Ambtelijke brief / rapportage.
Origineel
Ambtelijke brief / rapportage. 26 mei 1920. [Briefhoofd:]
GEMEENTELIJKE VISCHVOORZIENING
AMSTERDAM, 26 Mei. 1920.
Den heer Wethouder v/h Levensmiddelenbedrijf
In voldoening aan Uw desbetreffend verzoek deel ik U nog het volgende mede omtrent de voorziening der Gemeentelijke instellingen met eieren en peulvruchten.
Eieren. De dienst van het Marktwezen werd in September 1919 belast met den aankoop van eieren voor alle Gemeentelijke instellingen die dit artikel verbruiken.
Door den heer Wethouder van de Openbare Gezondheid werd een opgave verstrekt van de hoeveelheden eieren die voor elk der bedoelde instellingen gedurende het winterseizoen 1919/20 noodig waren.
Deze hoeveelheden zijn aangekocht in een tijd toen de prijzen nog vrij gunstig waren & deels gebruik van directe levering, deels geplaatst in het koelhuis van het Abattoir voor latere levering. De bedoeling was om de eieren koelhuiseieren te doen strekken tot den tijd dat er weer voldoende aanvoer zou zijn van versche eieren tegen redelijken prijs.
Met den aankoop van de eieren werd een firma belast die reeds eerder voor de Gemeente had gewerkt en daarbij haar opdracht naar behooren had uitgevoerd. Deze firma nam tevens op zich de zorg voor het transport der eieren naar de inrichting, het schouwen der eieren & de vakkundige behandeling tijdens de bewaring. Tevens droeg zij de risico van de eieren d.w.z. de exemplaren die tijdens bewaring, transport enz. wegens bederf of kneuzing werden uitgesorteerd kwamen voor hare rekening. De vergoeding die de firma voor een en ander ontving was begrepen in de eenheidsprijs die ze per voor afgeleverde eieren ontving.
Het is daardoor mogelijk geweest [tekst breekt hier af]
[Kantlijn links onderaan:]
1e termijn bij de noodige emballage aan levering
--- Dit document is een verslag van de Gemeentelijke Vischvoorziening aan de wethouder, waarin verantwoording wordt afgelegd over het inkoopbeleid van eieren voor het winterseizoen 1919-1920. Hoewel de afzender de visvoorziening is, blijkt uit de tekst dat verschillende gemeentelijke diensten (Marktwezen, Openbare Gezondheid en het Abattoir) nauw samenwerkten bij de voedselvoorziening.
De kern van de strategie was marktregulatie en voorraadvorming:
1. Gunstige inkoop: De eieren werden in september gekocht toen de prijzen laag waren.
2. Opslag: Een deel werd direct geleverd, een ander deel werd opgeslagen in de koelcellen van het Abattoir (slachthuis) om tekorten in de winter op te vangen.
3. Risicobeheer: De gemeente besteedde het logistieke proces (transport, kwaliteitscontrole/schouwen en opslag) uit aan een externe firma. Belangrijk is dat het financiële risico voor bederf of breuk ("kneuzing") bij de firma lag; dit was ingecalculeerd in de vaste prijs per geleverd ei.
--- Het document dateert van mei 1920, de periode direct na de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, had de oorlog geleid tot enorme schaarste en prijsstijgingen van basisvoedingsmiddelen. De gemeente Amsterdam speelde in die jaren een actieve rol in de distributie en prijsbeheersing van voedsel (het zogenaamde 'gemeentesocialisme' onder wethouder Wibaut).
De "Gemeentelijke Vischvoorziening" en het "Levensmiddelenbedrijf" waren instrumenten om de bevolking en instellingen (zoals ziekenhuizen en armenhuizen) van betaalbaar eten te voorzien. Het gebruik van het Abattoir voor de opslag van eieren toont aan hoe de gemeente haar industriële infrastructuur efficiënt inzette voor de voedselzekerheid. Het "schouwen" van de eieren (met licht controleren op versheid) was in die tijd een essentiële handmatige kwaliteitscontrole.