Archief 745
Inventaris 745-434
Pagina 115
Dossier 23
Jaar 1944
Stadsarchief

Gedrukte ambtelijke correspondentie (twee bijlagen, II en III).

1 juli 1916 (Bijlage II) en 17 juli 1916 (Bijlage III).

Origineel

Gedrukte ambtelijke correspondentie (twee bijlagen, II en III). 1 juli 1916 (Bijlage II) en 17 juli 1916 (Bijlage III). BIJLAGE II.
AMSTERDAM, den 1 Juli 1916.

Aan
H.H. Burgemeester en Wethouders
der Gemeente Amsterdam, Stadhuis
Stad.

Mijne Heeren,

Geeft te kennen de Afdeeling „Amsterdam” van den Alg. Nederl. Ambtenaarsbond, dat de positie der losse schrijvers en van het overeenkomstig personeel aan de verschillende diensten niet is geregeld, en o.m. geen bepalingen zijn getroffen ten aanzien van de vacantie van dit tijdelijk personeel;
dat er in deze groep tal van personen zijn aan te wijzen, die sinds de mobilisatie tijdelijke diensten aan de gemeente hebben bewezen en nog bewijzen, zonderdat zij in de gelegenheid zijn geweest zich op behoorlijke wijze te ontspannen;
dat hierdoor de arbeidskracht dezer personen meer wordt uitgeput, dan in verband met de eischen der hygiëne wenschelijk mag worden geacht;
dat het vacantie-seizoen thans een aanvang neemt;
Redenen waarom de Afdeeling voornoemd Uw College beleefd verzoekt het losse ambtenaars-personeel, wat de regeling der vacantie betreft, gelijk te willen stellen met het vaste personeel.

’t Welk doende, enz.:
Namens het Afdeelingsbestuur,
(w.g.) F. S. NOORDHOFF, Voorzitter.
(w.g.) H. VAN DUGTEREN, Secretaris.


BIJLAGE III.

GEMEENTEBESTUUR VAN AMSTERDAM

No. 13009.
258 A.S.
AMSTERDAM, 17 Juli 1916.

Naar aanleiding van Uw schrijven van 1 Juli 1916, deelen wij U mede, dat aan het tijdelijk personeel in Gemeentedienst dat minstens zes achtereenvolgende maanden werkzaam is, veelal een vacantie van eene week wordt verleend, voor zoover de werkzaamheden, waarvoor zij zijn aangenomen, dit toelaten en daarbij niet te kort wordt gedaan aan het zomerverlof van het vaste personeel.
Ten einde deze regeling meer algemeen voor de verschillende diensten tot zijn recht te doen komen is thans door ons een desbetreffend besluit genomen.

Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
(w.g). TELLEGEN.
de Secretaris,
(w.g.) J. A. BAËZA.

Aan het Bestuur der afdeeling „Amsterdam”
van den Algemeenen Nederlandschen
Ambtenaarsbond. Dit document bevat een formeel verzoek van een vakbond (de Algemene Nederlandse Ambtenaarsbond) en de daaropvolgende beslissing van het stadsbestuur van Amsterdam.

De vakbond pleit voor vakantierechten voor 'losse schrijvers' en ander tijdelijk personeel. Hun argument is dat deze mensen sinds het begin van de mobilisatie (voor de Eerste Wereldoorlog) hard hebben doorgewerkt zonder rust, wat schadelijk zou zijn voor de gezondheid ("eischen der hygiëne").

Het antwoord van de gemeente (ondertekend door de bekende burgemeester J.W.C. Tellegen) is positief: er wordt officieel besloten dat tijdelijk personeel met minstens zes maanden diensttijd recht heeft op één week vakantie, mits de werkzaamheden dit toelaten. Het document dateert uit 1916, midden in de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, had de mobilisatie grote invloed op de samenleving en de werkdruk bij de overheid. De term "losse schrijvers" verwijst naar klerken die op tijdelijke basis werden ingehuurd, vaak zonder de secundaire arbeidsvoorwaarden die voor vast personeel golden.

De briefwisseling illustreert de opkomst van de vakbeweging en de professionalisering van de arbeidsvoorwaarden binnen de overheid. Burgemeester Tellegen, die het antwoord ondertekende, stond bekend om zijn sociale bewogenheid en zijn inzet voor betere woon- en werkomstandigheden in Amsterdam (onder meer via de Woningwet).

Samenvatting

Dit document bevat een formeel verzoek van een vakbond (de Algemene Nederlandse Ambtenaarsbond) en de daaropvolgende beslissing van het stadsbestuur van Amsterdam.

De vakbond pleit voor vakantierechten voor 'losse schrijvers' en ander tijdelijk personeel. Hun argument is dat deze mensen sinds het begin van de mobilisatie (voor de Eerste Wereldoorlog) hard hebben doorgewerkt zonder rust, wat schadelijk zou zijn voor de gezondheid ("eischen der hygiëne").

Het antwoord van de gemeente (ondertekend door de bekende burgemeester J.W.C. Tellegen) is positief: er wordt officieel besloten dat tijdelijk personeel met minstens zes maanden diensttijd recht heeft op één week vakantie, mits de werkzaamheden dit toelaten.

Historische Context

Het document dateert uit 1916, midden in de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, had de mobilisatie grote invloed op de samenleving en de werkdruk bij de overheid. De term "losse schrijvers" verwijst naar klerken die op tijdelijke basis werden ingehuurd, vaak zonder de secundaire arbeidsvoorwaarden die voor vast personeel golden.

De briefwisseling illustreert de opkomst van de vakbeweging en de professionalisering van de arbeidsvoorwaarden binnen de overheid. Burgemeester Tellegen, die het antwoord ondertekende, stond bekend om zijn sociale bewogenheid en zijn inzet voor betere woon- en werkomstandigheden in Amsterdam (onder meer via de Woningwet).

Locaties

Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 1

M.A.Sieverts Waterlooplein 2