij een tweede assistente bij zijn marktkraam in de Ten Katestraat, terwijl hem dit expliciet verboden was.
De straf bestaat uit het ontzeggen van het recht om één dag een marktplaats in te nemen in de stad (Amsterdam). Echter, de straf is voorwaardelijk met een proeftijd van één jaar. Alleen als de geadresseerde binnen dat jaar opnieuw een "laakbare handeling" begaat op een Amsterdamse markt, zal de schorsing van één dag daadwerkelijk worden uitgevoerd, bovenop de straf voor de nieuwe overtreding.
De juridische basis voor deze beslissing is artikel 39, lid 1 van het toenmalige Reglement op de Markten. Dit document biedt een inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse straatmarkten vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog (hoewel Nederland op dit moment nog neutraal was). De Ten Katemarkt in Amsterdam-West was, en is nog steeds, een van de drukkere markten van de stad.
De overheid hanteerde strikte regels voor marktkraamhouders, onder andere over de grootte van de standplaats en het aantal personeelsleden (assistenten) dat aanwezig mocht zijn. Dit was deels om de doorgang te waarborgen en deels om oneerlijke concurrentie of wildgroei te voorkomen. Het feit dat de Directeur van de Markten persoonlijk (via de secretaris) deze brief stuurt, onderstreept de autoriteit van de marktmeester en de bureaucratische afhandeling van marktgerelateerde overtredingen in die tijd. De spelling ("my", "voorwaardelyk") is kenmerkend voor het Nederlands van voor de spellinghervorming van Marchant (1934/1947), waarbij de 'y' nog vaak werd gebruikt waar we nu 'ij' schrijven. P.H.J. Seljee