Brief / Handgeschreven vragenlijst.
Origineel
Brief / Handgeschreven vragenlijst. [Linkerkolom]
misschien kunt u voor
mij uw antwoord
morgen middag (Woensdag)
in de Raadszaal kunnen
doen bezorgen.
Het betreft de volgende
punten.
1. Gaat de inkoop van visch
nog steeds op de wijze
als in het jaarverslag 1915 be-
schreven is? (één kooper, enz.) IJmuide.
2. U vergelijkt de prijzen met
vijf particuliere winkels.
Zijn die willekeurig gekoze?
(Drukker is een heele dure
winkel.) Zijn de andere volks-
winkels? Geven deze prijzen zekerheid
[Rechterkolom]
voor het gemiddelde in
alle particuliere winkels?
3. Hebben particulieren
naar uw weten schade
geleden door de oprichting
der 11 vischwinkels?
Gingen sommige belang-
hebbenden in “gemeente-
dienst”?
4. Gelooft u, dat in de
toekomst eigen trawlers
de prijs zal doen dalen?
Uw cijfers over het “opleggen”
door de reeders wijzen erop
(“opleggen” is stilleggen, niet
waar)
Hoogachtend
W.C.B. Pothuis-Smit In dit document stelt de afzender vier kritische vragen aan een onbekende geadresseerde (waarschijnlijk een wethouder of voorzitter van een commissie). De kern van de vragen draait om de efficiëntie en de sociale rechtvaardigheid van de gemeentelijke bemoeienis met de vismarkt.
Er wordt specifiek gevraagd naar:
1. De inkoopmethode: Of de gecentraliseerde inkoop in IJmuiden nog steeds door één koper wordt gedaan.
2. Prijsvergelijking: De auteur twijfelt aan de representativiteit van de prijsvergelijkingen die de gemeente gebruikt, waarbij ze de winkel 'Drukker' expliciet als te duur benoemt.
3. Concurrentie: Er is aandacht voor de impact op private ondernemers en of zij eventueel door de gemeente zijn geabsorbeerd ("in gemeentedienst").
4. Toekomstvisie: De vraag of de gemeente zelf trawlers (vissersschepen) moet gaan exploiteren om de prijzen te drukken.
Het handschrift is een vlot, geoefend cursief uit het begin van de 20e eeuw, kenmerkend voor de ontwikkelde burgerij/politieke klasse uit die tijd. De afzender, Carry Pothuis-Smit (1873-1951), was een bekende Nederlandse feministe en SDAP-politica. Zij was het eerste vrouwelijke lid van de Eerste Kamer en zat voor de SDAP in de Amsterdamse gemeenteraad.
Dit schrijven moet geplaatst worden in de context van de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, heerste er grote schaarste en voedselnood. Gemeenten (zoals Amsterdam) grepen in door zelf winkels te openen of centrale inkoop te organiseren om producten zoals vis betaalbaar te houden voor het "volk". Pothuis-Smit controleert hier als raadslid of de uitvoering van dit beleid wel daadwerkelijk ten gunste van de arbeider komt en of de gebruikte statistieken in het jaarverslag de werkelijkheid niet flatteren. De term "opleggen" die zij noemt, verwijst naar het bewust aan de ketting leggen van schepen door reders om de visprijzen kunstmatig hoog te houden.