Archief 745
Inventaris 745-54
Pagina 34
Dossier 75
Jaar 1920
Stadsarchief

Getypt besluit/reglement (doorslag).

1920 (verwijst naar data in 1919).

Origineel

Getypt besluit/reglement (doorslag). 1920 (verwijst naar data in 1919). [Handgeschreven linksboven:]
№ 1179 M. 1920. 8/4

[Getypt:]
II. aan de op 1 October 1919 in dienst zijnde ambtenaren op jaarloon, wier jaarwedde op dien datum minder dan f. 4200.- bedraagt, een verhooging van het salaris met f. 200.- toe te kennen, of zooveel minder als noodig is, om een salaris van f. 4200.- te bereiken, welke toekenning geen invloed zal hebben op de regelmatige toekenning der periodieke verhoogingen;

2e. Burgemeester en Wethouders uit te noodigen, om aan de ambtenaren, die op of na 1 October 1919 twintig dienstjaren in hun rang bij de Gemeente hebben of zullen hebben verkregen, het maximum-salaris, aan hun rang verbonden, toe te kennen.

Besluiten:

I. de Leden van het College uit te noodigen, zoo spoedig mogelijk de vaststelling voor te bereiden van de wedden, waarop de ambtenaren krachtens de gewijzigde salarisregeling recht hebben, en daarbij de volgende bepalingen in acht te nemen;

a. ambtenaren, voor wie, in afwijking van de "voorloopige" indeeling, later hoogere salarisgrenzen zijn vastgesteld, en aan wie daarbij is medegedeeld dat hun salarisgrenzen geen verhooging zullen ondergaan, tengevolge van de nieuwe salarisregeling, zullen gerangschikt worden in de groep, welke overeenkomt of ongeveer overeenkomt met de voor hen vastgestelde salarisgrenzen.

b. het salaris van een ambtenaar, die op 1 October 1919 twintig of meer dienstjaren bij de Gemeente heeft, of later zal hebben verkregen, en in den loop van dien diensttijd tot hoogeren rang is bevorderd geworden, zal op dien datum niet lager bepaald worden dan het zou bedragen hebben, indien hij niet tot hoogeren rang bevorderd ware. [Omcirkeld in rood]

c. onder dienstjaren, bedoeld onder II 2e van het raadsbesluit zijn te verstaan werkelijke dienstjaren, niet berekende dienstjaren;

d. indien een ambtenaar in verband met de invoering der salarisregeling ingegaan op 1 Januari 1919, bevorderd is geworden tot een hoogeren rang, zullen de jaren in den vroegeren rang, die voor de berekening van het salaris in den hoogeren rang op 1 Januari 1919 in aanmerking zijn gebracht, voor de toepassing van het bepaalde onder II 2e van het raadsbesluit slechts meetellen voor den rang, waarin zij zijn doorgebracht.

e. de toekenning der eerstvolgende periodieke verhooging geschiedt, zoowel wat het bedrag als wat het tijdstip der verhooging betreft, Dit document is een ambtelijk besluit betreffende de bezoldiging van gemeenteambtenaren. De tekst is opgesteld in een formele, juridische stijl die kenmerkend is voor de Nederlandse overheid aan het begin van de 20e eeuw.

De kern van het document ligt in de overgangsregelingen voor salarissen na een herziening van de salarisregels. Er wordt onderscheid gemaakt tussen ambtenaren met een salaris onder een bepaalde grens (f. 4200,-) en ambtenaren met een lang dienstverband (20 jaar of meer). Een specifiek punt van aandacht (gezien de rode cirkel) is bepaling 'b', die een garantie biedt dat een promotie naar een hogere rang nooit mag leiden tot een lager salaris dan men in de lagere rang op basis van anciënniteit zou hebben ontvangen.

Het document vertoont de typische kenmerken van een doorslag (carbon copy), waarbij de inkt een paarsblauwe waas heeft. De handgeschreven kenmerken wijzen op een administratieve archivering. Na de Eerste Wereldoorlog had Nederland te kampen met aanzienlijke inflatie, wat leidde tot brede ontevredenheid onder ambtenaren over hun koopkracht. Dit resulteerde in 1919 en 1920 in vele gemeenten tot grootschalige herzieningen van de salarisregelingen.

Dit specifieke document lijkt een uitvloeisel van een "Raadsbesluit" (zoals vermeld in punt c en d). Het College van Burgemeester en Wethouders krijgt hier de opdracht om de praktische uitvoering van de nieuwe salarissen voor te bereiden. De nadruk op "werkelijke dienstjaren" versus "berekende dienstjaren" suggereert een strengere controle op anciënniteit om de loonsom te beheersen. De grens van 4200 gulden was in die tijd een aanzienlijk salaris, vaak behorend bij hogere beambten of afdelingshoofden.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk besluit betreffende de bezoldiging van gemeenteambtenaren. De tekst is opgesteld in een formele, juridische stijl die kenmerkend is voor de Nederlandse overheid aan het begin van de 20e eeuw.

De kern van het document ligt in de overgangsregelingen voor salarissen na een herziening van de salarisregels. Er wordt onderscheid gemaakt tussen ambtenaren met een salaris onder een bepaalde grens (f. 4200,-) en ambtenaren met een lang dienstverband (20 jaar of meer). Een specifiek punt van aandacht (gezien de rode cirkel) is bepaling 'b', die een garantie biedt dat een promotie naar een hogere rang nooit mag leiden tot een lager salaris dan men in de lagere rang op basis van anciënniteit zou hebben ontvangen.

Het document vertoont de typische kenmerken van een doorslag (carbon copy), waarbij de inkt een paarsblauwe waas heeft. De handgeschreven kenmerken wijzen op een administratieve archivering.

Historische Context

Na de Eerste Wereldoorlog had Nederland te kampen met aanzienlijke inflatie, wat leidde tot brede ontevredenheid onder ambtenaren over hun koopkracht. Dit resulteerde in 1919 en 1920 in vele gemeenten tot grootschalige herzieningen van de salarisregelingen.

Dit specifieke document lijkt een uitvloeisel van een "Raadsbesluit" (zoals vermeld in punt c en d). Het College van Burgemeester en Wethouders krijgt hier de opdracht om de praktische uitvoering van de nieuwe salarissen voor te bereiden. De nadruk op "werkelijke dienstjaren" versus "berekende dienstjaren" suggereert een strengere controle op anciënniteit om de loonsom te beheersen. De grens van 4200 gulden was in die tijd een aanzienlijk salaris, vaak behorend bij hogere beambten of afdelingshoofden.

Kooplieden in dit dossier 31

H.L. Bonte Waterlooplein 380
H.L. Bonte Waterlooplein 150
V.V.O. Diverse Waterlooplein 4,10-8,50
V.V.O. Diverse Waterlooplein -
V.V.O. Diverse Waterlooplein *433 „ 200 Malta*
V.V.O. Diverse Waterlooplein *H. O. K.*
A. Geboorte Waterlooplein *"*
R. Eigenheimers Waterlooplein 4,10
R. Eigenheimers Waterlooplein *Drente*
R. Eigenheimers Waterlooplein -
E.A. Borgerstr Waterlooplein 3,25. 6,45
A. Geboorte Waterlooplein *Friesland*
Geldersche Bravo's Waterlooplein -
A. Groenten Waterlooplein 1549
79 gulden). " 0,23
B. Schelvisch " 0,45
Polder poters Waterlooplein -
Rijper *Limburgsche industrie* Waterlooplein *Limburg*
K. Bloemen Waterlooplein 222
R. Eigenheimers Waterlooplein *N. Holl. eilanden*
Zeeuwsche blauwen Waterlooplein 10.- 10,75
A. Geboorte Waterlooplein *Zeeland*
Alle 31 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2