Getypt rekest (afschrift van een brief).
Origineel
Getypt rekest (afschrift van een brief). 26 augustus 1939. De Weduwe M.H. Heijnings, wonende aan de Ten Katestraat 85-III, Amsterdam. Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. No. 27/93/1 M. 1939 Afschrift.
No. 23/9 L.M. 1939.
Amsterdam, 26 Augustus 1939.
Verzoek betreffende Edelachtbare Heeren!
(Vergunningkaart) Burgemeester en Wethouders van
Amsterdam.
Zeer Geachte Heeren,
Geeft met verschuldigden hoogachting te kennen ondergeteekende
de Wed: M.H. Heijnings, geboren te Amsterdam 12-11-1866 dat deze oude
vrouw en Moeder zich genoodzaakt ziet gezien haar leeftijd zich tot
Uw Edele Heeren moet wenden om te verzoeken mijn standplaatsvergunning
van Groenten en fruit op standplaats ten Katestraat No. 85 overgebracht
te zien op naam van mijn zoon J.F. Scheide (deze is bij mij inwonend, en
tracht voor zich en mijn in ons onderhoud te voorzien.
Wat is echter het geval Heeren.
Op mijn leeftijd is het mij onmogelijk den geheelen dag aan de kar te
staan, daar mijn zoon dit dan waarneemt is zulks verboden van de
Markt-Meester. Wat moet er nu van mij worden?
Ik op mijn oude dag geniet dit geluk dat mijn zoon voor mij zorgd zooveel
in zijn vermogen ligt.
Ik zou dus op mijn leeftijd als oude moeder Uw Heeren willen verzoeken
mijn vergunningskaart over te geven aan mijn zoon zoodat mijn laatste le-
vensdagen daar niet door verkort worden.
Zeer zeker weet ik dat indien Uw Heeren inlichtingen omtrent mij inwind
mij dit wel zal toestaan.
Bedenkt Uw geachte Heeren het is een oude Moeder die alleen haar vergun-
ning wil geven aan haar zoon die voor mij mijn alles is.
Hoogachtend,
Uw dienstwillige Dienaar
De Wed. M.H. Heijnings
en Zoon J.F. Scheide
Ten Katestraat No. 85 III
Alhier (West) * **Taalgebruik en Toon:** De brief is opgesteld in een uiterst eerbiedige, bijna smeekbede-achtige toon, kenmerkend voor formele correspondentie met de overheid in die tijd. De schrijfster doet een sterk moreel beroep op de geadresseerden door zichzelf herhaaldelijk te typeren als "oude vrouw en Moeder". Ze benadrukt haar afhankelijkheid en de vrees voor haar toekomst ("Wat moet er nu van mij worden?").
- Juridische Problematiek: Het document legt een strikt bureaucrematisch probleem bloot. In 1939 waren marktvergunningen strikt persoonsgebonden. Hoewel de zoon feitelijk het zware werk deed, trad de Marktmeester handhavend op omdat de vergunninghouder (de moeder) niet zelf bij de kar stond. De enige legale oplossing was een officiële overdracht van de vergunning.
- Structuur: De brief volgt de klassieke opbouw van een rekest: de aanhef, de uiteenzetting van de feiten (de leeftijd en de gezinssituatie), het feitelijke verzoek (overdracht vergunning) en de afsluiting met een emotionele appel. * Historisch Perspectief: De brief is gedateerd op 26 augustus 1939, slechts vijf dagen voor de Duitse inval in Polen en het begin van de Tweede Wereldoorlog. Terwijl de wereldpolitiek op barsten stond, hielden gewone Amsterdammers zich bezig met hun dagelijks brood en de strikte regels van de marktverordening.
- Sociaal-Economisch: De Ten Katemarkt in Amsterdam-West was (en is) een vitale handelsplek. Voor de familie Heijnings-Scheide was de standplaats hun enige bron van inkomsten. In een tijd zonder uitgebreid sociaal vangnet was de overdracht van zo'n vergunning essentieel voor het overleven van de familie-eenheid.
- Administratieve bron: Dit document is gemarkeerd als 'Afschrift', wat betekent dat het een getypte kopie is die waarschijnlijk werd bewaard in het gemeentearchief als onderdeel van het dossier over marktvergunningen.