Archief 745
Inventaris 745-412
Pagina 484
Dossier 27
Jaar 1943
Stadsarchief

Brief (handgeschreven)

25 november 1943. Van: Een visthandelaar (naam niet vermeld onderaan deze pagina, maar gevestigd aan de Lindengracht 233). Aan: Den WelEd. Heer ter Haar, Voorzitter Vischverdelingscommissie, Markthallencomplex, Amsterdam. Dossier: 466/297/1

Origineel

Brief (handgeschreven) 25 november 1943. Een visthandelaar (naam niet vermeld onderaan deze pagina, maar gevestigd aan de Lindengracht 233). Den WelEd. Heer ter Haar, Voorzitter Vischverdelingscommissie, Markthallencomplex, Amsterdam. Den WelEd. Heer ter Haar
Voorzitter Vischverdelingscommissie
Markthallencomplex
Amsterdam

No. 466/297/1 M. 1943 27/11 [stempel]
A’dam; 25-11-’43
Dinsdag middag [handgeschreven]

W!

Hiermede neem ik de vrijheid het beleefde verzoek tot U te richten te willen overwegen of de mogelijkheid bestaat dat ik word opgenomen onder hèn, wien in de verdeling fijnvisch toegewezen wordt.

Gedurende mijn 50-jarige loopbaan als vischhandelaar heb ik steeds fijnvisch verkocht; de Heer Stam alsmede de Heeren K. Lammers en H. Böhne, met wie ik wel samen kocht, kunnen U dit bevestigen.

De verkoop vindt plaats, zoals U bekend is, in mijn van ouds gevestigde hal Lindengracht 233, alhier.

In de verwachting, dat U dit mijn verzoek in welwillende overweging zult nemen, Het document is een formeel verzoekschrift van een ervaren Amsterdamse vishandelaar aan de voorzitter van de Vischverdelingscommissie. De kern van het verzoek is om opgenomen te worden in de distributielijst voor "fijnvisch" (luxere vissoorten zoals tong of tarbot, in tegenstelling tot "consumptievisch" zoals haring of wijting).

De schrijver voert twee belangrijke argumenten aan:
1. Ervaring en traditie: Hij benadrukt zijn 50-jarige loopbaan en het feit dat zijn zaak aan de Lindengracht 233 "van ouds gevestigd" is.
2. Referenties: Hij noemt drie namen (Stam, Lammers en Böhne) die als getuigen kunnen fungeren voor zijn status als handelaar in fijnvisch.

De toon is uiterst beleefd en onderdanig ("neem ik de vrijheid", "beleefde verzoek", "welwillende overweging"), wat typerend is voor de zakelijke correspondentie uit die tijd, zeker wanneer men afhankelijk was van ambtelijke toewijzingen. Dit document stamt uit november 1943, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van schaarste en stonden de handel en distributie van levensmiddelen onder strikt toezicht van centrale commissies en distributienetwerken.

De Vischverdelingscommissie speelde een cruciale rol in wie welk type vis mocht verkopen. Omdat veel goederen op de bon waren of simpelweg schaars waren, bepaalde de commissie de toewijzing aan de detailhandel. "Fijnvisch" was schaars en de handel hierin was lucratiever of noodzakelijk voor het behoud van de specifieke klantenkring van de handelaar.

De locatie Lindengracht 233 bevindt zich in de Jordaan. De Lindengracht was van oudsher een plek met veel handel en markten. Dat de schrijver al 50 jaar in het vak zit, betekent dat hij zijn onderneming al rond 1893 is gestart, ruim voor de Eerste Wereldoorlog. De brief geeft hiermee een inkijkje in de overlevingsstrijd van kleine zelfstandigen in oorlogstijd, waarbij men volledig afhankelijk was van bureaucratische beslissingen voor hun broodwinning. K. Lammers

Samenvatting

Het document is een formeel verzoekschrift van een ervaren Amsterdamse vishandelaar aan de voorzitter van de Vischverdelingscommissie. De kern van het verzoek is om opgenomen te worden in de distributielijst voor "fijnvisch" (luxere vissoorten zoals tong of tarbot, in tegenstelling tot "consumptievisch" zoals haring of wijting).

De schrijver voert twee belangrijke argumenten aan:
1. Ervaring en traditie: Hij benadrukt zijn 50-jarige loopbaan en het feit dat zijn zaak aan de Lindengracht 233 "van ouds gevestigd" is.
2. Referenties: Hij noemt drie namen (Stam, Lammers en Böhne) die als getuigen kunnen fungeren voor zijn status als handelaar in fijnvisch.

De toon is uiterst beleefd en onderdanig ("neem ik de vrijheid", "beleefde verzoek", "welwillende overweging"), wat typerend is voor de zakelijke correspondentie uit die tijd, zeker wanneer men afhankelijk was van ambtelijke toewijzingen.

Historische Context

Dit document stamt uit november 1943, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van schaarste en stonden de handel en distributie van levensmiddelen onder strikt toezicht van centrale commissies en distributienetwerken.

De Vischverdelingscommissie speelde een cruciale rol in wie welk type vis mocht verkopen. Omdat veel goederen op de bon waren of simpelweg schaars waren, bepaalde de commissie de toewijzing aan de detailhandel. "Fijnvisch" was schaars en de handel hierin was lucratiever of noodzakelijk voor het behoud van de specifieke klantenkring van de handelaar.

De locatie Lindengracht 233 bevindt zich in de Jordaan. De Lindengracht was van oudsher een plek met veel handel en markten. Dat de schrijver al 50 jaar in het vak zit, betekent dat hij zijn onderneming al rond 1893 is gestart, ruim voor de Eerste Wereldoorlog. De brief geeft hiermee een inkijkje in de overlevingsstrijd van kleine zelfstandigen in oorlogstijd, waarbij men volledig afhankelijk was van bureaucratische beslissingen voor hun broodwinning.

Genoemde Personen 1

Locaties

Centrale Markt Lindengracht

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Peren Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Haring Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 1