Archief 745
Inventaris 745-412
Pagina 43
Dossier 109
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypte ambtelijke correspondentie (brief).

5 juni 1943 (verzonden op 7 juni 1943 blijkens handgeschreven aantekening). Van: Onbekend (ondertekend door "De Directeur"), vermoedelijk een lokale of regionale distributie-instantie.

Origineel

Getypte ambtelijke correspondentie (brief). 5 juni 1943 (verzonden op 7 juni 1943 blijkens handgeschreven aantekening). Onbekend (ondertekend door "De Directeur"), vermoedelijk een lokale of regionale distributie-instantie. [Handgeschreven rechtsboven:]
Verzonden 7/6 mns
HB.

[Linksboven:]
46b/177/ 3. 5 Juni 1943.
/2M.
toewijzing visch
B.Rietveld, H.J.
Hofman en F.Goed-
koop.

[Rechtsmidden, adressering:]
Den Heer Directeur der Neder-
landsche Visscherijcentrale,
2e Adelheidstraat 300,
's - G r a v e n h a g e .

[Inhoud:]
Onder terugzending van de met Uw brief d.d. 6 Mei jl. no. 11828/V/Pe. om advies ontvangen stukken, heb ik de eer U het volgende te berichten.

B. Rietveld, Borgerstraat 167 III, Amsterdam komt op de verdeellijsten voor met de volgende toewijzingen: 1 x zoetwatervisch, 1 x versche aal, 1 x zeevisch, 3 x ongepelde garnalen, 2 x gepelde garnalen, 1 x ger.aal en 1 x gerookte visch. De Verdeelingscommissie acht deze toewijzingen voldoende.

H.J. Hofman, Cyclamestraat 3, Amsterdam is haringkoopman en heeft uit dien hoofde geen recht op andere visch.

F. Goedkoop, Purmerplein 10, Amsterdam is door de Verdeelingscommissie voor een toewijzing van visch afgewezen, omdat hij in den vischhandel niet bekend is.

De Directeur, De brief is een administratief advies over de verdeling van schaarse middelen (vis) tijdens de Tweede Wereldoorlog. Uit de tekst vallen drie besluiten op:
1. B. Rietveld: Ontvangt een breed assortiment aan visproducten. De commissie stelt vast dat dit pakket ruim voldoende is en er geen uitbreiding nodig is.
2. H.J. Hofman: Wordt beperkt in zijn handel. Omdat hij geregistreerd staat als 'haringkoopman', mag hij strikt genomen geen andere vissoorten verhandelen of toegewezen krijgen.
3. F. Goedkoop: Wordt volledig uitgesloten van toewijzing. De reden hiervoor is dat hij niet bekend is binnen de officiële vissector, wat suggereert dat de autoriteiten streng controleerden op wie er als legitieme handelaar werd beschouwd. Dit document stamt uit juni 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening was in deze periode volledig gecentraliseerd en onderworpen aan een streng distributiesysteem om tekorten te beheersen en de Duitse oorlogsmachine te ondersteunen.

De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) speelde hierin een cruciale rol; zij controleerden de gehele keten van vangst tot consumptie. De brief illustreert de bureaucratische controle op individueel niveau: zelfs de toewijzing van een paar porties garnalen of aal aan een specifieke handelaar in Amsterdam werd op hoog niveau (Den Haag) getoetst en geadviseerd. Het toont aan hoe marktwerking was vervangen door strikte overheidssturing, waarbij "bekendheid in de handel" een voorwaarde was voor bestaansrecht.

Samenvatting

De brief is een administratief advies over de verdeling van schaarse middelen (vis) tijdens de Tweede Wereldoorlog. Uit de tekst vallen drie besluiten op:
1. B. Rietveld: Ontvangt een breed assortiment aan visproducten. De commissie stelt vast dat dit pakket ruim voldoende is en er geen uitbreiding nodig is.
2. H.J. Hofman: Wordt beperkt in zijn handel. Omdat hij geregistreerd staat als 'haringkoopman', mag hij strikt genomen geen andere vissoorten verhandelen of toegewezen krijgen.
3. F. Goedkoop: Wordt volledig uitgesloten van toewijzing. De reden hiervoor is dat hij niet bekend is binnen de officiële vissector, wat suggereert dat de autoriteiten streng controleerden op wie er als legitieme handelaar werd beschouwd.

Historische Context

Dit document stamt uit juni 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening was in deze periode volledig gecentraliseerd en onderworpen aan een streng distributiesysteem om tekorten te beheersen en de Duitse oorlogsmachine te ondersteunen.

De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) speelde hierin een cruciale rol; zij controleerden de gehele keten van vangst tot consumptie. De brief illustreert de bureaucratische controle op individueel niveau: zelfs de toewijzing van een paar porties garnalen of aal aan een specifieke handelaar in Amsterdam werd op hoog niveau (Den Haag) getoetst en geadviseerd. Het toont aan hoe marktwerking was vervangen door strikte overheidssturing, waarbij "bekendheid in de handel" een voorwaarde was voor bestaansrecht.

Gerelateerde Documenten 1